DOMINO 06 :: Rough Trade Label Night :: 11 april 2006, AB

Labelnights op Domino, het is geen nieuw fenomeen. Met het Rough Trade van Geoff Travis had het festival dit jaar wel één met ferm wat grote namen aan de haak geslagen. De krenten die programmator Kurt Overbergh uit de pap viste, heetten dinsdag Jenny Lewis, The Veils, Adam Green, Emiliana Torrini en een compleet overbodig The Brakes.

"Run, Devil Run". Net als op haar eerste soloplaat komt Jenny Lewis hier a capella het podium opgewandeld met in haar kielzog de Watson Twins: twee in traditionele jurken gestoken zussen met gouden keeltjes. Van dan af krijgen we netjes afgewisseld de plakkers en de wat meer uptemposongs van op Rabbit Fur Coat. "You Are What You Love" huppelt vrolijk heen en weer, toch stoort de cowboyfactor na een tijdje. Ging Lewis op plaat al ietsje té voor de pastiche, op het AB-podium wordt voluit gegaan voor de countrykitsch met old-style jurken, countryhemden met stiksels en die al te klassieke poses. Breekt het jaren veertigplaatje: het flesje Ciney dat Lewis gretig aan de lippen zet als ze mooi mee in lijn gaat wiegen. Ook na vanavond blijven we Lewis echter bij Rilo Kiley prefereren.

Met angst in de ogen trapt Finn Andrews het optreden van The Veils in de Club af. Nochtans moet hij zich geen zorgen maken. Puike versies van een paar oude songs van op The Runaway Found worden afgewisseld met vooral veel nieuw werk. Dat lijkt alvast iets steviger te zullen zijn, maar een eindoordeel houden we nog in beraad tot die nieuwe plaat eindelijk verschijnt in september. Het angstzweet verdwijnt gaandeweg, een bisnummer wordt met een langdurig applaus afgedwongen. "We hebben nochtans zwaar geknoeid", laat Andrews dankbaar weten. Geen nood: deze groep staat er nog steeds en heeft nog altijd een publiek dat op hen wacht. Nu is enkel nog die nieuwe plaat nodig om de valse start van twee jaar geleden (goeie plaat, maar Andrews zette zijn groep al snel op straat) te doen vergeten.

Adam Green roept het uit volle borst op zijn nieuwste plaat: "I like drugs / I love them so!" maar ook zonder die bekentenis hadden we zoiets wel al in de smiezen. Net als iedere andere keer dat we hem aan het werk zagen, vertoeft Green vanavond in zijn eigen knettergekke universum waar hij met psychopathische blik spastisch doorheen kronkelt. Naar de setlist wordt niet omgekeken en elk verzoekje willigt hij zonder morren in. Dat levert een uur topentertainment op dat naast de konijntjesdans en grappige uithalen naar Belgian waffles, Jacques Brel en Beck, ook nog leuke muziek bevat. Green is op zijn best als de droogkomische anti-folkzanger en maakt vandaag vooral indruk met akoestische versies van "Can You See Me" en "Her Father And Her".

Eenmaal de band zich bij de zanger voegt, zinkt diens concentratievermogen echter de dieperik in en wordt het bij ieder nummer bang afwachten of het einde zal worden gehaald. Green barst geregeld uit in een lachbui en middenin "Friends Of Mine" geeft hij er plotseling de brui aan. "I really wasn’t into it, sorry." Welaan dan. Zijn backing band ziet het met lede ogen aan en vooral het verveeld voor zich uit staren van de drummer wijst op een zeker déjà-vugevoel bij Greens naaste omgeving. De vergelijking met de al even wispelturige Cat Power is vlug gemaakt, hoewel Greens nonchalante gedrag vooralsnog wél op de sympathie van het publiek kan rekenen.

Het contrast met Emiliana Torrini kan moeilijk groter zijn. Als Green het rebelse probleemkind is, dan is Torrini de stijlvolle studiebegeleidster waar iedere leerling stiekem een crush op heeft. Piekfijn uitgedost verschijnt ze ten tonele met een kamerbrede glimlach die het komende uur niet van haar lippen zal verdwijnen. De IJslandse schone blijkt een sappig verteller en komt vaak verrassend gevat voor de dag. Tussen de hilarische verhaaltjes door, brengt ze een loepzuivere set die, zo durven we wedden, geen noot afwijkt van de repetities. De nadruk ligt op songs uit Fisherman’s Woman, maar het is "Summer Breeze" van op haar debuut dat de gehele AB-Box de adem afsnijdt. Torrini zorgt nog voor het Spinal Tap-moment van de avond wanneer ze per abuis een belletje naar de vernieling helpt, een ogenblik nadat ze nog had opgeschept over haar kunsten met het instrument. "Rock and roll! I don’t break guitars, I break bells."

Ergens bij Rough Trade is iemand héél erg grote fan van The Brakes. En dus mochten zij deze labelavond afsluiten in de Club. Het publiek stemde met de voeten en koos na Torrini het hazenpad en dus mocht deze "supergroep" met onder andere leden van British Sea Power zijn ding doen voor een halfleeg zaaltje. De korte punky opstoten van deze groep waren dan ook niet van dien aard om erg te bekoren.

De héle grote namen (Arcade Fire, Belle & Sebastian, Sufjan Stevens, …) had AB dan niet kunnen strikken, met Green en Torrini stonden in elk geval twee publiekslievelingen geprogrammeerd die raak schoten. Uitschieters waren er echter niet te noteren, we grabbelen in onze adjectievenpot en onthouden over deze Rough Trade Labelnight het woord "degelijk".

DE FOTO’S

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

een × 4 =