Sepultura en In Flames :: 1 april 2006, Hof Ter Lo

Eerlijk is eerlijk: een affiche als deze roept gemengde gevoelens op. Sepultura, het Braziliaanse thrash metal-boegbeeld van weleer, tourt nu als voorprogramma van de nieuwe garde. Niet dat wij erom rouwen: twee bands van zo’n kaliber, voor de prijs van een, zien we ook niet elke dag op hetzelfde podium.

In Flames deed zichzelf echter geen plezier door Sepultura mee te nemen op hun tour. Die laatsten gooiden namelijk alles wat ze hadden in de strijd en metselden meteen een robuuste geluidsmuur de lucht in. Geen mens schonk dan ook aandacht aan de voorprogrammafunctie die de band in feite bekleedde, de band zelf nog in het minste. Frontman Derrick Green bewees met sprekend gemak de enige echte frontman van Sepultura te zijn en verwees het geroep van de die-hards om een terugkeer van Max Cavalera naar het u-zegt-maar-vakje. Wie nog steeds niet overtuigd was, was stout-, en vooral overmoedig. Het plezier waarmee de boomlange zwarte het bloot lachen van zijn wit blikkerende tanden combineerde met oeragressie, deed ons besluiten de man voortaan altijd gelijk te geven. Soms kan een mens immers gewoon beter geen risico’s nemen.

Sessiedrummer Roy Mayorga springt op de Dante XXI-tour in voor Igor Cavalera — die het tegenwoordig te druk heeft met een vroege midlife crisis — en bleek een even strakke als bezeten drummer te zijn terwijl Andreas Kisser zich zonder schroom ontpopte tot de gitaarheld die hij in een rechtvaardiger wereld ongetwijfeld zou zijn. De setlist vervolledigde het plaatje: de obligate maar o zo doeltreffende klassiekers als "Troops Of Doom", "Beneath The Remains" en het onvermijdelijke "Roots Bloody Roots" werden subtiel en met wisselend succes vermengd met het nieuwe werk. "Convicted In Life" paste moeiteloos in de set, maar "Buried Words" zal wellicht nooit een klassieker worden.

In Flames startte met de "Your Bedtime Story Is Scaring Everyone"-intro waarna gouwe ouwe "Pinball Map" echter meteen de nek werd omgewrongen door het abominabele geluid, dat even later zo goed mogelijk verholpen werd. Vervolgens trok de groep resoluut de kaart van de midtempo-stampers en speelde hij verrassend veel nummers uit Reroute To Remain, het album dat destijds resoluut de stijlbreuk en het verlaten van de klassieke Gothenbörg-death metal inleidde. Opvallend genoeg werd zelfs het veredeld vullertje "Black And White" concertwaardig bevonden. Van het oudere werk werden vrijwel enkel de ballads gespeeld, wat al gauw het bruisen uit de vervaarlijk kolkende moshpits haalde. Het ongewoon grote jonge deel van het publiek liet het niet aan z’n hart komen: dat brulde het nieuwe werk begeesterd mee en leek het allemaal best o.k. te vinden.

Hoewel de band, met op kop de sympathieke Anders Fridén en zijn grappige Zweedse accent, z’n uiterste best bleef doen om Luchtbal alsnog in de fik te steken, zou het duren tot afsluiter "My Sweet Shadow" voor de vlam echt terug in de pan sloeg. Nu hoeft u geen expert te zijn om uit te vissen dat dat net een beetje te laat is; voor bisnummers bleek er in de uitgekiende en, toegegeven, visueel overdonderende show bovendien geen plaats.

En dus kwam datgene wat iedereen gevreesd had uit: In Flames werd, ondanks een al bij al nog degelijke show, weggespeeld door het veel frissere Sepultura, waardoor de rollen omgekeerd werden. Zulke dingen gebeuren — ongetwijfeld werd het risico hierop al veel eerder ingecalculeerd door In Flames’ entourage — en een schande is het niet: een concertavond is bij nader orde nog altijd geen voetbalmatch. Was dat wel zo geweest, dan zouden ze nu voor de camera hun uitleg geven. "We verloren van de besten." En men zou ze nog gelijk geven ook.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

twintig − 16 =