Deltahead :: Deltahead

Fans die vinden dat The White Stripes na hun eerste album te veel van het rechte pad afgeweken zijn, zullen met Deltahead de tijd van hun leven beleven. Dit duo speelt de blues zo mogelijk nog luider en smeriger dan Jack en Meg White op hun eersteling. Maar dat hoeft niet te verwonderen, aangezien Deltahead geen enkel instrument uitsluit, zolang het maar een overdonderende klank kan voortbrengen.

In het begeleidende tekstje wordt Deltahead geprezen door een confrontatie met de vergankelijkheid van het leven. De filosofie van Deltahead komt er op neer dat binnen enkele generaties niemand nog zal weten wie jij was en het zal lijken alsof je nooit bestaan hebt. Een niet al te opbeurende gedachte, zeg maar. Gelukkig echter heeft Deltahead een remedie bedacht: hun plaat, aangevuld met een drug van eigen keuze, zou de oplossing vormen tegen dergelijke duistere gedachten. En zowaar, het werkt nog ook!

Opener "My Mama Was Too Lazy Too Pray" zet dadelijk de toon wat het verdrijven van sombere gedachten betreft: een overstuurde gitaar, een simplistische, maar op heftig meeknikken ingestelde drum en een aanstekelijke zang maken de argeloze luisteraar duidelijk dat de keuze beperkt is: take it or leave it. Wie — terecht — voor het eerste kiest, zal er geen spijt van krijgen. Na het uitzitten van de hele Deltahead-rit lig je uitgeteld te bekomen van wat je net ondergaan hebt. En dan hebben we het niet per se over de drug naar eigen keuze. Om je een idee te geven over hoe menens het de band is: "I smile at you while I take your money and fuck you in the …" klinkt het sardonisch in "I Smile At You".

David Tallroth en Benjamin Quigley kennen hun klassiekers. De invloed van blues-grondlegger Robert Johnson is duidelijk hoorbaar aanwezig. Soms lijkt het alsof de twee Zweden Johnsons muziek een turbo-injectie hebben gegeven, zoals in het waanzinnige "Love Me, Follow Me". De Tom Waits zoals die op Mule Variations te horen valt, heeft dan weer overduidelijk invloed op het ultrakorte "Who Are The Good Guys?" terwijl "I Smile At You" teruggrijpt naar vintage White Stripes.

Dat de twee Zweden best geschift zijn, bewijzen ze met het alles verpulverende "Oh No!" en met de circusoutro die "Help Me!" meekreeg waardoor elke keer dat het nummer hier uit de luidsprekers komt het aanwezige bezoek angstig in het rond begint te kijken alsof er plots een moordzuchtige clown tevoorschijn kan springen.

Als eerste full-cd is Deltahead een waardige opvolger voor de Peace & Junk & Drums-e.p. uit 2004. De band is hoorbaar klaar voor het grote werk, waarmee volgens ons niets meer of minder dan werelddominantie bedoeld wordt. Uitkijken maar!

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

veertien − 7 =