Fire Engines :: Codex Teenage Premonition

Eind jaren ’70 was toekomst een loos begrip en naar analogie met de economie rammelde de muziek er ook maar een eindje op los. Hele hopen gedemotiveerde kids — No Future, u weet wel — trokken gewapend met omhooggesjorde gitaren de garagebox in om een sound te lanceren die ettelijke jaren na datum gelabeld werd als postpunk.

Als belangrijkste band werd — niet geheel onterecht — Joy Division naar voor geschoven, maar in de marge werd ook nog op professionele wijze aangemodderd door Franz Ferdinand-recensent-favorietjes Orange Juice en Gang Of Four. Ergens links van de marge (net niet de Atlantische Oceaan in) rommelden mysterieuze bands als Aztec Camera en The Associates ook wat met instrumenten, met de zuivere intentie, geheel gespeend van enige academische muzikale opleiding, er op los te punken en funken.

In tegenstelling tot sommige van hun postpunkcollega’s die de foute afslag richting disco insloegen, bewaarden de Engines hun vlijmscherpe geluid, dat zowel vocaal als gitaartecnhisch urgent genoeg was om menig muziekliefhebber finaal over de kling te jagen. In het valse spel weerklonk een moeilijk te vatten schoonheid die als een brandende pook in de opengereten wonden van een tijdperk porde, en zo de grauwheid van het bestaan wist te vatten. Hoewel de nalatenschap van de band bijzonder beperkt is, doet album Lubricate Your Living Room, kundig de jachtigheid van een generatie muzikaal vertalend, toch het hart van veel cultureel-correcte eightiesliefhebbers sneller slaan.

Eerste nummer "Sympathetic Anaesthetic" (een titel als een Telefactsreportage) is een intentieverklaring om deze serie outtakes en live-opnames met het mes tussen de tanden aan te vatten. Gitaar en stem komen op de eerste plaats, incidenteel mag de rest van de band de twee protagonisten op het voorplan vergezellen. Het korrelige geluid verleidt de luisteraar eventjes te verdwalen in een door de inferieure opnamekwaliteit bewerkstelligde nostalgische grandeur, om daarna een welgemeende fuck off richting duivelse technologische vernieuwingen als SACD te richten. Geen probleem indien het al te organische geluid slechts een gimmick is die een enkele track teistert, maar het doet de Fire Engines-erfenis oneer aan om een heel onopgepoetst album te releasen waar een nummer als "Everythings’ Nothing" dreigt te verzanden in een lethargische geluidsbrij.

"Meat Whiplash" balanceert op een onstabiele zanglijn en schokt zo alle kanten uit en ook de live-versie van "Hungry Beat" laat vocaal te wensen over. Bij momenten zijn de Fire Egines klasse, al is het maar voor het La Bamba-introotje op "Untitled One" waar het rauwe gitaargeweld, brandhout makend van enige muzikale experimenteerdrift, naadloos aansluiting bij vindt.

Na het album tig maal beluisterd te hebben blijkt het grootste euvel van de band niet zozeer het bij momenten te bestofte geluid te zijn, maar simpelweg het feit dat zelfs een geoefend luisteraar de nummers nauwelijks van elkaar kan onderscheiden. Desgewenst valt dit te betitelen als unitaire eenheidskoek van amper tien tracks lang (de overlapping tussen live-versies en outtakes niet meegerekend).

Wat gedateerde overschotjes van de geheimzinnigste der eightiesband vrijgeven klinkt wel erg cultureel verantwoord dankzij de recente new-wave/post-punkhype maar dit document is allesbehalve een dankbare toevoeging. Het lijkt erop dat de platenfirma dit gerealesed heeft met anderhalf oog op de sales figures en niet zozeer met de intentie op het mobiliseren van een hele schare nieuwe Fire Engines-aanhangers. Afserveren die hap. Wij wachten in spanning op een gepolijste re-issue van Lubricate Your Living Room, niet op een serie vegeterende kliekjes. Dit is een onwaardig product voor een band die de grenzen van een genre mee heeft helpen afbakenen.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

zestien + zeventien =