Evan Foster :: Instrumentals

Workaholics, ze bestaan wel degelijk. Niet iedereen blijkt, net zoals ondergetekende, een natuurlijk aanleg te hebben tot luiheid. Evan Foster bijvoorbeeld, leverde enkele maanden geleden nog een schitterende rock-’n-rollplaat af met zijn bandje Boss Martians: The Set Up Nog voor we goed en wel bekomen zijn van dat album, ligt hier al een soloplaat van de man voor ons.

Waar Foster met zijn Boss Martians resoluut gaat voor garagerock in de beste indietraditie, gooit de man het solo over een andere boeg. Er is echter één overeenkomst: in beide gevallen doet Foster wat hij wil. Hip of niet, de garagerock van Boss Martians komt recht uit het hart. Zo ook op Instrumentals, een plaat waarop lekker ouderwetse surfrock te horen valt. Evan Foster heeft lak aan trends en doet duidelijk waar hij zin in heeft. Respect!

Maar zo zitten we wel met een groot probleem. Probeert u dit maar eens: een surfplaat bespreken zonder het te hebben over Dick Dale, Quentin Tarantino of Pulp Fiction. Wij dachten dat eens eventjes te fiksen. Goedgemutst zetten we ons op onze blote voeten op het strand, discman in de oren en een blok papier op de schoot. Enkele uren later lag onze stapel papier, in de vorm van ontelbare proppen, verspreid over het strand. Op elk blad stond minstens een van de taboewoorden. We moesten onze nederlaag onder ogen zien. Je kan net zo goed proberen een biografie van Stan Laurel te schrijven zonder Oliver Hardy te vermelden. Onfuckingmogelijk.

Opener "Hearse Full Of Souls" is nog niet goed en wel begonnen of we wanen ons al op de set van Pulp Fiction. Want dat is uiteraard de eeuwige merde met surfplaten. Het genre is — voor zover wij weten uiteraard — nooit groot geworden en kent buiten Dick Dale niet echt Grote Namen. Sinds de muziek van Dick Dale mee voor het succes van Pulp Fiction zorgde, wordt surfmuziek door de hippe jongens en meisjes blijvend geassocieerd met de soundtracks van Tarantinos films. Niet geheel ten onrechte, maar het openbloeien van het genre zou misschien geen slechte zaak zijn, kwestie van over wat meer vergelijkend studiemateriaal te beschikken.

Want wat kunnen we nu meer over Instrumentals zeggen dan dat het een zalig plaatje is dat bulkt van de heerlijke gitaarrifs: "Riding A Chopper", "Cann Of Electrodes" of het meesterlijke "Surfer’s Anthem", de nummers lijken in een onderlinge competitie verwikkeld om de grootst mogelijke indruk te maken op de luisteraar. Elk lijken ze goed in een eigen competitie: "Where Do I Stand?" heeft punkige weerhaakjes, "Embrujada" roept herinneringen op aan vroeg werk van Johnny Cash en "Slidin’" is heerlijk relaxend.

Zoals de titel al doet vermoeden, bevat Instrumentals voornamelijk instrumentale nummers. Pas bij bonusnummer "I Want Some Sex" horen we voor het eerst tekst, al hoeft u zich daar niet al te veel bij voor te stellen. Ook humor hoort bij surfmuziek, zoveel is wel duidelijk. Geen wereldschokkend album, maar het kan landrotten als onszelf wel bekoren. Nu u nog.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

9 − acht =