Galatasaray :: Boxing Camp For Oriented Snack Heads

De enige voetbalmatch die in ons geheugen gegrift staat, is die van de Grieken tegen Die Mannschaft waarbij de Grieken door een geniale inval, namelijk voetballen, wonnen. Het betrof hier dan ook een wedstrijd tussen de Oudgriekse en Duitse filosofen in een regie van Monty Python. Waarmee we alleen maar te kennen willen geven dat we niets van voetbal kennen.

Dat Galatasaray een Turkse voetbalploeg is, hoeft u ons al lang niet meer te vertellen. Elke poging om iets meer te ontdekken over het gelijknamige Kortrijkse collectief leidt naar foto’s, uitslagen en dies meer van de Turkse trots. In onze wildste dromen zien wij onszelf dan ook al als voetbaltrainer van een groep jonge Turken, gehuld in de archetypische lange regenjas gecombineerd met een fez, schrijven we aldus de ene overwinning na de andere op onze palmares waarna we de Rode Duivels naar de troon steken. In onze dromen houden we wel van geromantiseerde, traditionele beelden, zelfs al beantwoorden ze al lang niet meer aan de werkelijkheid en neigen ze eerder naar derderangsclichés.

Als muziekrecensent voelen we ons vaak eerder een talentscout dan trainer. Op zoek naar nieuwe jonge beloftes schuimen we nationale en internationale markten af in de hoop dat ene nog onbekende talent weg te kapen voor de grote jongens er mee gaan lopen zijn. Het Kortrijkse Galatasaray hadden we zo ook al opgesnord. Terwijl debuut Montana uit 2003 nog iets te veel moest rijpen om door te stoten naar de Premier League, zijn ze op Boxing Camp For Oriented Snack Heads duidelijk klaargestoomd voor het grote werk.

De elf Kortrijkzanen (twee drummers, vijf blazers, drie gitaristen en een electronicaman) geven een mooie aanzet met "Snack Heads On Empty Part I & II" waarbij onmiddellijk de verdediging van de concurrentie aan flarden geschoten wordt. In het voorzichtige "Minimalist" wordt een streepje Mariachi binnengesmokkeld, wat de vijand dadelijk op het verkeerde been zet. Een mooie schijnbeweging dus. "Elk voordeel heb se nadeel" plachten wij de grote Johan Cruijff te plagiëren, want de vooruitgeschoven single "Rock Star" heeft niet alleen een pracht van een loungy aanzet met Ayco Duyster en Luc Dufourmont op zang, maar is ook het enige "niet-instrumentale" nummer op de plaat.

Met "The Break Song" wordt venijnig verdedigd: op het middenveld is er geen doorkomen aan. Een onbreekbare muur wordt opgebouwd uit pulserende drums en nukkige gitaren waarna de blazers, electronica en enkele kreten de laatste gaatjes vakkundig dichtplamuren. Maar met alleen een degelijke verdediging komt men er niet. Een nieuwe uitval wordt dan ook gewaagd in "Life Is Like A Constant Winter" waarin het balbezit handig tussen drums en blazers heen en weer gewisseld wordt.

De concurrentie lijkt gewoon niet meer aan bod te komen in de eerste helft. "What Do You See When You Sleep?" laat dan ook de laatste minuten voorzichtig aan zich voorbijglijden zodat de batterijen terug opgeladen kunnen worden. Met "My Buddy Is A Robert" wordt nog voorzichtig de start van de tweede helft afgetast, en ook "Spoons Are OK" durft niet voluit te sprinten maar laat Einstürzende Neubaten-achtige soundscapes op jazzy atmosferiche voetbalvelden het terrein verkennen. Maar daarna wordt met "All Right Chop Chop Get On With It", "Riot For Boozers" en "Why Don’t You Scream" bevestigd wat al van bij de eerste song geweten was: de concurrentie komt niet aan bod.

Het vele velden afstruinen is een afmattend en vermoeiend werk, maar het loont de moeite. De vreugde die we voelen wanneer een jonge belofte zoals Galatasaray het dan toch nog waarmaakt, is niet te omschrijven. Als trotse vaders brullen we vanaf de zijlijn onze strategieën door, ook al zijn we dan vaak niet meer de enige. Maar er is meer voor nodig dan een lange regenjas en fez om talent eruit te pikken.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

zeven + twintig =