Exposition Générale :: Fondation Cartier pour l’art Contemporain – Parijs

Toen Fondation Cartier pour l’art Contemporain in oktober 2025 haar intrek nam in het hart van Parijs, voelde dat niet als een verhuis, maar eerder als een machtsverschuiving. Dertig jaar lang huisde de stichting in het iconische glazen gebouw van Jean Nouvel aan Boulevard Raspail, een architecturale klassieker die bijna even beroemd werd als de tentoonstellingen zelf. Vandaag zit de Fondation op een steenworp van het Louvre, aan de Place du Palais-Royal, in een gigantisch negentiende-eeuws gebouw dat ooit deel uitmaakte van de Grands Magasins du Louvre. Een symbolischer adres valt in Parijs nauwelijks te bedenken.

beeld Fondation Cartier pour l’art Contemporain

De verhuis was meer dan een kwestie van prestige of vierkante meters. De Fondation wilde letterlijk centraler staan in het culturele landschap van Parijs. Met het tijdelijke wegvallen van het drukbezochte Centre Pompidou wegens renovaties, positioneert Fondation Cartier zich nadrukkelijk als een van de belangrijkste plekken voor hedendaagse kunst in de stad. En dus moest ook het gebouw zelf een statement worden: opener, groter, flexibeler en radicaler.

Jean Nouvel, opnieuw hij, kreeg de opdracht om het historische pand volledig te herdenken. Aan de buitenkant bleef de negentiende-eeuwse gevel grotendeels intact, maar binnenin creëerde hij een spectaculaire ‘machine à voir’: een voortdurend verschuivende tentoonstellingsarchitectuur met beweegbare platformen, gigantische zichtassen, zwevende loopbruggen en enorme glaspartijen die de stad letterlijk binnenhalen in het museum. Het gebouw telt ongeveer 8.500 vierkante meter, waarvan zo’n 6.500 vierkante meter tentoonstellingsruimte. Vijf gigantische mobiele platformen kunnen omhoog of omlaag bewegen en maken telkens nieuwe scenografieën mogelijk. Het resultaat voelt minder als een klassiek museum dan als een levende constructie die permanent in beweging is.

Dat idee van voortdurende transformatie loopt ook door in de openingstentoonstelling, Exposition Générale. Zeker geen klassieke best of-tentoonstelling, maar een soort mentale landkaart van veertig jaar Fondation Cartier. De instelling put uit haar collectie van meer dan 4.500 werken van zowat 500 kunstenaars uit zestig landen en brengt daarvan bijna zeshonderd werken samen in een enorme, soms bijna overweldigende opstelling.

Wat meteen opvalt, is hoe breed het begrip hedendaagse kunst hier wordt opgevat. Cartier denkt al jaren niet in strikte disciplines, maar in kruisbestuivingen tussen kunst, architectuur, design, wetenschap, ecologie en antropologie. Dat levert een expo op die soms aanvoelt als een wandeling door een alternatieve wereldgeschiedenis.

Een van de blikvangers is zeker het werk van de visionaire Antwerpse en wereldwijd bekende kunstenaar Panamarenko (pseudoniem van Henri Van Herwegen). Zijn bizarre vliegmachines, pseudowetenschappelijke constructies en imaginaire voertuigen blijven een wonderlijke mix van kinderlijke verbeelding en technische fascinatie voor het vliegen. In deze context werkt zijn gigantische en iconische “Panama, Spitzbergen, Nova Zembla” voertuig – een soort stalen duikboot van bijna 7 meter lang en zo’n 3 ton – bijna als een symbool voor de hele tentoonstelling: kunst als experiment, avontuur en utopie.

Ook de Congolese grensverleggende beeldhouwer Bodys Isek Kingelez maakt indruk met zijn futuristische maquettes van imaginaire Afrikaanse steden. Zijn kleurrijke architecturen ogen speels, maar bevatten tegelijk een scherpe kritiek op kolonialisme en moderniteit. In het nieuwe gebouw van Nouvel krijgen die utopieën extra kracht: de tentoonstelling wordt zelf een soort denkbeeldige stad.

Imponerend is eveneens de installatie Miracéus van de Braziliaanse Solange Pessoa. Haar indrukwekkende constructie bestaat uit duizenden echte vogelveren die samen de vorm van een abstracte, gigantische boom aannemen. Dit werk past binnen de bredere artistieke focus op organische en dierlijke materialen (aarde, mos en veren) om een ecologische en spirituele verbinding met de natuur op te zoeken en neemt daarom een centrale plaats in de Être Nature-sectie van de tentoonstelling.

Een van de meest indrukwekkende werken in Exposition Générale is beslist “Muro en Rojos” van de Colombiaanse Olga de Amaral. Het enorme wandwerk hangt niet zomaar in de ruimte, het domineert haar volledig. Zoals vaak bij De Amaral balanceert het werk ergens tussen textielkunst, schilderkunst en architectuur.

In “Muro en Rojos” – letterlijk muur in roodtinten – gebruikt ze wol, paardenhaar, duizenden vezels, knopen en textiele lagen om een gigantisch, gelaagd oppervlak op te bouwen dat tegelijk zacht en monumentaal oogt. De diepe rode, aardetinten en donkere accenten geven het werk iets archaïsch, alsof het afkomstig is uit een verdwenen beschaving.

In de context van de nieuwe Fondation Cartier krijgt “Muro en Rojos” nog een extra dimensie. Het werk functioneert bijna als een architecturaal element binnen de immense ruimtes: geen decoratief wandtapijt, maar een fysieke aanwezigheid die de bezoeker vertraagt en opslorpt. Het is een van die werken in de expo die bewijzen hoe contemporaine kunst steeds moeilijker in klassieke categorieën onder te brengen valt. Textiel wordt hier geen toegepaste kunst meer, maar een pure, overweldigende ruimte-ervaring.

Verder duiken grote namen op als onder meer Agnès Varda, Mario Merz, Raymond Depardon, Joan Mitchell en James Turrell, maar de expo vermijdt bewust het klassieke meesterwerkenparcours. Veel interessanter is hoe onverwachte verbanden ontstaan tussen ecologische installaties, architectuurmodellen, geluidswerken en objecten die balanceren tussen design en kunst. De scenografie van het Italiaanse collectief Formafantasma versterkt dat gevoel nog: textiele structuren en modulaire wanden zorgen ervoor dat je voortdurend nieuwe perspectieven ontdekt.

Wat Exposition Générale uiteindelijk zo sterk maakt, is dat de tentoonstelling niet alleen kunst toont, maar ook een visie op wat een kunstinstelling vandaag kan zijn. Minder een tempel, meer een laboratorium. Minder stille contemplatie, meer circulatie van ideeën. Zelfs de stad wordt deel van het parcours: de Fondation opent zich naar de straat en trekt tentoonstellingsonderdelen door tot in de publieke ruimte rond het Palais-Royal.

Natuurlijk dreigt de overvloed soms te verstikken. Zeshonderd werken vragen veel van een bezoeker en niet elk onderdeel krijgt voldoende ademruimte. Maar misschien is net dat de ambitie van deze nieuwe Fondation Cartier: geen comfortabele white cube meer, maar een bruisende, soms chaotische machine die kunst, architectuur en samenleving voortdurend tegen elkaar laat schuren. De idyllische lichtstad heeft er niet zomaar een nieuw museum bij, maar een nieuw cultureel zwaartepunt, bovendien gelegen in hartje Parijs.

Exposition Générale – loopt nog tot 23 augustus 2026 in Fondation Cartier pour l’art Contemporain, 2, place du Palais-Royal in 75001 Parijs.

Geopend van dinsdag tot en met zondag van 11u tot 20u. Op dinsdag tot 22u. Gesloten op maandag. Meer info via de website: Fondation Cartier pour l’art Contemporain.

recent

Los Domingos

De Spaanse cineaste Alauda Ruiz de Azúa wist met...

Philippe Pelaez & Claudio Stassi :: Julie Wood: 2. Familiegeheimen

Julie Wood ging vorig jaar van start als nieuwe...

verwant

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in