I Am Not Your Negro

De kans dat u tegenwoordig veel van zijn werk in uw boekenkast hebt staan,
is eerder gering, maar tijdens de jaren zestig was James Baldwin een van de
toonaangevende intellectuele stemmen van de zwarte gemeenschap in Amerika.
Een schrijver die persoonlijk bevriend was met civil rights-
strijders als Martin Luther King en Malcolm X, en die beroemdheden zoals
Sidney Poitier en Sammy Davis Jr. bij hun voornaam aansprak. Hij schreef,
sprak en debatteerde zo gepassioneerd en overtuigend over de rol van
zwarten in de VS, dat de FBI hem zelfs op hun lijst van potentieel
gevaarlijke elementen zette – een twijfelachtig soort badge of honor.

Sinds Baldwins dood aan maagkanker in 1987 is zijn naambekendheid er niet
echt op vooruitgegaan, maar als Raoul Pecks documentaire over de man één
ding duidelijk maakt, dan is het wel dat zijn analyses van de
rassenrelaties in de VS nog altijd even pijnlijk accuraat en actueel zijn.
In het kielzog van de “Black Lives Matter”-beweging zijn er de voorbije
twee, drie jaar opvallend veel films uitgekomen die het racisme van
gisteren en vandaag in de VS aan de kaak stellen, van Hidden Figures over Fences tot (uiteraard) Moonlight
en genrefilms als Get Out. Als je het aan Quentin Tarantino zou
vragen, zou hij zelfs The Hateful Eight in dat rijtje plaatsen, maar
laten we ’t vooral niet aan Tarantino vragen. I Am Not Your Negro is
zonder twijfel de meest pertinente film in heel die recente stroming.

Omdat het een documentaire is, hoeft Peck niet op zoek te gaan naar
artistieke of narratieve omwegen: hij kan de belangrijke vragen
rechtstreeks stellen en dankzij Baldwins inzichten kan hij op veel van die
vragen nog een geloofwaardig antwoord geven ook – of hij kan de vragen en
problemen op zijn minst helder definiëren en toelichten, wat al een goed
begin is. Hoe moeten blank en zwart samenleven? Hoe zien zwarten zichzelf,
hoe zien blanken zichzelf? Hoe werden deze relaties de voorbije decennia
voorgesteld in de media en klopt dat beeld wel? Hoe gaat de politiek ermee
om? Dat is waar I Am Not Your Negro over gaat. Dat de film ondanks
die head-on aanpak toch de pretentie kan vermijden, zegt veel over
de kwaliteit van Pecks regie en uiteraard die van Baldwins schrijfwerk.

Raoul Peck, een van oorsprong Haïtiaans regisseur die vooral veel
documentaires heeft gedraaid, maar ook enkele opvallende narratieve films
zoals de krachtige biopic Lumumba, baseert zich hier op een
onafgewerkt manuscript van Baldwin, Remember this House. In dat
manuscript, waarvan slechts een dertigtal pagina’s gevonden werden, haalde
hij herinneringen op aan drie vermoorde iconen van de mensenrechtenstrijd:
King, Malcolm X en Medgar Evers. Maar tegelijk schetste hij ook zijn eigen
autobiografie, en natuurlijk werden hun vier levens – waarvan er drie
vroegtijdig werden beëindigd door een kogel – gekaderd in de Amerikaanse
raciale spanningen.

Klinkt niet echt filmisch? Dat valt dus reuze mee. In de praktijk krijgen
we een vrijwel constante voice over van Samuel L. Jackson, die het proza
van Baldwin voorleest, terwijl we kijken naar archiefbeelden – foto’s van
rassenrellen, nieuwsbeelden en flarden van praatprogramma’s waarin Baldwin
te gast was, en zichzelf een uitzonderlijk begenadigd redenaar toonde. In
plaats van zich te fixeren op één aspect, zoals bijvoorbeeld de biografie
van Baldwin of de rol van King, X en Evers in de strijd van de Amerikaanse
zwarten, laat Peck zijn film op een erg vloeiende, organische manier
metamorfoseren van het een naar het ander. We komen uiteraard meer te weten
over Baldwin zelf – hoe hij een groot deel van zijn leven in Frankrijk
doorbracht omdat hij Amerika te verstikkend vond, dat hij homoseksueel was
in een tijd waarin dit absoluut nog niet geaccepteerd werd. En uiteraard
wordt de impact van het leven en de dood van King, Malcolm X en Evers
geschetst. Maar zo mogelijk nog belangrijker zijn Baldwins bespiegelingen
over de manier waarop zwarten werden voorgesteld in de populaire cultuur
van die tijd. De manier waarop het cliché van de vermeende viriliteit van
zwarte mannen tegelijk in leven werd gehouden (turf het aantal films waarin
zwarten verdacht worden van een verkrachting), maar ook ondergraven door
hen virtueel te castreren in brave, onderdanige rollen (check Harry
Belafonte die zingend en dansend in een banaan de deugden van Chiquita
aanprijst). Of de manier waarop blanke filmmakers zoals Stanley Kramer met
al hun goede bedoelingen toch een naïef beeld van de rassenrelaties
ophingen in films als The Defiant Ones en Guess Who’s Coming to Dinner – films die hier worden geïnterpreteerd
als geruststellende fantasieën voor blanken die zichzelf wilden wijsmaken
dat het allemaal hun schuld niet was, progressief als ze waren.

Vooral die culturele analyse is belangrijk: Amerika is een land dat voor
een belangrijk deel zijn geschiedschrijving en zeker zijn mythevorming
heeft gedaan via populaire cultuur – voornamelijk films. Als je wil
begrijpen hoe (blanke) Amerikanen zichzelf zien, dan zijn de westerns, de
musicals en de melodrama’s van de jaren veertig en vijftig een belangrijke
indicator. Dat de zwarte gemeenschap niet veel boodschap had aan zingende
huisvrouw Doris Day of aan de impliciete white supremacy-mentaliteit
van veel John Waynefilms, is geen verrassing. De kritiek op films die
destijds probeerden om de rassenspanningen aan te kaarten, is echter veel
interessanter, omdat Baldwin duidelijk maakt hoe dominant het blanke
perspectief blijft in die film.

Er zijn een aantal fragmenten die nog lang bij zullen blijven, waaronder
een clipje uit een praatprogramma waarin Baldwin wordt geconfronteerd met
een blanke academicus, die hem verwijt dat hij “altijd alles ziet in termen
van blank of zwart. Kan je die rassenkwestie niet gewoon vergeten en jezelf
identificeren met mensen waarmee je dingen gemeen hebt, zoals andere
schrijvers, welke kleur ze dan ook hebben?” Makkelijk gezegd natuurlijk,
als je zelf niet moet leven in een maatschappij waarin je altijd hebt
moeten knokken voor je recht om tout court te mogen leven en schrijven, en
Baldwin zet hem dan ook op zijn plaats met een van de krachtigste verbale knock-outs die je ooit hebt gezien.

I Am Not Your Negro
is deels biografie, deels sociaal-culturele geschiedenisles, en absoluut
fascinerend als beide. Peck hoeft zelfs niet gek veel moeite te doen om de
parallellen met het heden expliciet te maken – wanneer hij foto’s van
rellen uit de jaren zestig naast foto’s van de recente rellen in Ferguson
zet, is dat een perfect logische connectie. Als de beelden van slechts twee
jaren geleden in zwart-wit waren gezet, zou het misschien zelfs moeilijk
zijn geweest om het verschil te zien. Dertig jaar nadat Baldwin is
gestorven, ruim 50 jaar na de dood van zijn drie helden en bijna tien jaar
nadat de eerste zwarte president werd verkozen, gaat die strijd voor
mensenrechten nog altijd door. I Am Not Your Negro is een
meeslepende, vlijmscherp gemonteerde, intelligente film die op exact het
juiste moment werd gemaakt. Onmisbare cinema dus.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

tien − zes =