The Kills :: 13 november 2016, Vk*

Ze hadden een perfect parcours kunnen rijden, The Kills. Jarenlang maakte het duo indruk, met platen die niet aan kracht leken in te boeten en concerten die deden duizelen. Tot dit jaar Ash & Ice verscheen. Op het podium blijkt het een moeilijk balanceren tussen nieuwe en degelijke songs.

Bijna 15 jaar geleden, toen The Kills hun eerste releases uitkwamen, deed het duo dromen van een avontuurlijk leven vol gevaar. En kijk, hier staan we vanavond toch maar mooi in Molenbeek. Te luisteren naar een band die zijn urgentie verloren heeft.

Met Ash & Ice hebben Alison Mosshart en Jamie Hince een plaat uitgebracht die een stijlbreuk vormt in hun oeuvre. En niet alleen omdat meer dan ooit getracht wordt elektronica in de muziek te integreren, maar vooral omwille van de middelmatigheid waaronder het merendeel van de songs gebukt gaat.

Kleppers als “Doing it to Death”, dat in de Vk* tot een van de toppers behoort, met zijn perfect in elkaar klikkende puzzel van dansbare beats, opzwepende riffs en bedwelmende vocalen, of het helaas op de setlist ontbrekende “Days Of Why And How”, kunnen niet verdoezelen dat het album een stevige lading overbodige nummers bevat.

Het gevolg is een concert met flink wat ups en downs. Weg is de constante opbouw van swingende spanning. In de plaats komen nummers als “Hard Habit To Break”, waarbij aanstekelijk knallende beats ingezet worden, maar zonder dat het ergens toe leidt: de rest van het nummer is een willekeurig samenraapsel van halve ideeën en één ferme riff. Is het toeval dat de band, die in het verleden al eens de baan op ging met een legertje percussionisten, nu met een bassist en drummer uitgegroeid is tot een rockband in de meest klassieke, zeg maar voorspelbare bezetting?

Dan liever het onverwoestbare “Baby Says”, het bastaardkleinkind van “Gimme Shelter” en een song die nog altijd even hard raakt als de allereerste keer. Met “Tape Song”, “U.R.A. Fever” en, op het einde van de bis en daarmee ook het einde van bijna negen maanden op de baan, een vurig “Sour Cherry”, wordt bovendien redelijk vlot uit Midnight Boom geplukt, de plaat waarop de ruwheid van de begindagen en de latere voorliefde voor groove het meest succesvol verzoend werden.

Geen “Fuck The People” vanavond, de song waarmee de groep in Antwerpen daags na de Amerikaanse presidentsverkiezingen zijn concert aftrapte. Het dichtst bij kwaadheid komt The Kills ditmaal met “Kissy Kissy”, waarin Hince niet alleen zijn oude liefde genaamd het-publiek-neermaaien-met-zijn-gitaar bedrijft, maar waarin muzikaal de Velvet Underground in het duo naar boven komt. Diezelfde invloed valt ook luid en duidelijk te horen in “Pots & Pans”, waarbij Mosshart voor versterking op drums zorgt. Het kan nog, keihard knallen.

Hoewel The Kills al spannendere concerten gebracht heeft, en de band er in het verleden zijn hand niet voor omdraaide b-kantjes uit te brengen die beter zijn dan wat nu een langspeler haalt (check parels als “Superpowerless”, “Run Home Slow” en “Blue Moon” en sta verstomd), viel in de beste momenten de passionele gloed waar te nemen die dit duo ooit zo onweerstaanbaar maakte. De broeierigheid mag dan wat bekoeld zijn en wat eens een riskante rand had, lijkt nu eerder berekend en doordacht, hopend op een laatste avond magie, bij momenten wisten The Kills nog steeds te bekoren. Als de razernij in de toekomst terug opgepookt wordt, kan het allemaal vast nog goed.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

een × een =