School Is Cool :: 3 april 2014, Het Depot

Kolommen vallen er te vullen over het magere gehalte van de laatste Rock Rally, het epigonisme van het grootste deel van de vaderlandse rockscene. Dat het niet allemaal kommer en kwel is, liet School Is Cool donderdag in Het Depot in Leuven horen. Dit is een wereldband in wording.

Toen School Is Cool in 2010 de Rock Rally won, was het niet meer dan een sympathiek bandje dat goed naar Arcade Fire had geluisterd en met “New Kids In Town” een halve hit in huis had. Debuut Entropology bevestigde al het goeds, maar liet ook horen dat de groep neiging had zichzelf in overdaad te verliezen. Het leverde hoe dan ook een aantal fijne singles op als “The Underside” en “Warpaint” die het beste voor de toekomst deden vermoeden.

En zo bleek. Nature Fear, dat twee weken geleden verscheen, zette de euvels van dat debuut recht en breidde het groepsgeluid meteen ook uit met meer eighties-geïnspireerde synths en elektronica. De tweede plaat van het sextet bleek een gefocuste zaak waar niet één overbodig nummer op stond, en almaar bleef smeken om een extra draaibeurt. En toch was dit maar een startpunt voor de groep; live klopt alles immers nog veel meer, zo bleek in Het Depot.

Niet dat School Is Cool het zijn publiek gemakkelijk maakt. Het eerste kwartier van dit concert is ronduit obscuur, met de drone waaruit “Tusks” ontstaat, en het daaropvolgende “Black Dog Panting”. De elektronica overheerst, een pompende beat walst het nummer halverwege plat, zodat Johannes Genard de handen vrij heeft om te dansen als een sjamaan, de stellages opzij van het podium in te klimmen … : wat een frontman! “Your Body And Me” gaat verder op dat elan met vele tribale drums. “Hollow Hill”, waarbij de zanger zijn stem grondig laat vervormen, heeft bij momenten zelfs iets van de hermetische kunst van Scott Walkers latere werk.

Het getuigt van visie om je optreden zo te beginnen; vorm en inhoud vallen samen in één geheel dat de thematiek van Nature Fear, de botsing van natuur en beschaving, visueel vat. Ook de kostuums van de groepsleden ademen dat uit; een roadie heeft zelfs een soort prehistorische dierenkop over zijn hoofd getrokken. Er spreekt een idee uit; hier is over nagedacht, werk in gestoken.

Het oudere “In Want Of Something”, dat bijna als vanzelf uit “Hollow Hill” rolt, brengt dan toch wat licht in de set. “The Road To Rome” is een eerste rustpunt na de Blitzkrieg van daarnet, en met “The Soothing Sound Of Breaking Bones” zijn we zeven nummers ver in de set, en minstens aan het vijfde gezicht van School Is Cool toe. Toch lijkt het alleen maar logisch dat het zestal ook dit soort punky uitspattingen aankan; de flexibiliteit van de groep lijkt onuitputtelijk.

De vele muzikantenwissels die de groep de laatste jaren — tot vorige maand nog toe — heeft moeten opvangen, lijken verteerd. Toetseniste Hanne Torfs en violiste Justine Bourgeus zijn al helemaal deel van de groep geworden, zo blijkt in oudjes als “The World Is Gonna End Tonight” en “Warpaint” die de set afsluiten. Ook Laurens Van Bouwelen, die de grote schoenen van percussionist Andrew Van Ostade moet vullen, kwijt zich teruggetrokken achteraan op het podium, goed van zijn taak. Deze bende werkt nu al als een geheel; ís een groep in beeld en geluid, zoals ook een “(Entropology)” dat eindigt in uitbundig slagwerk door zowat alle bandleden laat horen. Orgelpunt “New Kids In Town” is niet meer dan een verplicht nummer, maar een dat met niet minder zorg dan voorheen wordt afgeleverd. Het publiek mag nog even wild gaan, bedankjes worden uitgewisseld.

Het heeft dEUS minstens tien jaar, vier platen en een hiaat gekost om concerten te geven die zo strak en foutloos als dit waren. De conclusie laat zich dan ook vlot schrijven. Dit School Is Cool zijn we binnen de kortste keren kwijt aan het buitenland. Tsjechië is naar verluidt al voor de bijl gegaan, nu de rest nog. Ga ze dit jaar nog zien in uw buurt, het zou daarna wel eens lang kunnen duren.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

zeventien − 11 =