Met Isbells door China: Deel 5 :: Jazz en Jetset

De euforie na de mooie Chendu-avond zindert nog lichtjes na als we, nauwelijk enkele uren na het opbreken van ons materiaal en de snelle nachtelijke en redelijk pikante hap nadien, al terug in het vliegtuig richting Hangzhou stappen. Slaapdronken zoeken we onze zitplaats, tourmanager/supportartieste Julie zorgt ervoor dat we die ook daadwerkelijk vinden en houdt verder een oogje in het zeil.

Tijdens de 2,5 uur durende vlucht krijgen we een nogal aparte maaltijd geserveerd: een volledig smakeloze, verpakte sponsactige cake, een nog smakelozere en compleet platgekookte portie rijst, een luchtdicht verpakt glibberig iets dat van ver doet denken aan een stuk vergane gember (smaakt werkelijk afschuwelijk) en een zogenaamd ‘duizendjarig ei’, een bekende Chinese specialiteit waarover ik ooit iets oppikte in een televisieprogramma. Vreemd genoeg is juist dit laatste – eigenlijk gewoon een sterk gemarineerd gekookt ei – het enige eetbare van de maaltijd, meer nog, het smaakt best lekker.

De stad Hangzhou lijkt ons van ongeveer dezelfde proporties als Chengdu, en is een trekpleister voor heel wat gegoede Chinezen. Het is ook een redelijke groene stad, bekend om zijn Western Lake. Al sinds onze aankomst in dit land zaag ik iedereen de oren van de kop om eindelijk eens de echte Chinese dumplings of dim sum te gaan eten. Vandaag krijg ik eindelijk mijn zin: het zaakje naast ons hotel serveert die. Geen traditioneel, authentiek eethuisje, maar een als fastfood ingerichte, hoogst ongezellige keet. We krijgen gigantische soepkommen geserveerd: dumplings met scampi, kip, varkensvlees en champignon in een kruidige bouillon. Niemand is onder de indruk. Geen idee of het bij mij aan de overeenkomst met de capelletti van mijn oma ligt, of aan een vorig leven als inwoner van China, maar: ik geniet van elke hap, en snoep ook van de borden van mijn medereizigers.

Op naar de venue, de JZ Club, een jazz club. Het is meestal aangenaam spelen in dergelijke clubs: fijne ruimtes helemaal voorzien voor rustige, akoestische muziek, vaak gezellig en knus ingericht, sobere maar goede installatie. Deze club heeft al deze eigenschappen maar: wat een onuitstaanbare clubeigenaar zeg. Geen idee hoe groot de dunk is die hij van zijn eigen etablissement heeft, maar we schatten even hoog als de wolkenkrabbers in Shenzhen. De man meent zich met onze opstelling en soundcheck te moeten bemoeien, verzet ongevraagd micro’s en boxen, en snauwt zijn personeel bovendien op erg arrogante wijze af. Klankman Nick kropt de frustratie en woede over de man noodgedwongen op, en laat betijen.

Omdat het huiskwartet nog na ons moet aantreden, spelen we vandaag een stuk vroeger. Julie steekt van wal met een set die een stuk warmer klinkt dan die van gisteren in Chengdu. Haar muziek past echt wel in deze setting. Dan is het onze beurt. Het publiek is aandachtig, rustig, wellicht wat té rustig. De set verloopt vlekkeloos, de klank is goed, maar ergens heb ik het gevoel dat het toch niet helemaal overkomt. Het publiek lijkt hier ook een stuk ouder en sjieker dan de afgelopen dagen. Na de show zie ik jonge, goedgeklede stelletjes dure flessen champagne bestellen. We drinken nog een laatste drankje op het terrasje buiten, en vangen gesprekken op over real estate-business. Tot in de puntjes opgesmukte jonge deernes zijn druk in de weer met hun laatste nieuwe smartphones, en de straat krioelt van de peperdure bollides. Welkom in de Chinese jetset.

We laten het rijke volkje voor wat het is, halen een frisse neus op in het parkje rond het Western Lake, eten een hapje samen enkele wat stille maar uiterst schattige vrienden van Julie, en gaan slapen.

Over rijk gesproken: morgen staat Shanghai op het programma.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

1 + zeven =