Roadburn 2011 :: donderdag 14 april




Het Nederlandse Roadburn staat garant voor vier dagen van
ijzersterke riffs en loodzware metalen. Onze reporter Stijn van
Hees trekt op pad en brengt verslag uit de meest intressantstee
acts van editie 2011. Vandaag krijgt u deel 1, de komende dagen
volgen de overige delen.

Na de rit naar Tilburg (opgeluisterd door onder andere Grifter
en Sidilarsen), is een betaalbaar parkeerplaatsje zoeken ter plekke
wel wat anders. Van rustig acclimatiseren op een plaatselijk
terrasje is dus geen sprake meer; hoofd vooruit, borst nat en in de
gekte duiken is de enige juiste keuze op dat moment.

Al blijkt die gekte aan het begin van de avond eerder onderhuids
en ingetoomd. Openingsacts Alcest en The
Kilimanjaro Darkjazz Ensemble
geven mooi aan hoe het
festival de laatste jaren geëvolueerd is van een hoogmis voor
stonerrockers en aanverwante riff-liefhebbers tot een staalkaart
van alles wat muzikale grenzen verlegt en geesten verruimt. Het
Franse Alcest is op het podium een volwaardige band, maar is toch
in de eerste plaats het project van de graatmagere en lijkbleke
Neige. De suicidale shoegaze wisselt nu en dan af met vrij
primitieve black metal, de gitaren trekken zware druiltapijten op
en de klaaglijke zang geeft een mens zin van het balkon te
springen. Het is, met andere woorden, niet echt indrukwekkend: we
horen weinig ziel en bij momenten is het ronduit vervelend. Het
hoofdpodium is bovendien veel te groot voor dit viertal statische,
bijna apathische schimmen. Maar laat dat onze mening zijn: een
flink deel van de zaal lijkt deze trage openingsdans best te
accepteren.

Nog snel in het Midi Theater een stuk van The
Kilimanjaro Darkjazz Ensemble
meepikken: tempo en de
nadruk op sfeer zijn vergelijkbaar met daarnet, maar de inkleuring
en vibe zijn helemaal anders. Op het podium zien we voor Roadburn
ongewone taferelen: een drumcomputer, samplers en een bijhorende
knoppendraaier, een tuba, een violiste een bassist met een
gigantische hoofdtelefoon. Voeg daar nog een sterke zangeres met
podiumpersoonlijkheid aan toe en je hebt een geslaagd spektakel. De
projecties vormen een gepaste aanvulling op de rokerige, film
noir-atmosfeer die in de zaal hangt. De warme tonen en volle bas
werken bedwelmend en heupwiegend, en wanneer knoppendraaier MHR
zijn bpm’s omhoog jaagt wordt het zelfs dansbaar. Daaraan toegeven
zou voor dit publiek een brug te ver zijn, maar de appreciatie is
voelbaar. Deze act zou zeker niet misstaan in de donkere tenten van
een Dour of Pukkelpop.

Het ongeschreven motto van Roadburn is “No rest for the wicked”
dus, hop, terug naar het hoofdpodium om Acid King
aan het werk te zien. Eindelijk: RIFFS, eindelijk: FUZZ. Gitariste
Lori S is al jaren een soort cultheldin van de stoner en doom
scene, en haar band wordt dan ook erg warm ontvangen. In het
ultieme stoner motorbende-anthem “2 Wheel Nation'” klinkt haar stem
nog wat vals en slecht gemixt, maar dat euvel raakt snel verholpen
en naarmate het uur vordert, doet het slome maar loodzware beukwerk
van dit powertrio wat het moet doen: het hoofd vrijmaken van
muizenissen en het kleingeld in je broek laten rammelen, terwijl op
de achtergrond de hele tijd psychedelische projecties gemaakt uit
fragmenten van oude motorfilms te zien zijn. Gelukkig is er ook in
het schema van het geëvolueerde Roadburn nog steeds plaats voor dit
soort pure acts met gitaar, bas, drum, wattages en de wil om
iedereen te bevrijden van zijn rugzakje dagelijkse sleur.

Terug in de Midi zijn de laatste drie nummers van Blood
Ceremony
genoeg om te weten dat we beter een parkeerboete
en een appelflauwte hadden geriskeerd, dan snel dat geld gaan
bijsteken en wat eten. Want wat een live-act! Alia O’Brien zingt
met behekste sirenestem, speelt orgel en fluit alsof ze de
haremleidster van Pan zelve is. De seventies gitaarklanken zijn vol
en gruizig, maar niet zonder melodie. De jubelende menigte neemt
iedere fluittoon van “Daughter Of The Sun” op, en een massa liefde
stroomt terug naar het podium.

Een halfuurtje wachten in het pluche van het Midi-balkon later
staat dan eindelijk Circle op het podium. Die zijn
dit jaar artist in residence op Roadburn en we willen geen noot
missen van hoe ze dat gaan invullen. Circle is immers uniek, en
zowel hun albums als hun liveshows zijn ervaringen vol
verrassingen. Vraag ons dus niet dit concert in reguliere zinnen te
beschrijven; we geven u een losse stream of consciousness: 3
gitaren, Halford/Jackson hybride zanger, Suomi Finland PERKELE,
krautrock, drone, drama, dodgy choreografie, metal, punk, doom,
robot, bombast, epilepsie-verwekkende projecties, temen en slaan,
indommelen en bruut wakkerschudden, zelfvertrouwen, show,
eigenwijs, studs, hondencolier, glimlachje, JUMALAUTA en weg!
Uitgeteld liggen we in de zetel.

We kicken af met vaste waarde The Atomic
Bitchwax
in een smoorhete, volgepakte Green Room.
“Destroyer”, “Tough Love” en zelfs het nieuwe ellenlange
instrumentale “The Local Fuzz” gingen erin als THC damp. Deze band
is begonnen als jamband, ooit nog met Ed Mundell (ex-Monster
Magnet) op gitaar, en dat vrije aspect hoor je nog steeds in de
wilde solo’s en de laagvliegende baslijnen die soms niet 100% op
elkaar afgestemd lijken maar wel 200% pure good vibes de zaal in
jagen. Ook dit is nog steeds Roadburn: (wah-)pedal to the metal,
wazige glimlach op je snoet en zwieren met de manen. En deugd dat
dat doet na een dag lang over je baard strijken. Morgen meer van
dat, graag.

Dit verslag kwam tot stand in samenwerking met
Goddeau.com

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

20 − 11 =