Master Musicians of Bukkake + Oneohtrix Point Never + Dolphins Into the Future

Toegegeven, het volk dat dinsdagavond en masse was
afgezakt naar de AB, deed dat voor de minimale elektronica van
Trentemøller, maar toch ging het echte feestje van de
avond door in de AB Club, alwaar een klein publiek kwam genieten
van een zorgvuldig uitgekozen triple bill. Al is het woord
‘feestje’ misschien misleidend: de drone-artiesten die er hun
opwachting maakten, zorgden eerder voor een satanisch,
ritualistisch en sektarisch offerandefeest dan voor de gemiddelde
scoutsfuif. Tot gevolg: bezwerende synths, oerwoudgeluiden, tribale
drummachines, daverende gitaren en een opgetrokken wenkbrauw hier
en daar. Maar toch ook: een muzikale ervaring die, al was ze niet
perfect, deugddoend anders was.

De avond werd in gang getrokken door L.R.J. Martens, een Belgisch
undergroundartiest met fixatie voor dolfijnen, getuige daarvan
eveneens zijn nom de plume Dolphins Into the
Future
. Voor zijn nieuwste release op het Belgische KRAAK
ging hij zich in Hawaï specialiseren in communicatie met de beesten
terwijl hij zich moedwillig twee weken van slaap beroofde – jep –
om in een extatische artistieke roes ‘Ke Ala Ke Kua’ te componeren,
een dromerig stuk ambient dat er een kunst van maakt natuurgeluiden
te vermengen met zacht knisperende elektronica. In de AB speelde de
man – niet de laatste weirdo die op het podium zou plaatsnemen –
een ultrakorte set van amper 20 minuten, net genoeg tijd om even te
kunnen relaxen op zijn zweverige klankenpalet.

De man waarvoor wij persoonlijk waren afgezakt naar de AB heet
Daniel Lopatin en is naast Mark McGuire van het al even geweldige
Emeralds dé spilfiguur van de zwaar op krautrock gestoelde
experimentele elektronica die in het hippe cassettecircuit zo
populair is. Synths uit de jaren ’70, ’80, repetitieve ritmes uit
de school van Michael Rother, Hans-Joachim Roedelius en Manuel
Göttsching, krakende noise à la ‘Street Horrrsing’ van Fuck
Buttons, even gelaagde als hypnotiserende ambient zoals Stars of
the Lid die al eens durft te maken en een vette streep Vangelis
bepalen de sound van Oneohtrix Point Never, al was
de dronegigant heute abend ook druk in de weer met
dreigende junglesamples, oerkreten en andere tribale
spielereien. Het optreden werd vooruit gepulseerd met een
geweldig gevoel voor tempo en opbouw, al kon Lopatin de zorgvuldig
uitgekiende atmosfeer van zijn platen ‘Zones Without People’ en
‘Returnal’ niet helemáál recreëren.

Als u Martens al een beetje vreemd vond (vrijwillige
slaapontbering, I’m asking you!) dan had u duidelijk de
Master Musicians of Bukkake nog niet gezien.
Hoeveelheden rook waar de Eyjafjallajokull jaloers op zou zijn,
werden met een stevige scheut wierrook de kamer ingestuurd, terwijl
de band – voor zover je ze kon zien – verkleed was als een stel
Arabieren, met uitzondering van de zanger, die met een soort
hindoeïstisch masker een soort geflipte yoga bracht, als een soort
stonede ninja. Enfin, sort of. Niet alleen hun voorkomen
was een stijlbreuk met de elektronica-artiesten die we daarvoor al
aan het werk zagen, ook de muziek viel – net als op plaat – niet in
dezelfde traditie te plaatsen.

Waar Oneohtrix en Dolphins iets fabriceren dat je met een beetje
goede wil nature drones, krautambient of – waarom ook niet
hypnagogic pop zou kunnen noemen, afkomstig uit een
scene waar ook kleine labels als Not Not Fun en Olde
English Spelling Bee zich thuisvoelen, hoort Bukkake (als u niet
weet wat het betekent, google de term dan gerust even, met
onze complimenten) eerder bij het soort experimentele metal dat je
mag associëren met groepen als Earth of het Belgische label
Conspiracy. Oók dreunende soundscapes, repetitieve ritmes en
bezwerende chants dus, maar ondersteund door kolkende
gitaren in plaats van zalvende synths. Interessantdoenerij stond
echte inleving in de weg en de aankleding was eerder lachwekkend
dan sfeervol, maar het publiek was goed mee en de Oosters getinte
klanktapijten konden hier en daar zeker op onze goedkeuring
rekenen. Muzikaal minder interessant dan de twee voorgaande acts
dus, maar minstens dubbel zo geflipt.

Al bij al een uiterst geslaagde avond, al was er – de
indrukwekkende triple bill ten spijt – weinig te horen om
écht lyrisch over te worden.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

8 + 4 =