Nuit Belge :: 11 mei 2010, Botanique

Het Brusselse platenlabel 62TV Records mocht dit jaar de plak zwaaien op de Nuit Belge. Van de Orangerie over de Rotonde tot in de Expozaal, overal stond het vol met de protégés van dit Belgische indielabel. Een meerderheid aan Franstalige groepen natuurlijk, maar beginnen doen we toch met een Vloms meiske

Nele Van den Broeck mag buiten in de Chateau een halfvolle tent opwarmen en wie Van den Broeck enkele weken geleden in de finale van Humo’s Rock Rally bezig zag, weet waaraan hij zich kan verwachten. Van den Broeck is haar prettig gestoorde zelve en tussen haar loser anthems “Gij Kunt Mij Krijgen” en “Do You Remember Made In Taiwan?” door, trakteert ze het publiek op giechelbuien en gespeeld gestuntel die ons doen vermoeden dat er iemand xtc-pillen in haar zakje M&M’s heeft gestopt. Nee, wij kunnen het Rock Rallyjurylid dat zich resoluut tegen Nele verzette wel begrijpen. Ze kan iets en ze heeft présence, maar haar pose overstijgt nergens het Kunstbendeniveau.

In de Orangerie pikken we nog net de laatste nummers van Hallo Kosmo mee, zowat de ultieme 62TV-band. Met leden van Girls In Hawaii, Austin Lace en The Tellers staat er een onderonsje van Walloniës publiekslievelingen op het podium, maar wat ze daar doen klinkt helemaal anders dan wat ze met hun aparte groepen maken. Geen indiepop hier, dit is elektronisch en bijzonder dansbaar. We worden vergast op een rockende cover van “Galvanize” van The Chemical Brothers en staan verbluft van de punch en de cool van deze heren. Nooit eerder van gehoord, maar Hallo Kosmo swingt als een tiet.

Het is echter voor Lucy Lucy! dat de zaal pas echt volloopt. Deze jongelingen uit de hoofdstad veroveren as we speak stormenderhand het zuiden van het land met hun catchy single “I Can Give It” en ook hun vorige single, “Clock”, werd grijsgedraaid op Pure FM. Ons konden ze voorlopig niet zo overtuigen met hun eind vorig jaar uitgebrachtte e.p. The Morning Can Wait, maar het staat de heren vrij vanavond ons ongelijk te bewijzen.

En — schaam schaam — dat doen ze ook. “Veel meer cachet dan op dat flauwe debuut”, schrijven wij, en nu we de heren bezig zién gaat er plots een hele wereld open die zich op de plaat nog niet ontplooide. Harmonieus samenzingend en met vier gitaren staan hier zes energieke en frisse poprockers de Orangerie in te pakken en dat doen ze voor het merendeel met songs die niet op dat e.p.’tje stonden, maar kennelijk voor de later dit jaar te verschijnen debuutplaat bestemd zijn. Ze klinken Brits en schurken ook aan tegen het geluid van labelgenoten Girls In Hawaii, maar waar we het succes van die laatste band nooit echt begrepen hebben, zien wij wel potentieel in dit Lucy Lucy!. Kwiek als de jonge Beatles.

En dan wordt het knopen doorhakken, kijkend naar het interessante programma. The Tellers komt in de Orangerie nieuw materiaal voorstellen en het Luikse Eté 67 doet hetzelfde in de Chateau met zijn nieuwe plaat Passer La Frontière. Wij laten ons echter verleiden door de schitterend ingeklede Expozaal voor een intimistische set van Dez Mona, sowieso een van de meest bezienswaardige bands die België momenteel rijk is.

Het is en blijft een geweldig duo: de theatrale zanger Gregory Frateur in combinatie met de stille contrabassist en Willlen Vermanderelookalike Nicolas Rombouts. Zo verschillend als ze zijn, zo perfect vullen ze elkaar aan. Bijgestaan door een toetsenist, een drummer en twee achtergrondzangeresjes brengt Dez Mona vanavond een eigenzinnige set met nummers uit Hilfe Kommt, enkele covers en occasioneel een ouder nummer.

De enigmatische Frateur trekt als steeds de meeste aandacht naar zich toe, is het niet met zijn ijselijke stem dan wel met zijn diva-allures. Omdat hij daar naar eigen zeggen gewoon even zin in heeft, brengt hij a capella een door merg en been snijdende tribute aan de pas overleden jazz-zangeres en actrice Lena Horne waar iedereen stil van wordt. Even later is hij echter goed voor een geestige kwinkslag in schabouwelijk Frans alsof hij het publiek even een adempauze wil gunnen tussen zo veel theater en beklemming door. Maar Dez Mona staat als een huis en kan die contrasten perfect opvangen. Deze groep valt in feite niet te vatten met omschrijvingen van een stemgeluid, Dez Mona moet je zien in al zijn glorie.

En zo keren we voldaan huiswaarts maar blijven we toch met het gevoel zitten dat we vanavond ook weer een aantal andere Belgische groepen niet hebben kunnen zien. Het zij zo, volgend jaar is er weer een Nuit Belge. En ondertussen ontdekt u die Waalse groepjes toch gewoon zelf?

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

twintig − 7 =