Paolo Nutini + Will & the people + Kate Walsh




“Moeders met dochters, ze verachten me” gaat volledig op voor de
vuilgebekte jojo’s van de Jeugd van Tegenwoordig. Maar wanneer een
jonge twintiger met het stemgeluid van de legende Ottis Redding
zijn opwachting maakt in het Koninklijk Circus, blijkt menig moeder
zichzelf bereid te vinden om met haar dochter en diens vriendinnen
plaats te nemen in het koninklijke leder. Ze moet er wel bijnemen
dat ze genoodzaakt is om zich door de eerste twee opwarmingsrondes
te werken, gezamenlijk met haar, door het jonge grut gesmaakte,
portefeuille. Ze dient niet alleen chips en ijsjes aan te voeren,
maar ook plaatjes van Will & the people, en dat voor slechts
five euros, only five euros. Een koopje!

Een uitverkoop zelfs. Niet alleen Will & the people waren
voorzien van een stevige marketingstrategie als het aankwam op het
verkopen van hun album, maar ook Kate Walsh, die
als eerste opgediend werd, wist maar liefst 5 keer te vermelden dat
ze Kate Walsh was en dat ze ook de nodige merchandising in haar
Britse koffertje gestoken had. Ze wist het Franstalige publiek
alvast te charmeren met haar Franse bindteksten, die ze vloeiender
dan menig Vlaming zou gekund hebben, over haar lippen liet glijden.
Maar helaas bleef ze muurvast steken in haar eenzame
gitaarballades. Ze mocht dan wel ondersteund worden door een
toetsenist en een celliste, ze kon het honderduit taterende publiek
niet een keer met een gevoelige pling aan haar gitaar tot
verstomming brengen. Niemand was gekomen om liefdesperikelen van
een meisje in een zwart jurkje te aanhoren en dus konden de
conversaties ongestoord verdergezet worden.

Will & the people brachten het er al een heel
stuk beter van af. Zij hadden het soort muziek in petto dat het
zeer gemengde publiek wél wilde horen: opgezweepte ritmes, een
snuifje reggae en een goede basdrum in de achtergrond. En net rond
die basdrum knelde de schoen nu wel heel erg hard. Volgens Willy
was de drummer die hen normaal vergezelde vorige week in een
laptop, genaamd Simon, veranderd en moesten ze het nu stellen met
een drumcomputer van bedenkelijk allooi. Of de echte drummer Simon
opgestapt was omdat hij het asymmetrische Bassie-kapsel van Willy
niet meer kon aanzien of dat hij ziek in z’n bed lag, werd in het
midden gelaten. Feit bleef, dat Simon z’n afwezigheid niet
rechtgetrokken kon worden op het podium. De eerste twee nummers was
het dankzij de aanblik van de lollige heren Willy en Tilly nog
enigszins mogelijk om door het metalige geluid van die drumcomputer
te luisteren, maar daarna leken enkel nog de holle tikken van
niet-bestaande drumstokjes te weergalmen door de ruimte. Geen
probleem voor de nog flukse tieners, maar de oren die de leeftijd
van twintig al (ver) voorbij waren, leken gaandeweg minder
enthousiast te worden.

Het niet in de snelverkoop geplaatste hoofdgerecht van die avond,
Paolo Nutini liet de horden vrouwen die speciaal
voor hem massaal richting de hoofdstad waren getrokken, nog even
sudderen in het steeds broeieriger wordende KC alvorens in het
kielzog van zijn band naar voren te komen. Een ronduit vreemde
verschijning. De houding van de man zwalpt ergens tussen die van
Ray Charles, een chimpansee met een hernia die een oud vrouwtje
probeert te entertainen en een oud vrouwtje dat met nootjes de
aandacht van een chimpansee probeert te trekken. Zijn houding leek
in eerste instantie de indruk te wekken dat hij het niet langer dan
een nummer op het podium zou rekken; zwalpend en reikend naar
ergens in het oneindige, maakte hij geen al te vaste indruk. Maar
‘Ten out of Ten’ liet meteen zijn volmaakte doch korrelige
stemgeluid ten volle horen en nam de twijfels over zijn toestand
volledig weg.

Nutini heeft het nodig om volledig op te gaan in zijn muziek en
lijkt af en toe te vergeten dat hij op een podium staat voor een
horde uitgelaten, kirrende meisje van alle leeftijden. Hij merkt
zelfs niet dat er achter zijn rug heel wat spielereien plaatsvinden
onder zijn bandleden. En hij heeft er heel wat mee op sleeptouw,
tot blazers toe, die zijn nummers nog meer cachet geven dan ze op
plaat al hebben.
De man had de crème de la crème van zijn nummers mee onder de arm.
Hij liet dansen met ‘Pencil Full of Lead’, meezingen met ‘Jenny
Don’t Be Hasty’, zwijmelen met ‘Candy’ en liet het haar op de armen
massaal overeind komen met zijn magistrale nummer ‘No Other Way’.
Wanneer Nutini zich volledig liet gaan in “I Love You, Girl I Don’t
Want You, I Need You”… kon niemand de hartslag in bedwang
houden.

Zijn bisronde was zonder meer een van de meeste gesmaakte van het
afgelopen jaar; hij gooide zonder twijfelen eerst een soloversie
van ‘Chamber Music’ de zaal in om daarna meteen de beste cover van
het jaar 2010 de zaal in te gooien: ‘Time to Pretend’ van MGMT. Of
hoe van funky funkiest te maken!
En om zijn publiek helemaal te plezieren – alsof hij dat nog niet
genoeg had gedaan – gaf hij ‘Rewind’ als laatste weg op algemeen
gejoel uit de zaal. “You are Jean-Claude Van
Dammetastic
“…. Dus dat “Hello Amsterdam” eerder op
de avond, was toch ironisch bedoeld.

Deze jonge man met de stem van een doorleefd oudje had met ‘Sunny
Side Up’ al het perfecte retrogevoel weten boven te toveren en live
doet hij daar nog eens een flink schep heupswingen bovenop. Hou die
verrekijker maar bij de hand, want deze man gaat het nog zeer ver
schoppen.

Meer afbeeldingen Paolo
Nutini
Will
& The People
Kate Walsh

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

11 + zeven =