Dizzee Rascal :: Tongue N’ Cheek

De wereld is kapot. U kunt dus twee dingen doen: ofwel hoort u
hoofdschuddend elke avond om 19u het doemerige relaas van Wim
Devilder aan, ofwel bouwt u een feestje op de vuilnisbelt van het
bestaan, en dan nog liefst alsof het 1999 was. Op ‘Tongue N’ Cheek’
kiest Dizzee Rascal voor de tweede optie. Begrijpelijk, maar met
kwalijke gevolgen. De grauwe grime van ‘s mans eerste platen wordt
namelijk bedekt met een herkauwde laag rozige bubblegum, en Dizzee
ratelt nu liever over de heilige drievuldigheid van MTV-rap (geld,
seks en feesten) in plaats van met z’n vocale scalpel het rotte
vlees van de maatschappij door te snijden. Rascal ruilt de
barricades dus in voor de discotheek, maar samen met z’n inhoud
verdampt ook het grootste deel van z’n kwaliteiten op de zweterige
dansvloer. Ironisch: slaagde Daan er met ‘Victory’
en ‘The
Player
‘ in om knappe knipoogplaten te maken, dan voelt ‘Tongue
N’ Cheek’ ondanks z’n titel eerder aan als een flauwe grap. It’s
funny…not!

Een donderslag bij heldere hemel is deze vierde plaat ook al niet.
‘Showtime’ bouwde nog een fraai verlengstuk aan Dizzee Rascals (né
Dylan Kwabena Mills) nu al iconische debuut ‘Boy In Da Corner’,
maar met ‘Maths + English’ verviel de Londense rapper soms al in
platitudes. Meer dan een doorbraakhit leek niet nodig om hem
helemaal over die streep te trekken. Enter ‘Bonkers’, de zomerhit
2009 die op de festivals menige meisjesslip nat beukte en vele
ontblote torso’s deed verstrakken. Maar stelt ‘Tongue N’ Cheek’
meer voor dan die opwindende molotovcocktail van testosteronbeats
en drilboorbassen? Nauwelijks!

Het is zelfs ronduit triest om te horen hoe Mills z’n eigen stekje
binnen de hiphop inruilt voor onderling inwisselbare prefab. Met de
rudimentaire grime van ‘Boy In Da Corner’ had Rascal immers een
stukje braakliggend terrein in het muzieklandschap geclaimd, maar
met ‘Tongue N’ Cheek’ gooit hij zichzelf bij de grote hoop
feestneuzen die hiphop, dance en bigbeat een triootje laten
uitvoeren. Van uniek naar 13 in een dozijn, deze plaat is een
zevenmijlslaarspas achterwaarts.

Voorbeelden zijn te talrijk om op te noemen. De 90’s-pastiche
‘Dirtee Cash’ mist enkel nog een 2Unlimited-sample om helemaal over
het paard getild te zijn, ‘Bad Behaviour’ (met Tiësto!!!) is platte
kak en het banale ‘Holiday’ doet ons zowaar denken aan ‘Miami’ van
Will Smith. Brrrrrrrrr! De tragere tracks zorgen allerminst voor
beterschap. ‘Chillin’ Wiv Da Man Dem’ is meer skit dan song, en
nummers als ‘Freaky Freaky’ en ‘Dance Wiv Me’ zijn weinig meer dan
geluidsbehang voor hippe loungeclubs. Weg is de urgentie, de
energie en de bevlogenheid, Rascal nestelt zich in de floeren zetel
van de commerce en alle peper wordt uit de poep gepeuterd.
Bovendien werken verschillende producers mee aan ‘Tongue N’ Cheek’,
waardoor de plaat ook nog eens coherentie ontbeert.

Valt er dan alleen maar azijn te pissen over deze plaat? Toch niet,
het met venijnige synths en een opgefokt ritme geflambeerde ‘Road
Rage’ laat even de snedige en gefocuste Dizzee Rascal van vroeger
horen en in het sobere ‘Leisure’ etaleert hij nog eens z’n fraaie
ratelrhymes. Dat Dizzee nog steeds goed van de tongriem gesneden
is, staat dus buiten kijf. Alleen worden z’n raptalenten op deze
plaat gemuilkorfd door tweederangssongs en uitstapjes naar het
slechtste uit de jaren ’90, een periode die net bijna uit onze
harde schijf was gewist.

In da corner hoort Dizzee Rascal allang niet meer thuis. De
beeldenstormer uit de Londense suburbs is getransformeerd tot een
party hardy-woelwater die overduidelijk geniet van z’n plekje in de
schijnwerpers. Dat hij z’n muzikale identiteit met ‘Tongue N’
Cheek’ over de haag gooit, is geen beletsel. Wie genoeg Red Bull
achterover slaat en de hersenen even op non-actief zet, zal een
vette kluif hebben aan deze plaat. Alle anderen dienen zich te
onthouden.

Dizzee Rascal treedt op 23 november op in de Hallen van
Schaarbeek.

www.dizzeerascal.co.uk

www.myspace.com/dizzeerascal

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

vijftien − acht =