Herb Robertson Macroquarktet :: 25 september 2009, De Werf (Brugge)

Eén blik op de line-up van dit kwartet, en de goede verstaander trekt zijn conclusies: klassieke jazz, it ain’t. Het Herb Robertson Macroquarktet bewandelde de grens tussen free jazz en vrije improvisatie met sprekend gemak, uit de mouw geschudde stijl en zonder enige pretentie.

De naam alleen al is een goede indicatie van hetgeen waar je je aan mag verwachten met Robertson & co. Enerzijds heb je die naam, die tegelijkertijd verwijst naar een alomvattende structuur én de kleinste onderdelen ervan (quarks zijn subatomaire deeltjes, nog kleiner dan protons), anderzijds heb je het zelfrelativerende woordspelletje. Het zou een indicatie zijn van het hele optreden: gebracht met opperste concentratie, mét een fikse dosis humor.

Op het podium stond dan ook een all star quartet van de geïmproviseerde muziek. Meesterdrummer Tom Rainey was jarenlang actief aan de zijde van Tim Berne (o.m. ook met Robertson), trompettist Dave Ballou liet zich al opmerken in verschillende contexten (klassiek, pop, jazz) en Clarence “Herb” Robertson is een figuur die de voorbije vijfentwintig jaar opdook aan de zijde van namen als Bill Frisell, Barry Guy, Michael Moore en John Zorn. De man voelt zich zowel goed in het bijzijn van postboppers als avantgardisten met een missie.

Bassist Drew Gress werd vervangen door Wilbert de Joode, een van de meest ervaren bassisten uit de Lage Landen en een expert die moeiteloos z’n mannetje wist te staan tussen de drie Amerikanen en hun aparte aanpak. Zo is Robertson een muzikant die regelmatig het melodische, lyrische pad kiest, maar net zo vaak terugplooit in individuele creativiteit en geluidserupties en vaak opvalt door zijn onalledaagse speeltechnieken, door veel te werken met dempers en vervorming, blaas- en tongmanipulaties en het demonteren van zijn instrument.

Het waren vrije uitspattingen, die in net zo’n sterke mate terug te vinden waren in het creatieve spel van Rainey. De man kan zowat alles, maar verwacht niet dat hij een potje conventioneel gaan zitten spelen. In plaats daarvan: rim shots, hoekige roffels, met een handdoek gemanipuleerde snaredrumslagen, en spel met blote handen. Het leidde niet zozeer tot een spel van vraag en antwoord als tot een ketting van verderzettingen: de vier bezorgden elkaar hints en bouwden avontuurlijk verder op ideeën, waarbij vooral de trompettisten geen mogelijk onbenut lieten. Naast al de hulpstukken zagen we ook een cornet, piccolo trompet en allerhande speeltjes passeren.

De eerste set begon indrukwekkend met een subtiel klankenspel, waarbij het boeiend was om te horen hoe twee trompetten een spel van timbretransformaties ondergingen. Vervolgens een vrij, haast dadaïstisch stuk vol gefractureerde brokken en grappige nonsens, dat uiteindelijk toch leidde naar een gevatte climax. De tweede set was krachtiger, luider en toonde nog beter de verschillende aanpak van Ballou en Robertson: nam de eerste een iets conventionelere rol op zich, door uit te pakken met vrij melodische lijnen, dan stond de leider voor de meer fysieke, tegendraadse aanpak. Mooi om te zien hoe hij in momenten van concentratie met bolle wangen overhelde.

Vrije improvisatie geeft aan de gemiddelde muziekfan vooral een indruk van willekeur. Voor een stuk klopt die bewering – de muzikanten zijn immers vrij om uit te pakken met elk geschikt idee dat hen te binnen schiet – al was het hier ook overduidelijk dat ook daar een taal bestaat van subtiele hints en aanmoedigingen, zoals bewezen werd door de manier waarop stukken collectief afgerond werden en solo’s geduldig konden uitdeinen tot ze onhoorbaar werden.

Wat muziek als deze – door zijn onvoorspelbaarheid en grilligheid – niet kan bieden is een emotionele, louterende ervaring, gegoten in een klassiek verhaal. In plaats daarvan: inventieve expressie, abstract én intimistisch, ernstig én humoristisch, lyrisch én vrij. En bovenal: er werd niet enkel muziek gespeeld, maar ook gemaakt terwijl je er met je neus bovenop stond.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

veertien + 19 =