Tindersticks :: “We zijn veel meer een Europese dan een Britse band”



2008 werd het jaar waarin Tindersticks opnieuw boven water kwam
en na een afwezigheid van vijf jaar met het sterke ‘The
Hungry Saw
‘ uitpakte. Van het oorspronkelijke zestal beleefden
enkel frontman Stuart Staples, toetsenist David Boulter en gitarist
Neil Fraser de heropstanding.

Op een warme voorjaarsdag testte Tindersticks hun nieuwe
materiaal op een enthousiast Koninklijk Circus uit om later ook op
Pukkelpop indruk te maken. David Boulter zat die dag op een druk
bezocht en zonnig terras, waar het wemelde van de insecten, die uit
het overhangende gebladerte regelmatig hun weg naar de
terrasbezoekers vonden. enola ging bij hem aan tafel zitten en had
het met hem onder andere over Londen, Nirvana en
Centraal-Frankrijk.

enola: Hallo, hoe gaat het ermee?
David: goed. Beetje van het weer aan het genieten. Lekkere
koffie.

enola: Jullie zitten in een mini-tournee in Europa op dit
moment. Hoe verloopt het?

David: naar wens, tot nu toe. Elke dag wordt het wat beter. Je moet
weer wat gewoon worden aan bepaalde dingen. Sommige zaken zijn
volledig nieuw of heb je in lange tijd niet meer gedaan.

enola: Morgen spelen jullie in Londen. Jullie zullen daar op
jullie best willen zijn, veronderstel ik…

David: mja, Londen is voor mij niet belangrijker dan andere
plaatsen hoor. We spelen waar mensen ons willen zien en dat op zich
is al fantastisch. Brussel is zo belangrijk voor ons als Parijs of
Londen. Het is niet dat Londen dat mystieke nog heeft voor ons. Het
is niet meer ons centrum van de wereld.

enola: Hoe voelt het om terug in een band te
zitten?

David: goed. Al voelt het niet aan alsof we ooit gestopt zijn. Ik
heb intussen ook op platen van Stuart gespeeld en zelf eigen muziek
gemaakt. Het enige wat echt veranderd is, is de vrijheid die we
voelen en de grootte van Tindersticks.

Meer ademruimte

enola: Al verschillende jaren nog voor jullie vorige album
uitkwam, circuleerden geruchten dat Tindersticks zou splitten. Ik
veronderstel dat dit het er voor jullie niet makkelijker op
maakte…

David: tijdens onze eerste twee platen praatten we niet over
muziek. We maakten ze gewoon. Het was leuk want alles was nieuw en
alles was gemakkelijk. Na die tweede plaat hebben we eens
stilgestaan bij waar we mee bezig waren en wat we wilden. Toen
begon het als een job aan te voelen en ik denk dat dit ons niet
goed deed. Bij onze laatste drie platen werd elk album steeds wat
minder spannend voor ons. Dus moesten we wel even halt houden. Ik
denk dat we die pauze inlasten omdat we niet meer wisten wat te
doen.

enola: En nu hebben jullie die vroege energie
teruggevonden?

David: ja, dat denk ik wel. Anderhalf jaar geleden speelden we een
show in Londen en dat was voor het eerst in twee jaar dat we bij
elkaar waren geweest. We beseften die avond dat we in staat waren
om iets fantastisch neer te zetten.

enola: De basisleden zijn nu teruggebracht naar drie. Hoe
kwamen jullie bij de nieuwe mensen terecht?

David: door onze show in de Barbican (Londen, kvv). Het
begon eigenlijk allemaal toen onze relatie met Dickon, die
de strijkersarrangementen deed, wat stroef begon te lopen. Hij had
meer ruimte nodig voor wat hij muzikaal wilde doen. Sommigen hadden
het gevoel dat wat hij wilde niet echt meer binnen Tindersticks
paste. Toen we dan in de Barbican moesten optreden, wisten we dat
hij dit niet meer wilde doen. Maar met vijf zonder hem voelde wat
verkeerd aan. We vroegen er toen een aantal mensen bij en we
genoten echt van hun energie, enthousiasme en andere aanpak. Ze
gaven ons het gevoel bij Tindersticks te horen. Bovendien beseften
we dat hij tijd was te stoppen die band van zes leden te zijn. Op
dit moment voelt Tindersticks niet aan alsof we met drie zijn maar
met een twaalftal. Het geeft de muziek meer ademruimte, vind
ik.

enola: Jullie hebben altijd een vrij unieke sound gecreëerd in
Groot-Brittannië. Hoe moeilijk was het om jullie songs te verkopen
toen jullie begonnen?

David: tot aan de jaren negentig vrij moeilijk. Wij zaten al in
bands sinds de vroege jaren tachtig. In de late jaren zeventig was
er punk, gepaard met het gigantische gevoel dat je kon doen wat je
maar wilde doen. Zelf ben ik met muziek begonnen in de nadagen van
punk. Een groep als Joy Division was een grote invloed op ons toen.
De jaren tachtig werden erg steriel en het leek het alsof elke band
dezelfde productie en geluid had. Daar kwam uiteindelijk een
reactie op maar wij wisten niet zo goed hoe eruit te geraken. We
probeerden andere muziek te creëren. Plots kwam Nirvana en plots
wilden de platenmaatschappijen dat nieuwe geluid uitbrengen. Wij
stonden daar op het juiste moment op de juiste plaats. We beslisten
om muziek te maken voor onszelf en we deden ook het hele proces
zelf. De muziekindustrie heeft ons dan een kans gegeven en schonk
ons creatieve vrijheid, waarbij we ook naar plaatsen als België
konden komen. Het bewegingsaspect, en dan vooral Europa, werd erg
belangrijk voor ons en we verloren het gevoel dat Engeland onze
heimat was. We voelden ons meer een Europese dan een Britse
band.

enola: Stuart is dan ook in Frankrijk gaan
wonen…

David: inderdaad. Hij woont nu in het centrum van Frankrijk, in
Limousin. Ik denk dat het vooral de ruimte was die hem aantrok. Hij
kwam van Londen, net als ik. Ik ben tien jaar geleden van Londen
naar Praag verhuisd en daar woon ik nog steeds. Ik woon er nu al
langer dan dat ik in Londen was. Stuart heeft daar een jaar of
zestien gewoond. Wanneer je in de twintig bent en muziek maakt, is
Londen echt fantastisch. Maar dan word je wat ouder, heb je plots
een familie en kinderen en dan verhuis je naar Praag. Londen werd
plots erg klein en hoe meer ik ernaar toe ga, hoe meer het lijkt te
krimpen.
We maakten er platen in een kleine, omgebouwde garage van Stuart
maar op de duur snakten we allen naar meer ruimte. Nu heeft hij
zijn schuur omgebouwd tot studio en het was fantastisch om er op te
nemen.

enola: Wat moet ik me voorstellen bij Limousin?
David: het is zo’n kleine plaats waar jonge mensen vertrekken
wanneer ze achttien worden. Er leven dus voornamelijk oudere
mensen, wat het erg rustig maakt. Al bij al wonen daar misschien
5000 à 6000 mensen.

Onverstaanbare Brel

enola: Hoeveel keer heb je de aflevering van Sopranos al gezien
waarin ze ‘Tiny Tears’ gebruiken?

David: nog nooit! Ik kijk regelmatig naar afleveringen maar het is
niet dat ik de dvd’s heb en ernaar op zoek zal gaan. Het zou
fantastisch zijn mocht ik het nummer plots, onverwacht horen.

enola: Gisteren was er een programma op de Belgische radio
waarin de 50 mooiste stemmen uit de pop en rock werden voorgesteld.
Die van Stuart bleek er jammer genoeg geen van. Welke zou het voor
u zijn?

David: bij een stem spreekt mij vooral aan welk gevoel die bij me
oproept. Ik vind Ian Curtis even fantastisch als Scott Walker. Maar
zeker ook Jacques Brel. Ik luisterde al naar Brel toen ik jong was
en ik verstond geen woord van wat hij zong maar ik voelde aan dat
het iets belangrijks was. Maar het muzikale is voor mij altijd
doorslaggevender geweest dan de stem van de zanger.

enola: Omdat je zelf niet zingt…
David: mja, ik zing wel onder de douche (lacht). Het is
niet dat ik daar ooit iets mee gedaan heb. Ik wist al op jonge
leeftijd dat ik muziek wilde maken maar de drang om te zingen heeft
er bij mij nooit ingezeten. Ik heb wel een fase gehad wanneer ik op
mijn gitaar Lennon of Bowie wilde zijn, maar dat heeft niet lang
geduurd.

enola: We kunnen gerust stellen dat bands als The National, The
Dears en iLiKETRAiNS door jullie zijn beïnvloed. Naar welke gaat je
voorkeur uit?

David: ik vind dat altijd vreemd wanneer mensen me zeggen dat een
band door ons is beïnvloed. Zelf zien we dat niet vanuit dit
perspectief. Wij luisterden veel naar Leonard Cohen en zo toen we
begonnen maar van een bewuste invloed van welke band dan ook was
bij ons nooit sprake. Dan zal de grootste voor ons nog The Velvet
Underground geweest zijn.

enola: Naar wat luister je nu zoal?
David: naar alles wat mijn aandacht opeist en dat gaat erg breed.
Zowel Stuart als ikzelf waren erg onder de indruk van de laatste
Fiery Furnace-plaat. ‘Widow
City
‘ zuigt je volledig op. Bon Iver heb ik de laatste tijd ook
veel gedraaid.

enola: Enig idee wat ‘Boobar’ betekent?
David: ik weet exact wat het betekent maar ik mag het niet zeggen
(lacht). Het is in principe een nonsens-woord dat Stuart
heeft van een kinderlied. Voor Stuart heeft het woord geen echte
betekenis, denk ik. Ik heb hem eens gevraagd of hij wist wat het
ook kon betekenen maar hij trekt zich daar niets van aan.

enola: Komt er nog solomateriaal nu of is het opnieuw volledig
Tindersticks?

David: momenteel ziet het ernaar uit dat het volledig Tindersticks
zal worden. Het zou zonde zijn om hier al te eindigen. Ik hoop dat
we nog lang de energie vinden om met deze band te kunnen spelen en
dat de nieuwe nummers er vlot komen.

Tindersticks speelt op 14 december in Cactus
(Brugge).

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

zeventien − elf =