Operator Please :: Yes Yes Vindictive



Operator Please zijn drie jongedames en twee jongeheren
straight from Down Under. Ze zijn hun babyfaces lang nog
niet ontgroeid, maar weten wel al perfect hoe ze er hip moeten
uitzien: zwarte skinny jeans, kleurrijke shirtjes en lichtelijk
gestoorde artsy kapsels. Je zou haast gaan denken dat het vijftal
deel uitmaakt van de Britse indiescène. Het is dan ook die markt
waarop ze momenteel het duidelijkst azen. In thuisbasis Australië
hebben ze al een omvangrijke fanbase achter zich weten te scharen,
in het Verenigd Koninkrijk worden ze ook steeds populairder dankzij
hun support acts voor onder meer Arctic Monkeys, Bloc Party, The
Go! Team, Maxïmo Park en Good Shoes. Operator Please beschikt dan
ook over een uitstekende live-reputatie, maar dat is niet altijd
een garantie voor een sterke plaat. Tijd om debuut ‘Yes Yes
Vindictive’ aan de test te onderwerpen.

Operator Please blijkt heel wat belang aan imago te hechten. Het
hoesje is psychedelisch, artistiek en een beetje vaag, en ook
muzikaal is er duidelijk hard geprobeerd om te klinken zoals dat
tegenwoordig hoort. ‘Zero Zero’ laat meteen het opgejaagde geluid
horen dat bands als Blood Red Shoes en Foals kenmerkt. Naast de
puntige gitaarrifjes zijn de schreeuwerige vocals en de repetitieve
teksten helemaal volgens het Handboek Voor Indie Anno 2008.
Voorbeeld? “Zero zero/Oh you’re zero zero, of I know you can/oh
no you can/I know you can, of Uh, uh no luck/Uh, uh no luck/Uh, uh
no luck/Uh, uh no luck/Communicate communicate
communicate/Communicate with me/Please, please, please, please,
please”
, en ga zo maar door.

En ondanks dat alles weten deze vijf jonge hipsters nergens echt te
overtuigen. Daar waar een band als Foals de luisteraar helemaal kan
agiteren met zijn hyperactief gitaarspel, krijgen we op deze cd
niet meer dan een flauw afkooksel daarvan te horen. Ook de
veelvuldig gebruikte strijkerpartijen beginnen al gauw stevig tegen
te steken. Het grootste probleem ligt echter bij de stem van
zangeres/gitariste/songwriter Amandah Wilkinson, tevens de
oprichtster van de band. Amandah klinkt een beetje als een kruising
tussen Britney Spears, Hilary Duff en Duffy op speed. Bijzonder
vervelend na enkele songs. Absolute tegenvallers zijn ‘Cringe’
(leuk orgeltje in de stijl van The Horrors, maar verder oh zo
irritant), ‘Terminal Disease’ (toepasselijke titel) en ‘Ghost’.
Bovendien wordt het al gauw moeilijk om de verschillende songs nog
van elkaar te onderscheiden, omdat steeds weer dezelfde trucs
worden bovengehaald.

Gelukkig vallen er ook nog enkele lichtpuntjes te bespeuren. Single
‘Get What You Want’ is een perfect leuk indienummertje en in ‘Leave
it Alone’ werkt het ADHD-kunstje wél. Misschien heeft het wel te
maken met de gelijkenis met Britney, maar het staat alleszins als
een paal boven water dat Operator Please veel beter voor de dag
komt in de meer poppy nummers. Mijn favoriet is ‘Two for my
Seconds’, een charmant liedje met hier en daar een originele twist.
Daarnaast zijn ook het rustige ‘Other Song’ en de tevens langzame
afsluiter ‘Pantomime’ best wel te genieten. Soms kan een aardig
melodietje heel wat meer teweegbrengen dan al die
drukdoenerij.

Talentloos is Operator Please zeker niet, maar met hun debuutcd
liggen ze muzikaal in ieder geval nog mijlenver af van
‘soortgenoten’ als Blood Red Shoes en Foals. Een tweede cd kan
uitwijzen hoe ze verder evolueren, al zitten we daar momenteel niet
echt op te wachten…

http://www.operatorpleaseband.com/splash/
http://www.myspace.com/operatorplease

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

19 − tien =