Vampire Weekend :: Vampire Weekend

Vampire Weekend heeft alles om tegelijk het snoepje en de drol van het jaar te worden. Ze maken fantastisch gearrangeerde popmuziek, maar kunnen het feit dat ze welopgevoed en zeer verstandig zijn niet genoeg te verbergen om geen last te krijgen met de muziekpolitie.

Moest de muziek niet zo verdomd catchy zijn, we hadden (niet alleen omwille van street credibility) een bloedhekel aan Vampire Weekend. Zoals bij zowat elke Amerikaanse act die wel eens uit een alternatief vaatje tapt, wordt de band volop vergeleken met Talking Heads.

Om te vermijden dat u het plaatje na aankoop met een brommende "luie kloothommel van een recensent" op het met Talking Heads gevoede stapeltje miskopen doet belanden, zullen we ons voornamelijk op andere referenties focussen. Zoals daar zijn: Peter Gabriel, Sting, Bach en They Might Be Giants. Alle cleverness en culturele correctheid terzijde, zijn de arrogante etters vooral verdomd goed in hun eigenzinnige zelf zijn.

Vampire Weekend komt uit Brooklyn, New York en weet zijn weg te vinden met een Afrikaans ritme of twee. De wat luie journalist haalt dan de danig versleten Talking Heads-stempel boven. Wie wat wakkerder is, hoort in het refrein van "Cape Cod Kwassa Kwassa" de naam Peter Gabriel passeren en stoft zijn Graceland-referentie af. Maar Gabriel en Byrne hebben natuurlijk niet het alleenrecht op etnisch geïnspireerde blankenpop. Sting en zijn Police kenden er ook wat van en getuige "The Kids Don’t Stand A Chance" valt Vampire Weekend ook die invloed aan te wrijven.

Reden genoeg dus om vooral niet naar Vampire Weekend te luisteren, maar de groep weet dit alles gelukkig ruimschoots te overstijgen. Zo krijgen de akelige Sting- klanken uit "The Kids Don’t Stand A Chance" na een halve minuut een meer dan welkom klavecimbel in de maag gesplitst en zwaait de song op nauwelijks vier minuten tijd nog een kant of vijf extra uit zonder vermoeiend te worden.

De meer dan geïnspireerde arrangementen op Vampire Weekend komen van multi-instrumentalist Rostam Batmanglij, die ook al enkele filmscores op zijn naam heeft. Hij is ongetwijfeld het brein achter "M79": een door klavecimbel en vrolijke violen versierde popsong. Een nummer dat zo uit een verloren gewaande partituur van Bach gelicht zou kunnen zijn. Het absolute hoogtepunt van de plaat en waarschijnlijk de beste popsong die u in 2008 zal horen.

Maar er wordt op "Campus", "Mansford Roof", "Oxford Comma" en "I Stand Corrected" ook gewoon — zij het lichtjes intellectueel — gerockt. Het enige dat we na een tiental luisterbeurten nog zouden veranderen aan Vampire Weekend zijn de irritant slimme teksten. Net zoals die andere intello-poppers van They Might Be Giants kan Erza Koenig het niet laten om zijn teksten vol te proppen met het soort geinige intelligente verwijzingen die ongetwijfeld goed scoren in een universiteitsbar maar in het echte leven al gauw potsierlijk worden.

Een uiterst aangenaam maar bij momenten iets te slim plaatje dus. De heren van Vampire Weekend weten de catchy popsong te overstijgen door knappe arrangementen, maar kunnen het niet laten om ze met al te clevere teksten weer bijna de nek om te wringen. Probeer die teksten dan ook totaal te negeren, voor een optimaal genot van dit sprankelende debuut. Tenzij u natuurlijk het type bent dat bij de aperitief graag te koop loopt met zijn kennis van de Oxford Comma en de Basso Continuo.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

14 − 6 =