De La Vega :: The Day After

Voor de Oost-Vlaamse groep De La Vega leek het vier jaar geleden wel heel hard te gaan. Met zijn eerste e.p. tekende de groep meteen voor een mijlpaalsingle ("Surely" — met zowat de meest aangebrande oneliner in een refrein in de zomer van 2004). De debuut-cd Falling Into Place vond zonder veel bombarie zijn weg naar meer dan tienduizend kopers. Bedje gespreid, denkt een mens dan.

Helaas: net wanneer de groep op kruissnelheid begint te komen, beslist zangeres Lize Accoe uit de groep te stappen en solo te gaan. Na het vertrek van hun charismatische leadzangeres last de groep een reflectieperiode in en lijkt de toekomst van de band zelfs even op de helling te staan. In 2006 wordt echter de pas afgestudeerde conservatoriumstudente Elke Bruyneel aan boord gehesen en hervindt de groep zijn adem: een frisse stem, een eigen opnamestudio in Waarloos, nieuwe songs. Zo wordt The Day After voor iedereen de streep onder het verleden.

De sound op The Day After is niettegenstaande vintage De La Vega gebleven: op de naar westerns refererende instrumentale opener "Charlatan" en het naar Gainsbourg knipogende "La dernière gitane" na, biedt het album de bekende warme blend van filmische triphop en soulvolle pop. Bruyneel heeft de ondankbare taak de kloeke soulstem van haar voorgangster te doen vergeten en slaagt daar, het moet gezegd, meestal aardig in. De erg knappe eerste single "Little Clouds" deed op dat vlak al het beste verhopen: de lage en zwoele zang van Bruyneel schurkt behaaglijk tegen de warme en organische De La Vega-sound aan terwijl het nummer snedig opbouwt naar een zwierige finale. Ook "One Time" staat er als een huis, met een uitgekiend blazerarrangement als stevige fundament.

Vergeleken met het niet altijd even consistente Falling Into Place wordt met de arrangementen van de songs en de opbouw van deze plaat zeker een stap vooruit gezet. Het album is opgevat als een soundtrack voor een roadmovie en structureel klopt dat opzet ook. Alleen blijken niet alle haltes along the way even boeiend om er lange tijd te verpozen. De rode draad op de The Day After-route is het titelnummer, dat met Part I ( gedragen door Bruyneel), Part II (wat meer electro en ingezongen door Steve Vervaet, ex- Sweet Dick Willy) en Part III (de verstilde pianoversie), de luisteraar stevig bij de hand zou moeten nemen, maar in de plaats daarvan net de vaart uit het album neemt en niet weet te overtuigen.

Het wat dreinerige "Once In A Lifetime" is in hetzelfde bedje ziek: Bruyneel probeert de meubelen nog te redden maar haar vocale krachtpatserij verhindert niet dat het kopje van de bleke song moedeloos blijft hangen. Dankzij de gloedvolle blazers en het hogere tempo gaat het in "La Tristessa" al een stuk beter, maar het niveau van het nummer komt toch niet boven de middelmaat uit en de vonk slaat nergens over. Begeesteren doet de donkere grom van Radio 21-presentator Marc Ysaye in "La Dernière Gitane" dan weer wel, maar de relevantie binnen het geheel blijft uit.

Nochtans heeft De La Vega als het op zwierige en funky nummers aankomt (zie ook "Dance, Baby") geen lessen meer te leren en weet hij als livegroep bijzonder goed hoe het vuur aan de lont te steken. De pittigheid van het podium mag dus nog meer zijn weg vinden naar de albums en dat is geen schier onmogelijke opdracht. Drie maal is scheepsrecht, laat het de eerste zin worden bij de review van het derde De La Vega-album.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

11 + twaalf =