The Distants :: Broken Gold

Het is ondertussen al enkele jaren geleden dat zangeres
Guinevere King en gitarist David Kelly elkaar ontmoetten in de
wandelgangen van de Record Plant-studio in Hollywood. Op muzikaal
vlak bleek de zogenaamde chemie aanwezig en dus trokken de twee de
baan op voor wat akoestische shows. Onderweg pikten ze nog een
drummer en een bassist op en in enkele maanden tijd waren The
Distants een feit. Onder invloed van een muzikaal palet waarvan
Blondie, Jane’s
Addiction
en Sonic Youth de uiterste hoeken opmaakten,
werden de voorbereidingen voor materiaal voor een eerste release
getroffen. Na nog wat praktische oefening in onder meer de
legendarische Viper Room ligt deze eersteling nu in de
winkelrekken. Aan de overkant van de oceaan gelooft men er sterk in
dat deze band binnenkort de grote podia onveilig zal maken, maar
voor het zover is, eerst even een doorlichting van ‘Broken
Gold’.

Bij de eerste ronde blijft het oor meteen hangen bij ‘Girl on
Girl’, ontegensprekelijk dé ear-catcher van de plaat:
frisse, pretentieloze poprock met een refrein dat dagenlang in een
loop tussen de slapen blijft hangen. Het geluid doet denken aan
Nu (u herinnert zich wel nog ‘Any Other Girl’) en kan
met een flashy videoclip en rotatie op MTV niet anders dan een
gegarandeerde hit opleveren. Dat de tekst een aanmoediging vormt
tot wat lesbisch geëxperimenteer zal de populariteit zeker niet
belemmeren. Naast deze ondeugende gein staan ook ‘Falling Apart’,
het liefdeskind van Blondie en Garbage, en het stevigere stijlexperiment met
ijle vocals ‘Apparent Silence’ garant voor auraal vertier.

Afgezien van deze drie topmomenten lijdt de rest van de plaat
spijtig genoeg aan het vaak voorkomende dertien in een
dozijn-syndroom. Een nummer als ‘She Sells Sanctuary’ kan voor geen
verrassing zorgen: prefabpop met daarbovenop ook nog eens
nonsensicale lyrics à la “The fire in your eyes keeps my
alive”
. Ook ‘It’s Over’ is genietbaar, maar niet meer dan dat.
Bovendien staat het nummer misplaatst in de tracklist en klinkt het
als een vroegtijdige afsluiter. Vooral bij ‘The Moth Song’ tiert de
banaliteit welig: het nummer suist voorbij voor je er erg in hebt
en een minuut laten kan je je er al geen fractie meer van
herinneren. Met een lichte ska-invloed klinkt deze track bovendien
als een b-side uit de begindagen van No Doubt. ‘February’ maakt
werk van de verplichte ballad, maar ook hier klinkt het resultaat
wat voorgekauwd. Eén nummer verder corrigeren The Distants zichzelf
gelukkig. ‘The Following’ sluit de plaat in stijl af door
stilletjes van wal te steken en aan het einde alle remmen los te
gooien. De verrassing hebben ze dus voor op het einde
bewaard.

Naast het déjà entendu-gevoel lijdt ‘Broken Gold’ ook
onder soms wat ongepaste koerswijzigingen. De intro van opener ‘The
Further the Earth Gets from the Sea’ klinkt door het aanzwellende
arrangement en de onderkoelde vocals wat als Auf der
Maur
, maar staat ver af van de glampop die het merendeel van de
volgende tracks inkleurt. Ook ‘Vertigo’ wil snediger uit de hoek
komen, wat King ertoe brengt bij momenten met krakende stem een
Courtney Love-imitatie te willen neerzetten. Losstaand
van het geheel zijn deze songs best te pruimen, maar toch mag
muzikale variatie de coherentie niet in de weg staan. In plaats van
deze uitstapjes zouden The Distants er dan ook beter aan werken om
meer een eigen geluid te creëren.

Op ‘Broken Gold’ staan dus enkele songs die Studio Brussel met
recht en rede grijs zou kunnen draaien, maar zoals het de traditie
betaamt, steken deze met kop en schouders boven de rest van de
plaat uit. King heeft een aardige stem en ook op muzikaal vlak zit
het project goed, maar in plaats van meteen naar de wereldwijde
doorbraak te streven, zouden The Distants hun materiaal beter eerst
wat laten rijpen en nog iets meer ruggengraat kweken. Anders zouden
ze ook wel eens binnen de traditie van de ééndagsvliegen kunnen
vallen.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

20 − vijf =