Hellwood :: ”Samengevat :: ik stak m’n ding erin, en Johnny haalde het er vervolgens terug uit”

Hellwood, de naam alleen al. De twee bekende gezichten van de band – profeet van verderf Johnny Dowd en z’n iets ingetogener collega, Jim White – kunnen onmogelijk met elkaar verward worden, maar de gelijkenissen tussen de twee zijn zoveel talrijker dan de verschillen. Het resultaat van hun samenwerking is moeiteloos tegemoetgekomen aan de verwachtingen: "It’s country, Jim, but not as we know it."

Het eerste album van deze uitzonderlijke rootsband, dat enkel in Europa werd uitgebracht, is nergens zo dement als de albums van Dowd — soms hallucinante werken die Americana, lo-fi en experimentele rock uit elkaar halen en op een zieke manier terug in mekaar steken, maar de gemiddelde, hee haw-brallende hillbilly zal er niet mee gediend zijn. De immer minzame Jim White voorzag z’n oudere collega van een muilkorf, al is het gelukkig eentje van karton. Voorlopig niet weg te branden uit onze CD-speler, en binnenkort ook bij uw vrienden onder de kerstboom: Chainsaw Of Life, ijzersterke country voor gevorderden. We sleurden de band (voor hun Europese tournee aangevuld met Dowds vaste toetsenist, Mike Stark) lassogewijs de lokale saloon binnen en keerden als een volleerd zondaar terug.

enola: Heren, de reacties op Chainsaw Of Life zijn unaniem positief, en als ik mag afgaan op het uitverkochte optreden in Brussel, dan zit het ook wel snor met de optredens?
White: "Yep, ik ben echt verbaasd over de opkomst: vooral Brussel en Amsterdam waren heel goeie meevallers wat dat betreft."
enola: Komt er hierna ook een Amerikaanse tour?
Dowd: "No way, geen sprake van, dat verdienen ze daar niet." (grijns)
White: "Zo is dat."
enola: Omdat de plaat niet uitkomt in de States? Heeft dat te maken met labelbeleid?
White: "Ja, en dat komt vooral door mij. Mijn label is heel beschermend als het op mijn muziek en imago aankomt. Ze zijn achter me blijven staan van in de periode waarin ik begon aan m’n debuut, tot nu, het moment waarop ik kan rekenen op een mooie aanhang. Ze willen mijn imago in Amerika controleren, en ik denk dat ze het gevoel hebben dat samenwerken met Johnny niet de juiste richting voor mij is. Ik was het daar natuurlijk niet mee eens, en we hebben er harde discussies over gevoerd. Uiteindelijk gingen ze akkoord met de samenwerking, op voorwaarde dat de plaat niet in Amerika zou uitkomen."
enola: Vind je dat niet wat grof?
White: "Ik weet het niet, ik wil hen ook niet laten vallen. Ze hebben een paar honderdduizend dollar in me geïnvesteerd, en als puntje bij paaltje komt, dan gaat het nog steeds om business. Er is geen magie mee gemoeid, het geld komt niet uit de lucht vallen. Ze moeten het hebben van hun instinct en intuïtie. Ik ga er niet mee akkoord, maar ze zitten wel al veel langer in de muzieksector dan mij, en als ze vinden dat Hellwood geen meerwaarde biedt, dan moet ik hun mening ergens ook respecteren."

enola: Daar gaat m’n punt, want ik had net het gevoel dat Chainsaw Of Life een goeie en toegankelijke introductie tot jullie beider werk zou zijn, en misschien zelfs een nieuw publiek zou kunnen opleveren.
Dowd: "Dat eerste klopt zeker in mijn geval. Ik denk dat het ook veel te maken heeft met het tijdsgebrek: als we meer tijd hadden gehad, was het album vast minder direct en toegankelijk geworden. Nu heeft Brian (Wilson, beter bekend als drummer Willie B, gp) ook heel wat bijdragen geleverd. Die waren vaak heel goed én catchy, omdat hij ideeën aandraagt die uit een meer groove-georiënteerde richting komen, en groove is vaak doorslaggevend wat toegankelijkheid betreft."

enola: Jullie wonen niet bepaald in elkaars buurt: hoe werd het maken van de plaat dan aangepakt? Werden de songs geschreven en meteen erna opgenomen?
Willie B: "Het was eigenlijk een soort van collage, waar veel knip- en plakwerk bij kwam kijken. We wonen inderdaad ver van mekaar: Jim woont in Georgia, en de rest in Ithaca, New York, dus er werd vaak op aparte locaties muziek geschreven, terwijl we potentiële teksten op en af stuurden."
White: "Johnny bezorgde me een hele hoop materiaal, waar ik dan een stuk of tien songs uit haalde die me aanspraken.Daarna liet ik hem een paar van m’n songs horen, zo communiceerden we. Pas toen we samenkwamen voor de opnames werd definitief beslist welke songs het zouden worden. Veel van die songs werden op het laatste moment nog volledig aangepast: zo werd de oorspronkelijke "Spider In The bed" omgevormd tot iets wat uiteindelijk "Alien Tongue" werd, omdat ik me niet goed voelde bij wat ik deed, en plots in Johnny’s stapel teksten iets tegenkwam dat me beter leek voor die muziek."
Dowd: "A Man Loves His Wife" had eerst ook een verschillend ritme, denk ik, en plots was het er zoals het op de plaat staat."
White: "Yep, die muziek had ik al jaren, ik moest enkel nog de juiste tekst hebben, op het refrein na. En vaak zijn het de intuïtieve beslissingen die de boel op gang trekken. Soms was het ook een samenpassen van ideeën en methodes, waarbij iedereen wel z’n duitje in het zakje kon doen. We wilden ook allemaal hetzelfde: goede songs, en als we er genoeg hadden, eens kijken hoe we er een geheel van konden maken. Het lijkt misschien wel een heel heterogene groep songs, maar er is toch iets dat ze allemaal samenhoudt. Dat hoop ik althans." (lacht)
enola: Waren er nooit spanningen tijdens de opnames: de albums van Johnny zijn doorgaans nogal rauw, terwijl die van jou duidelijk meer tijd en werk hebben gevergd, met al hun lagen en details. Kon je je ding wel kwijt?
White: "Samengevat: ik stak m’n ding erin, en Johnny haalde het er vervolgens terug uit. (lacht) Toen we aan de mix begonnen, had ik de drumpartijen voor "Spider in the Bed" al, maar Johnny zei dat het gewoon geen goeie groove had. Ik heb toen de hele nacht zitten prutsen om m’n ideeën te verwerken in de zijne. Ik vond zijn voorstel eerst te radicaal en achteraf lag het ideale geluid, zoals te verwachten viel, in het midden. Uiteindelijk begreep ik ook dat ik de kern van de dingen vaak beter aan Johnny en Brian kon overlaten."

enola: In Searching For The Wrong-Eyed Jesus, waar jullie samen in te zien zijn, zeg je ergens dat je, om het Zuiden te begrijpen, er eerst moet weggeraken. Die typisch mentaliteit en obsessies van het Zuiden komen ook terug op jullie albums. Denk je dat er een verschil is qua perspectief, nu een van jullie in het echte Zuiden woont en de ander in Yankeeland?
White: "Het ging me in die passage vooral over een cognitief besef. Het is een beetje als in een zwembad zitten: je beseft pas wat het is als je eruit komt, als je de gevolgen ziet aan je huid, en de zon begint te branden. Om een bewust besef te krijgen van het Zuiden ben je verplicht die afstand te nemen. Als je er bent opgegroeid en geïndoctrineerd, kan je die afstand gewoon niet nemen. Maar dat geldt natuurlijk voor iedere cultuur, dat is niet enkel geografisch bepaald."

enola: Maakt het feit dat je er nu woont het toch niet moeilijker om die afstand te bewaren?
White: "Ik ben altijd een outsider geweest, om verschillende redenen. Een van mijn favoriete analogieën heeft te maken met Belgisch Congo: toen de toeristen op zoek gingen naar de nomadische Pygmeeënstammen, vonden ze altijd die ene Pygmee die kleiner was dan de "grote mensen", maar die ook groter was dan zijn stamgenoten, en daardoor ook een outsider was. Voor mij voelt het net zo aan: mijn familie kwam uit het Noorden, maar ik ben opgevoed in het Zuiden.Ik was altijd "that Yankee boy", en zal dat ook altijd blijven. Ik kan me bijvoorbeeld nog perfect herinneren dat ik voor het eerst "y’all" zei. Ik kwam van Zuid-Californië, het epicentrum van de surfcultuur in de vroege jaren zestig, en toen ik verhuisde naar het Zuiden sprak iedereen er zo raar. Jaren zei ik "you guys", want zo had ik het geleerd. En plots heb ik bewust ervoor gekozen om ook "y’all" te zeggen. Als je je nog kan herinneren wanneer je dat voor het eerst zei, dan ben je geen echte."

enola: Hoe wordt je muziek dan onthaald in je eigen regio?
White: "In het zuiden van de Verenigde Staten is Clear Channel oppermachtig, en is er gewoon geen alternatieve en volwaardige visie op muziek. Als ik in het diepe Zuiden speel, dan dagen er dertig mensen op. Toen ik voor het eerst speelde in m’n thuisstad in Georgia, daagden er zeven mensen op, waarvan er vijf in de lokale krant hadden gelezen dat ik een afvallig christen was. Ze wilden me terug naar Jezus leiden."
Dowd: "Bij ons komt er doorgaans wat meer volk opdagen, en ik heb vaak ook de indruk dat ze me er eerder zien als een gekke ouwe nonkel. Ik ben er opgegroeid, dus ik voel me er in zekere zin ook wel thuis. Vreemd genoeg voel ik me er ook altijd een pak veiliger dan waar ik nu woon."
enola: Nochtans zing je vaak over de regio in een redelijk negatieve context: als een ietwat achterlijk gebied van godsdienstwaanzin, armoede en wanhoop.
Dowd: "Mja, daar draait het in eerste instantie vooral om de setting van een song. Ik zou geen songs kunnen schrijven die zich afspelen in Boston, bijvoorbeeld. Ik wil gewoon schrijven over the human condition, en put uit ervaringen in werelden die ik ken. Wat voor mij persoonlijk belangrijker is, is de clash tussen de klassen, de economische verhoudingen. Wat dat betreft ben ik een Marxist. (lacht) Ik voel me dan ook meer verwant met een vrachtwagenchauffeur uit België dan een poenschepper uit m’n eigen streek."

enola: En de toekomst? Jim, ik heb begrepen dat je bezig bent aan een nieuwe plaat?
White: "Inderdaad, die zou normaal moeten verschijnen in de lente van volgend jaar. De plaat is nu af voor drievierde, maar ik werk heel traag. Er kruipt veel tijd in, en ik heb een baby van twee maanden oud, dus het is een werk van lange adem, waardoor ik het eerstkomende anderhalf jaar sowieso druk bezig zal zijn. Daarna zien we wel: als er songs en interesse zijn, zijn de mogelijkheden open wat mij betreft."
enola: Misschien nog een vraagje voor de twee minder bekende muzikanten in de band: jullie spelen allebei in nog een aantal andere projecten, waarvan sommige — zoals jullie gezamenlijk jazz/electronica-project Tzar — heel verschillend zijn van wat jullie doen bij Hellwood of Johnny Dowd. Nood aan een extra uitlaatklep, of een weerspiegeling van jullie muzikale smaak?
Stark: "Het tweede! Voor mij toch."
Wilson: "Hellwood is niet meer of minder een uitlaapklep dan eender welk project, en zeker bij Johnny zitten we goed, want die wil immers steeds meer van ons, meer dan we kunnen bieden zelfs. (lacht) Dit is nu eenmaal wat we doen, ik hou van al die stijlen, en zou willen dat ik ze nog beter onder de knie had. Dat komt ervan als je woont in een stadje als Ithaca, waar iedereen in een of meerdere bands zit. Het zit in de lucht."
Dowd: "Nee, het zit in dat smerige water. Zeker weten." (zieke grijns)

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

5 − 2 =