Leffingeleuren

In feite is dit festival niet de echte afsluiter van het seizoen,
maar vaak zien we er wel alles passeren dat vorige zomer zowat op
élk podium te zien was. Dit jaar niet anders: Daan, Gabriel Rios,
Kowlier… Hoe ze het deden, weet ik niet, maar blijkbaar raakte
Leffinge dit jaar uitverkocht, bij mijn weten voor de eerste
keer.

Vanop afstand enkele nummers van Leki meegepikt. Het zusje van
‘Technotronic Ya Kid K’ kan wel degelijk zingen. Het hitje ‘Crazy’
deed me eerst even aan Missy Elliott denken. Het betere R’nB werk,
dus. Het tienerpubliek ging er helemaal in mee, maar het was niet
echt iets voor mij.
Daan zag ik voor de vierde keer deze zomer. Mijnheer Stuyven
heeft de tondeuse in zijn kop gezet en zingt nu gemillimeterd. Ook
vermoeid, ik had de indruk dat hij nog vlug even het seizoen kwam
afwerken en eigenlijk liever in zijn swedish designer bed
had gelegen dan in de Westhoek op een podium stond. Gelukkig heeft
de man nog altijd dijken van songs geschreven die zelfs in de
rommelige versie met gemak een forse stijging van de zeespiegel
doorstaan. ‘Sunchild’, ‘Victory’ en ‘Housewife’, om maar een paar
klassemomenten te noemen.
Gabriel Rios heb ik gemist wegens goed volk dat me aan de toog
vroeg in de Zwerver, waar in de zaal ook het tweede podium stond.
Maxon Blewitt (foto) stond er voor 30 man zijn ding te doen,
maar kon me absoluut bekoren. Stomende bluesrock die toch de
platgetreden paden van het genre vermijdt. Dat de groep met zijn
Zita Swoon, Maskesmachine- en Tumbleweed-leden toch een eigen
verfijnde sound neerzet, doet me zeker naar meer uitkijken..
Even later zag ik Flip Kowlier een thuismatch spelen. Bon,
een tent vol pubers “yeehee” en “miauuw” laten meezingen, is nu
niet direct míjn idee van een geslaagd concert, maar het publiek
lustte er blijkbaar wél pap van. Gelukkig staan er sterke
muzikanten op het podium. Pianist Peter Lesage mocht na Rios gewoon
aan zijn toetsen blijven zitten, wat handig is.
The Orb mocht de dag afsluiten. Van de vier keren dat ik ze
al zag, was dit ongetwijfeld het beste en meest dansbare concert.
Een ronduit fabuleuze lichtshow, aangevuld met Orbs eigen
lichtzuilen en een hallucinante diaprojectie, zorgde voor de juiste
mood om Alex Pattersons sublieme mixen te onderstrepen. Jim Cauty
zorgde dat alles aan elkaar hing met stevige dansbeats en een extra
bassist mikte met enkele heel rake lijnen op de benen. Orb trekt
zich nog altijd geen bal aan van goede of foute genres en wist
Elvis en Johnny Cash naadloos met dub en trance te mixen. ‘Little
Fluffy Clouds’ kwam er na een half uur, en toen kon het feestje al
niet meer stuk. Toen mocht Alex nog even alleen zijn kunsten tonen
en stopte o.a. Eminem en Malcolm McLaren in een Orb-kleedje. De
stekker ging eruit na anderhalf uur topamusement.
Daarna mochten de lolbroeken van Discobar Galaxie nog wat
verder draaien, maar dan werd het scoutsfuif-gehalte me iets té
machtig en stortte ik me vol overgave in het echte nachtleven.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

2 × 3 =