Theater Antigone & MartHa!Tentatief :: Sjwek

Ter gelegenheid van de Zomer van Antwerpen slaan Antigone en MartHa! na
Waaiendijk weer eens de handen in elkaar voor Sjwék, of
zo klinkt het als ik te pletter sla
. Franz en Kamiel Kafka trekken samen
naar de Groote Oorlog voor het verhaal van een zorgeloze Belgische oersoldaat,
die in deze vrolijke hel toch steeds weer op zijn pootjes terecht komt.

Jaroslav Hasek, satirisch journalist en notoir drinkebroer, meldde zich in
1915 als vrijwilliger voor het Oostenrijks-Hongaarse leger. Hij trok naar het
Oostfront, maar liep al snel over naar de Russische kant. Terug in Praag kon
hij zijn schelmenroman over de lotgevallen van de brave soldaat Svejk neerschrijven,
die in de vreemdste situaties terechtkomt omdat hij de absurde bevelen van zijn
oversten doodgewoon letterlijk uitvoert. Op vraag van Geert Six plantte Bart
Van Nuffelen het verhaal over naar het België van de Eerste Wereldoorlog, een
wereld van veldslagen, loopgraven, de belegering van Antwerpen en het glorieuze
leiderschap van Koning Albert.

De acteerploeg gaat het stuk te lijf met het onstuimige enthousiasme van een
jeugdbeweging op zomerkamp. Een speelstijl op maat van de Zomer van Antwerpen,
en temidden van al deze uitbundigheid valt het amper op dat Vitalski, als verteller
en gezel van Sjwék, Soldaat Ferket, nu niet bepaald overloopt van acteertalent.
Wel integendeel, en op het binnenplein van het Atheneum wordt verder flink wat
kruit verschoten, geroepen, geslagen en gehamerd. Het decor bestaat grotendeels
uit al dan niet ingenieus verbouwde zeepkisten, paspoppen, vlaggen, landkaarten
en rondvliegende lakens, en de ongejaste patatten vliegen met regelmaat door
de lucht.

Doorheen de wereld waarin Sjwék belandt blaast een wind die zo lijkt
weggelopen uit de verhalen van die andere roemruchte Pragenaar. De soldaat moet
zich een weg banen door Kafka’s administratieve doolhoven voor hij kan beginnen
vechten en hij wordt voortdurend belaagd door de vreemdste personages, lachwekkend
en beangstigend tegelijk omdat iedereen aan hun macht en grillen overgeleverd
is. Maar waar Soldaat Ferket letterlijk niet verder komt dan wat potsierlijk
dansen naar de pijpen van zijn meerderen blijft Sjwék er in slagen om
elke dans te ontspringen. In één ruk door haalt hij alles om zich
heen onderuit, een spoor van vernieling en puin achterlatend. Ook de tragische
humor waarmee Joseph Heller de krankzinnigheid van oorlogstoestanden beschrijft
is nooit ver weg. Zijn Catch 22 wordt zelfs letterlijk als argument
gebruikt tegen Ferket wanneer hij ontoerekeningsvatbaarheid aanvoert in een
poging om aan de oorlog te ontsnappen.

Grote voorbeelden, die helaas alleen in afgekookte versie hun weg vinden naar
het stuk. Ook de vaag kritische verwijzingen naar historische feiten uit de
geschiedenis van ’14-’18 gaan grotendeels de mist in. In het wilde weg vallen
namen (zoals die van Haig, verantwoordelijk voor de compleet zinloze Slag van
Passendale), maar verder hebben de referenties teveel weg van flarden om echt
effect te kunnen bereiken. De voorstelling wordt overeind gehouden door het
aanhoudend hoge tempo, maar zelfs dat wordt hier en daar ondermijnd door aanslepende
herhalingen. Als publiek word je geamuseerd over de streep getrokken voor je
de kans krijgt om je echt te gaan ergeren. Nipt onderhoudend voor het bredere
publiek waar deze gezelschappen naar op zoek gaan, met achteraf een gezellig
terrasje. Zolang de zon schijnt, tenminste. Denk bij slecht weer wel twee keer
na voor je besluit om voor deze voorstelling de regen te trotseren.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

5 × twee =