PJDS :: 22 april 2003, Het Depot

Met een klein toertje promootte Pieter-Jan De Smet de release van Suits You en zie: waar het voorheen tot de traditie hoorde dat Leuven een zwart gat was als het op Vlaamse tourschema’s aankwam, dook PJDS toch op in de Blauwe Kater. En die werd meteen platgespeeld, want live is PJDS ronduit een monstergroep.

Voor het eerst werd de Leuvense Blauwe Kater omgedoopt tot Het Depot. Onder die naam zal het nieuwe Leuvense muziekcentrum — zeg maar de Leuvense Muziek-o-droom — immers haar koers varen. Eindelijk muziek in Leuven dus, wat het laatste decennium niet zo evident was. PJDS gaf het startschot van een openingsreeks waar ook Lemon en Thou prominent in figureerden.

Op de planken is PJDS een goedgeoliede machine. Met de helft van de backingband van Arno achter hem zit hij natuurlijk in een zetel. Geen wonder dus dat het geluid dat Miro Banovic en Geoffrey Burton voortbrachten wel eens naar de bard uit Oostende zweemde. Het is een supergroep, pure luxe, en De Smet maakt er dankbaar gebruik van.

De Smet anno 2003 rockt. Dat maakte de nieuwe plaat al duidelijk en live is het niet anders. Ook op de planken wordt afgetrapt met het wild aan de ketting snokkende "Me", terwijl de groep in smoking — Suits You, hebt u hem? — op tempo komt. De rest van het nieuwe album volgt in sneltreinvaart. Single "(Waiting For This) Car To Crash" zit vroeg in de set, slechts zelden wordt eens teruggegrepen naar het verleden.

Het geheugen van De Smet lijkt niet verder te reiken dan zijn vorige langspeler Light Sleeper, waar hij enkele nummers uit opdiept. We krijgen onder andere strakke uitvoeringen van "Ferris Wheel" en "Death Of The World". Jammer, want zo blijven zijn puike eerste langspelers Antidote en August uit het vizier. Met PJDS is duidelijk een nieuw hoofdstuk aangesneden, het verleden is voor de verplichte bisnummers. Nog liever pakt hij uit met een opmerkelijke cover als Axel Bauer’s "Cargo".

"August" wordt in die bissen stevig verbouwd, maar "Fire" wordt pas echt met de sloophamer bewerkt. De Smet zorgt ervoor dat de tekst niet de muzikale mist ingaat, maar verder is het nauwelijks herkenbaar. Het vergt moed om je grootste hits van de grond af te herbouwen, maar De Smet laat het niet aan zijn hart komen. Veel heeft hij sowieso niet te verliezen: er zijn de overtuigden, maar de grote massa gaat hij nooit plat krijgen. Dat weet hij, en daar heeft hij zich bij neergelegd.

De Smet durft zijn publiek dan ook tegen de haren instrijken. Tijdens "Crumbling Beauty" laat hij de muziek wegvallen, terwijl het getater aan de toog langzamerhand plaats maakt voor een betrapte stilte. Het is al vaker gedaan, en toch geeft het telkens hetzelfde gênante resultaat. Zwijgen, we zullen het nooit leren.

De pletwals PJDS is ronduit overweldigend. Dit moet één van de strakste groepen zijn die in België spelen. Bij zo’n optreden springt automatisch de wijze raad van Luc Van Acker aan alle beloftevolle Belgische artiesten voor de geest: "Als je het wil maken, verlaat dan het land. N&ugrave." Het is een drastische oplossing, maar misschien heeft hij wel gelijk. In elk geval is De Smet meer waard dan de kleine zaaltjes die hij nu bespeelt. Er mogen dan nog een paar plaatsjes op de affiche van Werchter openstaan, zelfs dat is hem niet gegund. Mogen we het nog even een schande vinden?

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

18 + 5 =