Young Fathers

In Antwerpen hebben we ondertussen de buik vol van explosieven, maar bommetjes van het kaliber dat Young Fathers vanavond in Trix dropt, zijn meer dan welkom.

Na de uitstap richting pop die Cocoa Sugar uit 2018 was, kozen de Schotten op hun vierde album Heavy Heavy opnieuw voor de stomp in de maag, voor het roepen in het gezicht. Het album is het resultaat van een in hun eigen woorden Frank Ocean-waardige periode tussen de twee albums, waarin tijd werd genomen om te herbronnen. Kayus Bankole ondernam een reis naar Afrika en kwam terug met ritmes in zijn ziel, Graham Hastings werd dan weer vader. Er werd dus gelééfd, quoi.

De muziek mag op Heavy Heavy opnieuw alle richtingen uit stuiteren, ze tankt nog steeds uit loodvrije overgave en getuigt van een drive die enkel de stand ‘overdrive’ kent. Young Fathers maken geen hiphop, geen rock, geen soul, geen noise, niets van dat alles, maar vooral alle voornoemde genres tegelijk. Ze maken popmuziek voor een wereld in verval. Hun unique selling proposition is makkelijk te marketen; ze spelen gewoon de boel aan gort, telkens weer – en dat is vanavond niet anders.

De backdrop die ze hebben meegebracht is even simpel als sfeervol: lange witte gewaden hangen neer als spinnenwebben in een machtige gotische kathedraal. En machtig is ook de storm van geluid die wordt opgetrokken, resoluut van in het begin en zonder verpozen tot het eind. We krijgen een royale grabbel uit de vier platen van de heren en wanneer na een dik uur de stilte weer invalt en enkel het gesuis in de oren nog te horen is, valt op hoe solide dat oeuvre wel niet is. De nadruk ligt in Trix uiteraard op de meest recente worp, maar evengoed worden oudjes van onder het stof gehaald. Zo klinkt “Queen Is Dead” (uit mixtape Tape Two van 2014) als een furieus luchtalarm – nu die echte Queen daadwerkelijk het loodje heeft gelegd, is de grinta waarmee het gebracht wordt in het licht van de lonkende onafhankelijkheid misschien niet verwonderlijk – en hoeft het geenszins onder te doen voor het pulserend recente “I Saw” dat de debatten vanavond opent. Ook verderop in de set kakt de boel op geen enkel moment ook maar ergens in.

Alle credits hiervoor komen op het conto van de geoliede machine die we hier aan het werk zien. Hun muziek mag dan wel chaos ademen, maar Hastings, Bankole en Alloysious Massaquoi vullen elkaar naadloos aan, als de boysband die ze in hun tienerjaren tegen wil en dank waren. Wanneer de ene op het voorplan treedt, zoeken de anderen de achtergrondzang of de instrumenten op. Tekens worden niet (of toch niet zichtbaar) uitgewisseld, alles gebeurt spontaan, als een organisme met drie koppen die schuimbekkend de menigte toebijten. “Get Up” wordt tergend traag losgelaten, tot dat verlossende refrein losbarst waarin de drie heren in elkaar klikken als een traditioneel barbershopkwartet bovenop muziek die buldert als een mortiersalvo. Bankole hitst al rappend het publiek op: ‘For a revolution!’ De menigte is méé, maar blijft voor het grootste deel nog redelijk beschaafd. De blitz uit het boekje blijft evenwel onverminderd voort denderen: na nog een zinderend “Sink Or Swim” en een springerig “Shame” gaat op het einde werkelijk iedereen overstag en zijn we van een kathedraal afgedaald naar een duistere ravegrot.

Wanneer Bankole, Hastings en Massaquoi samen zingen klinken ze als één, maar ze zijn wel degelijk drie verschillende energieën op een podium. De eerste duikt her en der op als een warmbloedig repelsteeltje en ontdoet zich gaandeweg meer en meer van zijn bovenkledij, terwijl Hastings lange zwarte jas van begin tot eind meticuleus dichtgeknoopt zal blijven. Het hele concert lang zal zijn enige interactie met het publiek een lijzige staar zijn, waarvoor zelfs Raspoetin zou terugdeinzen – of telt dat dreigend gezuchte ‘for… fuck’s… sake’ mee, waarmee hij de hecklers tussen twee nummers het zwijgen oplegt? Massaquoi is de minst opvallende: wanneer hij niet zingt, gaat hij mee drummen, werkelijk alles kan en gebeurt door elkaar.

Hoogtepunten? Ach, hoogtepunten benoemen in een optreden dat van bij aanvang bij de strot werd gegrepen als was het één lange bisronde, is even nutteloos en nodeloos als hetzelfde doen in de Himalaya. Als Ewan McGregor in Trainspotting verzucht dat het fucking shite is om Schots te zijn, dan bewijzen Young Fathers dat Schotten ook fucking fantastisch uit de hoek kunnen komen.

aanraders

verwant

Young Fathers

10 juni 2023Best Kept Secret, Hilvarenbeek

Best Kept Secret 2023 :: Als kikkers in een kookpot

Waar de lente heen was, geen idee, maar één...

Young Fathers :: Heavy Heavy

Harde, snelle uppercuts worden ons rauw geserveerd op Heavy...

Young Fathers :: Cocoa Sugar

Er komt een punt waarop het geluid van een...

Young Fathers :: Lord

Young Fathers begon ooit als een experimenteel hiphoptrio,...

recent

Masters of the Air

Toen begin deze eeuw Band of Brothers verscheen, sloeg...

Fontaines D.C. :: Starburster

Fontaines D.C. for the bigger and bolder: vierde album...

Manu Chao

16 april 2024Het Bau-Huis, Sint-Niklaas

Morrissey wilde op de Lokerse Feesten geen paardenworst, Manu...

Civil War

Nog voordat iemand de film gezien had, veroorzaakte Alex...

Animalia

Het MOOOV-filmfestival biedt een staalkaart van het beste uit...
Vorig artikel
Volgend artikel

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in