Cat’s Eyes :: Treasure House

Na een debuut dat nog steeds nazindert en de ietwat ijle softpornosoundtrack Duke of Burgundy, heeft Cat’s Eyes een nieuwe langspeler klaar. Op enkele grappige miscasts na, is dat wederom een plaatje om voor te gaan zitten en de meest emotionele kanten van je karakter ongegeneerd vrij baan te geven.

Dat is een behoorlijke opluchting. De even onverwachte als verrassende samenwerking tussen de klassiek geschoolde Rachel Zeffira en Horrors-opperhoofd Faris Badwan gooide met zijn titelloos debuut vijf jaar geleden hoge ogen. Een match made in heaven was het, een samenwerking die onmogelijk leek, maar toch iets groots had opgeleverd, een eenmalig schot in de roos, want die Badwan had The Horrors om zich mee bezig te houden, juist? En muzikanten in de klassieke wereld staan er ook niet echt om bekend vrije tijd te over te hebben?
Vorig jaar was er echter plots The Duke of Burgundy, de soundtrack bij het gelijknamige cinematografisch meesterwerk en met Treasure House ligt nu een tweede volwaardige plaat in de winkel.

Zichzelf heruitvinden doet Cat’s Eyes niet op Treasure House, maar waarom zou dit duo ook? De unieke mix die Zeffira en Badwan voortbrengen, is van zo’n bedwelmende kwaliteit dat je er geen genoeg van krijgt, als je maar in een ietwat romantische bui bent.
Zo kan het openingstrio op endless repeat gegooid worden. Met het titelnummer wordt zachtjes aangeklopt, “Drag” brengt, in de vorm van Zeffira’s indrukwekkende vocale prestatie die hand in hand gaat met een orkestrale aanpak, de nodige dramatiek in de zaak en vervolgens is “Chameleon Queen” het prijsbeest dat vele jaren van nu nog steeds opgediept zal worden als toekomstige dromerige tieners in een naar vintage verdriet verlangende bui verkeren.

Zo valt voor nagenoeg elk nummer wel een reden te vinden om het uren na elkaar te beluisteren, alsof alle tijd van de wereld ter beschikking staat. “Girl in the Room” meandert tussen licht en donker, “The Missing Hour” dweept met een plechtig karakter en het afsluitende “Teardrop” doet bijna fluisterend de deur dicht.

Twee songs doen de droombubbel echter uit elkaar spatten. Net na de betovering van “Chameleon Queen” dendert “Be Careful Where You Park Your Car” voorbij, een song die The Pipettes zo’n tien jaar geleden vergaten op te nemen en die hier, zacht uitgedrukt, heel verrassend aandoet. Hetzelfde geldt voor “Standoff”, dat eigenlijk een nauwelijks vermomd Horrorsnummer is. Beiden zijn prima songs, maar zouden zoveel beter werken in een andere context. Ook “We’ll Be Waiting” is geen uitblinker: het sleept zich net iets te lang voort over een compleet platgetreden pad.

Drie missers, waarvan er twee eigenlijk geen misser zijn en nummer drie met een simpele inkorting ook te redden valt; dat is een meer dan aardige score, zeker gezien het hoge niveau waarop de andere songs voorbij komen zweven.
Elke release van Cat’s Eyes is daarmee, tot nu toe, een kleinood om te koesteren. Schaamteloos sentimenteel, dat wel, maar dat is net de sterkte van dit tot de verbeelding sprekend duo.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

2 × twee =