Itamar Borochov Quartet :: 15 november 2015, Hnita-hoeve, Heist-Op-Den-Berg

De Hnita-Hoeve heeft in haar 60-jarige geschiedenis heel wat buitenlandse muzikanten in ons land geïntroduceerd. Een mooi aantal daarvan brak niet veel later door bij het grote publiek, zoals recent nog Gregory Porter en bassist Avishai Cohen. Ook de Israëlische trompettist Itamar Borochov landde in Heist-Op-Den-Berg voor zijn eerste show op Belgische bodem.

Bill Evans, Keith Jarrett, Art Blakey, Chet Baker, Dexter Gordon, Freddie Hubbard, Lester Bowie, Charles Mingus, Sun Ra, Horace Silver, … . Het lijstje van muzikanten die ooit in deze legendarische club optraden leest als een best of jazz. Borochov was vereerd om op hetzelfde podium te mogen staan waar in de loop der jaren zovele jazzhelden waren gepasseerd en maakte gewag van het speciale aura dat er hing. De setting leek de groep alleszins te inspireren want links en rechts weerklonken echo’s van de groten, soms zelfs heel expliciet.

Borochov kwam vorig jaar met zijn debuut Outsetop de proppen, een kwartetplaat in de bezetting trompet, altsax, bas en drums. Van die bende hield hij voor deze tournee enkel bassist (en broer) Avri Borochov aan boord, terwijl pianist Michael King en drummer Jay Sawyer de rangen vervoegden. Het repertoire was gloednieuw, enkele stukken hadden zelfs nog geen naam. Borochov nodigde het publiek daarom op nogal formele wijze uit om eventuele voorstellen te doen, wat typerend was voor de manier waarop hij zijn aan- en afkondigingen die avond zou doen: een beetje stijf, maar wel professioneel én consequent.

Door de terreurdaden in Parijs twee dagen eerder, zag de groep haar zaterdagconcert in de Franse hoofdstad begrijpelijkerwijs geannuleerd. Na die onverwachte vrije dag, leek het wel alsof ze op zondag de schade wilden inhalen want het viertal schoot meteen stevig uit de startblokken. Het was vooral King die zich in de openingsfase onderscheidde met een zeer bombastische solo vol daverende akkoorden en eindeloze loopjes in het hoge register. Het duchtig boppende stuk leende zich daar dan ook toe, hoewel King zich later ook nog in andere contexten zou laten opmerken.

Met een ritmische en metrische dwarsligger zette het kwartet vervolgens iedereen op het verkeerde been. Swing was verder af dan ooit, maar het viertal klikte in elkaar als een machine. Een joodse melodie uit streken rond Pakistan, Afghanistan en Tadzjikistan inspireerde Borochov tot de compositie “The Wanderer Song”, waarin de trompettist opviel met een oosters getinte frasering, die doorheen de avond nog in verschillende van zijn solo’s zou doorklinken. Ondertussen was King nogmaals op de toetsen beginnen razen, waarbij hij op een gegeven moment bleef hangen in het geinige motiefje van de Dizzy Gillespie-klassieker “Salt Peanuts”, nadat hij eerder al een rist blues- en stride-riedels uit de klankkast had gehamerd.

Ook na de pauze zette het kwartet meteen verschroeiend in en deze keer was het Borochov die met een loeier van een trompetsolo de handen op elkaar kreeg. King kreeg alweer veel soloruimte, maar de spoeling leek plots wat dun te worden en hij ging zich in die tweede set schijnbaar enkele keren herhalen, hoewel hij het gros van de aanwezigen duidelijk nog wel in zijn achterzak had.

Met enkele ballads zette Borochov zijn compositorische kwaliteiten in de verf. In een overvloed van melodie en harmonie, aangedikt met een reeks lyrische solo’s (opnieuw met heel wat oosterse tinten) maakte de groep een statement met het mooie “There Is Hope Still”, waarbij stilletjes werd gerefereerd naar de droevige gebeurtenissen van twee dagen eerder. Een flitsend “Ça Va Bien” — dat deed denken aan het technische werk van Phronesis en het Avishai Cohen Trio — zorgde uiteindelijk wel voor een opgewekte afsluiter, wat door de korte toegift (een stevig opgefokte versie van “Samsara”) nog werd bekrachtigd.

Het hoofdstuk van debuutplaat Outset leek op basis van dit concert volledig afgesloten — enkel tijdens de bisronde werd er dankzij “Samsara” nog even kort naar gerefereerd. Een zo goed als nieuwe band in een kraakvers repertoire? Dan is een opname nooit veraf. Toch zal dat volgens Borochov pas voor eind 2016 zijn. We zullen het dus nog even met dit pittige concert moeten doen.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

achttien − negen =