Ryley Walker :: 25 augustus 2015, Feeërieën

Vijf songs op een speeltijd van een uur en een kwartier? This must be postrock. Toch niet! Dat Ryley Walker zijn folksongs graag als open gegevens benaderde, wisten we al en moedigen we volop aan, maar op de Feeërieën ging de jongeheer daar ruim voorbij.

Elk nummer werd hier immers tot een langgerekte jam omgevormd, waarin de opgenomen songs slechts de kern vormden waarrond de band nieuwe intro’s, solo’s en climaxen creëerde. Met de topband waarmee de man uit Chicago zijn tweede plaat Primrose Green opnam, zou dat vuurwerk van jewelste gegeven hebben. Hier, met een aarzelende Noorse drummer als invaller en een band die verder niet in topvorm verkeerde, was dat helaas wat minder het geval.

Het was immers die tomeloze bandinteractie die de folksongs van Primrose Green volledig boven zichzelf deed uitstijgen. De getokkelde capriolen en simpele teksten van Walker werden zo richting een lekker groovende jazzwereld gekatapulteerd, herinnerend aan werk van Tim Buckley en John Martyn. Dat was ook op de Feeërieën het geval, maar helaas sloeg daarbij de weegschaal bij momenten over van geïnspireerde improvisatie naar oeverloos gejam. Voeg daar dan nog eens een drummer bij die de rest van de band niet altijd kon bijhouden en je krijgt een concert dat hier en daar bijna in elkaar stuikte.

Al moeten we dat zeker niet overdrijven. Dit was niet het topconcert dat Ryley Walker in zijn vingers heeft, maar wel nog steeds een behoorlijk boeiende live-take op ’s mans muziek. Het feit dat de songs zo vrij werden behandeld en open werden getrokken, zorgde ervoor dat je als toeschouwer geregeld bij de les werd gehouden. Dat begon al meteen vanaf de start, met een lange sfeervolle intro voordat de band “Primrose Green” inzette om daar vervolgens een noisy climax aan te breien.

Hetzelfde patroon was hoorbaar in bis “Summer Dress”, aangekondigd als een “lied over neuken, euh, pardon, over een goede christen zijn en elke zondag naar de kerk gaan”. Dat soort bindteksten toont ook mooi de ongedwongen attitude van Walker aan, wat zich dus ook vertaalde in een wat nonchalante benadering van zijn muziek. Ook hier weer een lange intro en een stevige crescendo-finale. Toch wat postrock dus, zij het dan opvallend losjes gespeeld.

Het hoogtepunt van de set was wellicht “Sullen Mind” dat de reguliere set mocht afsluiten. Een song uit Walker’s debuut All Kinds Of You, die naar zijn normen een opmerkelijk uitgewerkte tekst heeft en die van zijn oorspronkelijke folkriff transformeerde naar een vuile rockgroove. Het potentieel om dit volledig te doen uitbarsten in een stuwende jam is er duidelijk, waardoor het des te frustrerender was dat Walkers band niet genoeg gerodeerd was om op dat moment die prestatie te leveren.

Desalniettemin een fijn concert in een zoals steeds sfeervol Warandepark. Het songmateriaal van Walker is zonder twijfel sterk genoeg om ook deze wat minder geslaagde jambehandeling te overleven en het publiek de motregen te doen negeren, maar om echt boven zichzelf uit te stijgen, zou hij de touwtjes nog wat strakker in handen mogen houden.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

zes + drie =