Shoegaze :: En toen werd de gitaar een wolk

De naam was een halve belediging; een sneer naar het obsessieve pedalengebruik van de gitaristen. Toch kent Shoegaze 25 jaar na zijn ontstaan een nieuwe populariteit, nu na My Bloody Valentine en Slowdive met Ride ook de derde sterkhouder opnieuw toert. Tijd voor eerherstel voor een beschimpt genre.

“Ik zal Slowdive altijd meer haten dan Hitler”. Dat poneerde Richey Edwards, de verdwenen gitarist van Manic Street Preachers stellig in 1991. Het was één van de eerste interviews die de Welshe rocker gaf, en het zei veel over hoe toen al tegen shoegazebands werd aangekeken. In het gat na de euforie van de Madchesterscene eind jaren tachtig – één waas van drugs, alcohol en vroege housemuziek –, kwamen in het Zuiden van Engeland een aantal bandjes aan de oppervlakte die zich van al dat feesten nooit iets hadden aangetrokken. In de knusse beschutting van de Britse middenklasse ontwikkelden ze een introspectief geluid dat tot woede van mijnwerkerszoon Edwards weigerde politiek te zijn, maar liever verdween in een eindeloos experimenteren met de mogelijkheden van de elektrische gitaar.

Het was de tijd dat dat de term “kathedraal van geluid” werd bedacht. Dat recensenten over gitaarwolken gingen schrijven. En dat waren accurate termen voor wat bands als Slowdive, Catherine Wheel, Lush en Pale Saints voortbrachten. Met een bord vol effectenpedalen aan hun voeten als voornaamste wapen, zochten ze naar nieuwe manieren om klank te halen uit zes snaren. Voor het resultaat was een term als “droompop” niet eens zo ver gezocht; de sfeer mocht dan wel introvert en atmosferisch zijn, in de melodieën hoorde je ook dat The Beatles hun greep op de Britse popmuziek nog steeds niet hadden gelost.

Holocauststuk

Shoegaze was geen begin, maar eerder het culminatiepunt van een evolutie die al van in de jaren zestig bezig was. Was John Cale al van voor The Velvet Underground geobsedeerd door “the drone” – de monotonie tot muzikale stijl getemd – dan zou een band als Spacemen 3 daar in de jaren tachtig op voortbouwen met klassiekers als The Perfect Prescription en Playing With Fire: platen waarop Stooges-achtige rock werd gepaard aan hymne-achtige bezwering. De etherische muziek van Cocteau Twins was een andere kant van die medaille: ook deze band wilde vooral sfeer vatten. En dat zang niet per sé verstaanbaar moest zijn om als muziek te werken, dat maakte frontvrouw Liz Fraser ook wel duidelijk. Al was het bij de shoegazers soms ook een goedkoop excuus, geeft Emma Anderson van Lush toe: “Toen onze zanger het was afgetrapt, hebben we geïnvesteerd in wat chorus- en delaypedalen, en hebben we de gitaren goed luid gezet. Vooral omdat we niet echt vertrouwden op onze vocale capaciteiten.”

Aan de overkant van het spectrum werd helemaal met lawaai gerommeld. Zowel Jesus & Mary Chain als Dinosaur Jr. probeerden hun popsongs te begraven onder zoveel mogelijk distortion als ze konden, en er waren natuurlijk ook Sonic Youth en Hüsker Dü die op hun manier lieten horen wat je met misvormde geluiden kon doen. Uiteindelijk kun je zelfs de atypische Smithssingle “How Soon Is Now” uit 1984 al als een voorloper van shoegaze beschouwen, als je luistert hoe Johnny Marr in de weer is met loops, lang aangehouden klanken en oorverdovend vervormde gitaren.

Het was dus gewoon wachten tot dat alles zou samen komen, en dat gebeurde uiteindelijk in 1988 op “You Made Me Realize”, de nieuwe single van My Bloody Valentine, een tot dan toe weinig opvallend bandje uit Dublin. Het was het moment waarop de noiserock, die de band op obscure EP’s had gelost, bleek getransformeerd naar iets anders: meer dan in de song had gitarist Kevin Shields een interesse ontwikkeld in wat zijn instrument hem toeliet doen, en daar ging hij ver in. Live liet het trio het nummer steevast ontsporen in een minutenlange, oorverdovende kakofonie die ietwat grimmig “Het Holocauststuk” werd gedoopt.

Het zou ook het begin zijn van een liefdesaffaire tussen Shields en de mengtafel van de muziekstudio. Bij de opnames van Isn’t Anything, het volwaardige debuut van de band, ging een wereld voor hem open. Wat volgde was een obsessie die er voor zou zorgen dat er aan opvolger Loveless twee jaar zou worden gesleuteld, in maar liefst negentien studio’s. De plaat zou na zijn verschijnen in 1991 een mijlpaal worden, maar zover zijn we nog niet.

The Scene That Celebrates Itself

Ondertussen waren er immers tal van bandjes opgestaan die net als My Bloody Valentine een voorliefde voor het effectenpedaal hadden ontwikkeld. En aangezien die allemaal uit dezelfde regio rond de Thames kwamen, gingen de muzikanten al eens buurten op elkaars concerten. Toen journalist Steve Sutherland van Melody Maker dat doorkreeg, doopte hij hen schamper “The scene that celebrates itself” – “kringrukkend stelletje losers”, zeg maar. Zucht Anderson van Lush: “Tja, Russell van Chapterhouse was een bekende, en ik heb nog iets gehad met Russell van Moose voor hij in die band zat. Dat was het zo’n beetje. Nogal overdreven, dus.” De benaming zou niet blijven hangen, wegens weinig catchy, maar de geringschattende blik zou voor immer op deze muziek blijven rusten.

En scene? Onderling verschilden de bands heel wat. Grossierde My Bloody Valentine in gierende noise-uitspattingen, dan was Ride eerder de missing link tussen de shuffleritmes van Madchesterbands als Stone Roses en de rechttoe rechtaanpop van Britpop nadien. Het meer naar metal neigende Swervedriver had het shoegaze-etiket zelfs enkel aan zijn regionale afkomst te danken. Maar toch was er iets dat hen bond, zegt Mark Gardener, gitarist en zanger van Ride: “Tonnen delay, hopen echo; een groots, weerkaatsend geluid. En veel gebruik maken van de tremolo-arm op je guitaar om je klank te vervormen. We hielden er gewoon van om ons te verliezen in een immens geluid, mooie harmonieën te laten botsen met een hoop lawaai.”

Zelfs Coldplay

Ze zouden aanvankelijk niet de status van de eerste Stone Roses, Nevermind of Pills ‘N’ Thrills And Bellyaches (Happy Mondays) krijgen, maar in de slagschaduw van die monumenten voor en na werden toch een paar klassiekers bij elkaar geschreven. Dat Loveless, natuurlijk, dat later regelmatig tot beste plaat van de al met wereldplaten volgestouwde nineties werd gekozen, maar net zo goed Souvlaki van Slowdive, of Going Blank Again van Ride.

De golven die deze platen onder de radar maakten zouden ver reiken. Zonder het hele shoegaze was er geen sprake van de noise-escapades van Mogwai, maar ook Chemical Brothers mag al eens een “dank u wel” richting Ride prevelen voor de manier waarop bij hen dominante en dansbare bas en drums het lawaai in goede banen leidden. En dan zwijgen we nog over de elektronica-scene, die het hele idee van noisewolken maar te pikken had. Shoegaze mocht dan weggelachen zijn, het had zijn zaadjes geplant, en die zouden in de decennia nadien hun vruchten werpen.

Kevin Shields vat het in de Shoegazedocumentaire Beautiful Noise helder samen: “dat moment in “You Made Me Realise” hoorde iedereen nadien terug in andere, nooit verwachte plekken: de uitgestrekte jams van post-rock, de diepten van drone- en doom metal, de rustige randen van elektronica, en zelfs in popmuziek.”

Vandaag is het Shoegazegeluid niet weg te denken uit het muzikale landschap. Soms letterlijk, als bij A Place To Bury Strangers, maar ook Deerhunter en No Age hebben goed hun oren gespitst. Tot in popmuziek hoor je echo’s, benadrukt Eric Green, de man achter die film hierboven: “Zelfs al zijn Coldplayfans zich niet bewust van Shoegaze, ik ben er zeker van dat die band dat wel is: hun geluid zit tjokvol referenties aan het genre.”

En dus kon het niet anders of het tij zou keren. My Bloody Valentine waren de eerste om na eeuwen stilte opnieuw te gaan toeren, en zelfs een nieuwe plaat af te leveren, in 2014 plooide ook Slowdive. Dit jaar is Ride aan de beurt, dus is het laatste woord aan Gardener. “Om eerlijk te zijn dacht ik toen Ride uit elkaar viel dat we totaal onbeduidend waren geworden, maar het tegendeel is gebeurd. Jaar na jaar is ons belachelijk veel geld geboden om opnieuw samen te komen. We hebben de tand des tijds dus wel doorstaan, denk.”

Niet slecht voor een stelletje kringrukkende losers.

Ride speelt komend weekend op het Best Kept Secret Festival

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

1 + 5 =