DIT WAS 2013: Josh Ritter :: ”Woede staat me gewoon niet goed”

De hele maand december blikt enola terug op het afgelopen jaar met de interviewreeks DIT WAS 2013. Daarin laten we artiesten aan het woord die het jaar maakten of wiens plaat onterecht onopgemerkt de vergetelheid in dook.

Het was een goed jaar voor Josh Ritter. Begin 2013 werd een dochtertje geboren, een maand later beviel hij van The Beast In It’s Tracks. Met een nieuw lief en die baby in de armen, kon hij het op die zevende plaat eindelijk hebben over de pijnlijke scheiding, na amper anderhalf jaar huwelijk, die hem even door de hel joeg. Het leverde een dot van een plaat op, die vooral niet in kwaad natrappen mocht vervallen.

Ritter: “Al was ik dat eerst van plan. (lachje) Ik wilde eerst dat het een bittere plaat zou worden. Dat verdiende ik wel na al wat me was aangedaan, vond ik. En het schrijven ging me ook verbazend goed af. Mijn emoties waren nog puur en rauw, wat ervoor zorgde dat wat gewoonlijk hard werken is — uitgedrukt krijgen wat ik wil — erg vlot ging. Het was een kwestie van de pen op het papier te zetten. Alles was zo helder voor me, mijn gevoelens lagen open en bloot voor me, dat het me zelf verraste.”

“Ik heb wel eens gezegd dat ik sommige songs enkel heb geschreven om mijn eigen leven te redden, en zo voelde het ook echt. Ken je dat soort films waarin je vast zit in een kamer waarin het water almaar binnensijpelt tot je bijna tegen het plafond drijft, terwijl je wanhopig probeert de laatste lucht binnen te zuigen? Zo gaat het soms met kwaadheid: als je het er op een bepaald moment niet kunt uitlaten, dan ga je eraan ten onder. Een song schrijven werkte dan als een ventiel om van al die gevoelens af te raken. Het zorgde ervoor dat ik geen andere, meer destructieve, dingen zou doen om die boosheid te uiten. Ik moest mezelf op vreedzame wijze bezig houden (lacht verontschuldigend). Sommige van de songs zijn wel degelijk opgenomen, al was het maar om ze niet kwijt te spelen.”

“Al snel besefte ik echter dat die woede mij niet lag. Er zijn genoeg voorbeelden van mensen die bedrogen zijn geweest, en die daar uitstekende driftbuien van platen uit hebben gehaald, maar ik ben hen niet. Anger wasn’t the best suit for me to wear. De songs waarin ik mijn woede over dat verraad uitstortte, waren gewoon niet erg goed. Ze waren gewoon dom. Een beetje idioot, zelfs (lacht). Ik had het gevoel dat ze me veel zwakker toonden dan die waarin een heel scala van emoties aan bod kwamen en die ruimte voor wat vergeving lieten. Mezelf blijven wentelen in mijn wrok bleek heel triviaal te zijn. Het was een beetje triest om al die gevoelens over hoe ik me voelde bij die ellende aan de buitenwereld prijs te geven. Ik besefte dat ik me binnen dertig jaar over zo’n plaat verschrikkelijk zou schamen: al dat zeuren en janken.”

“Toen ik eenmaal “New Lover” had geschreven, werd het me eindelijk duidelijk welke richting het uit moest. Elke plaat heeft zo zijn nummer dat me plots doet beseffen wat ik moet doen, en ook nu was dat zo. Die song had nog wel wat verongelijktheid in zich, maar ook begrip, hoop en een soort huppeligheid, en dat alles deed me inzien hoe beperkt het was, wat ik voordien geschreven had. Het heeft nog een tijdje geduurd eer alles daarna helemaal op zijn plaats viel, maar toen is de kiem van inzicht gezaaid dat de woede enkel bij momenten mocht doorschemeren, en niet overheersen.”

“Ik ontdekte dat je zoveel kwijt kunt in songs, waaronder je pijn en woede, zonder dat het alleen maar daar om hoeft te draaien. Zie het als tekenen in kleur in plaats van in enkel zwart en wit. Er zijn al die schakeringen die ik plots terugvond, ook hoe graag ik mijn toenmalige vrouw heb gezien, waar ik nooit over had kunnen praten op de plaat, als het enkel maar om mijn verschrikkelijke boosheid zou hebben gedraaid.”

Donkere songs moet je verdienen

“Even heb ik met het idee gespeeld om de tracklisting van de plaat ook dat rouwproces te laten volgen. Vond ik wel een cool idee, maar het voelde niet juist. Om te beginnen geloof ik al niet dat verwerking echt zo’n geijkt pad volgt van woede naar aanvaarding etc. Tel daar nog bij dat het op die manier ook bijna als een conceptplaat aanvoelde, en het was geen optie: ik haat die dingen. Ze forceren songs in een dwangbuis die hen niet ligt. Het was beter om gewoon “een plaat” te maken, een die net als een optreden op de juiste plekken zijn hoogtes en zijn laagtes kende. Zo voelde ik dat er af en toe een vrolijk nummer moest komen, vooraleer ik een pikdonker nummer had verdiend.”

“Muzikaal moest ik ook een nieuwe taal ontwikkelen. Op The Historical Conquests en So Runs The World Away was ik heel breed gegaan, en had ik epische songs geschreven. Deze keer voelde ik dat het niet zo mocht zijn. Ik had de energie ook niet om het zo aan te pakken, met al die rijke arrangementen, en een woordenvloed. Dus ging ik terug naar hoe ik ooit begon: heel direct en eenvoudig.”

“Natuurlijk waren die vorige platen erg cerebraal, maar ik vind niet dat ik daar te ver in ben gegaan. Ik denk dat je als artiest moet durven afwijken; verkennen wat je allemaal kan doen. Ik hoor genoeg songschrijvers die een leven lang één ding doen, maar dat is niet wat mij past. Ik vind dat als mensen mij geld geven om naar mijn optredens te komen en mijn albums te kopen, ik ook dingen moet uitproberen die ze nog niet kenden. Dat is mijn job. Anders ben ik ook maar gewoon de zoveelste gast met een gitaar in een kamer. Sommige mensen vinden dat misschien OK, maar ik vind dat ik meer moet proberen.”

“Daarom heb ik de afgelopen jaren ook een roman geschreven. ‘t is iets wat ik altijd al wilde doen. Ik was een lezer, voor ik een songschrijver was, en ik wilde zien of ik dat kon: een werk van langere adem aanvatten. Ik had al een paar dingen geschreven voor Bright’s Passage, en die voelden goed, dus ben ik er eens helemaal voor gegaan. En op dit moment werk ik aan een volgend boek.”

“Een song of een boek schrijven; veel verschil is er niet wat betreft schrijven en bewerken. In beide gevallen probeer je gewoon het perfecte woord te vinden. Toch is het tegelijk anders. Vergelijk het met een marathon lopen tegenover de honderd meter sprint, de techniek blijft hetzelfde. Een song schrijven is immers even intens. Maar op een bepaald moment had ik gewoon het gevoel dat ik het nu wel kende, een album schrijven en opnemen. Ik wilde eens iets nieuws. En het voelt goed om te weten dat als ik even geen songs wil schrijven, dat ik die andere optie heb om alles uit mijn hoofd te krijgen en gelukkig te worden.” (lacht)

(abrupt) “Weet je, afgelopen jaar ben ik vader geworden. Dat heeft veel veranderd, al was het maar in termen van tijd. Vijf minuten voor mezelf zijn kostbaar geworden. En wat ik kan doen in die tijdspannes is veel meer gedefinieerd geworden. Als ik op het einde van een dag iets heb geschreven, voelt dat al als een gigantische verwezenlijking. Dingen als het feit dat ik plots werd opgenomen in een lijst van de honderd beste nog levende songschrijvers van deze tijd betekenen dan niet zo veel. Het beste daaraan vond ik dat het me eraan herinnerde dat ik nog leefde. Dat is al heel wat. Uiteindelijk denk ik over zulke lijstjes enkel in termen van een carrière. Ik doe zot graag wat ik doe, en zou niets anders willen doen. Dus ik doe gewoon verder, en ik zie wel waar ik uitkom.”

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

2 × vijf =