Crystal Stils :: Nature Noir

Mocht u het zich allemaal niet meer zo goed herinneren: Crystal Stilts’ In Love With Oblivion was een van de coolste rockalbums van 2011. Op Nature Noir kiest de band voor een toegankelijker aanpak en — in tegenstelling tot wat de titel doet vermoeden — er sijpelt zowaar zonlicht door in de muziek.

In wezen klinkt Crystal Stilts nog altijd als dezelfde band. De psychedelische gitaren en de monotone en standaard in galm gedrenkte bariton van zanger Brad Hargett — hij klinkt als het brave broertje van Ian Curtis — zijn nog altijd present. Maar het kleurenpalet van Crystal Stilts is aanzienlijk uitgebreid op deze nieuwe langspeler. In Love With Oblivion was nog volledig opgetrokken in zwarte en donkere tinten, Nature Noir kleurt vaker donkerrood en soms zelf lichtblauw. Weg zijn ook de eerie geluiden en vreemde effecten van op In Love With Oblivion; de band kiest vaker voor een uitgebreide instrumentatie met akoestische gitaren en strijkers. Crystal Stilts klinkt veelzijdiger en directer, maar jammer genoeg met wisselend succes.

Opener “Spirit in Front of Me” legt meteen enkele pijnpunten van de plaat bloot. De drums leggen een simpele repetitieve groove neer en de gitaren stuiteren gezellig in het rond. Maar nergens in het nummer gebeurt er iets opzienbarends of bloeit de song open, en ook de fladderende zangmelodie kan niet blijven boeien. Zelfs na meerdere luisterbeurten blijft er weinig of niets van het nummer hangen. Een tegenvallende start heet zoiets.

Gelukkig bewijst single “Star Crawl” dat Crystal Stilts wel degelijk sterke nummers kan schrijven. Hargetts zang klinkt — voor zijn maatstaven — helder en krachtig en de heerlijk walsende strijkers zorgen voor een leuke afwisseling. Er bevinden zich nog enkele meer dan verdienstelijke songs op de plaat, zoals het — R.I.P. Lou Reed — Velvet Underground-achtig rockende “Future Folklore” of het dromerige “Memory Room”, waarin Hargett zowaar op wandel gaat in de hogere regimenten van zijn stem.

Maar helaas staan er op Nature Noir ook een handvol songs die er nauwelijks in slagen de gevreesde middenmaat te overstijgen. Voor nummers als “Electrons Rising” en het zagerige “World’s Gone Weird” voelt zelfs een nieuwsgierige koe niet de behoefte de oren te spitsen. Het is geen mooi woord, maar de band klinkt in deze nummers saai en ongeïnspireerd. Als je niet goed oplet, waaien enkele songs op dit album vlotjes aan je voorbij.

Een van de relatief schaarse lichtpunten op Nature Noir bevindt zich op het einde van de plaat. Het lichtjes fantastische titelnummer is misschien wel het beste dat Crystal Stilts tot nu toe heeft afgeleverd. Een zacht groovende ballad met een ronduit heerlijk gitaarriedeltje en Hargett die bromt “meet me at the top of the word/bring your ladder”. Heerlijk catchy en sfeervol. Momenten als deze bewijzen dat de gezapige en onderkoelde esthetiek van Crystal Stilts wel degelijk prachtige resultaten kan opleveren. Maar, en dat getuigen gelijkaardige bands zoals Joy Division en The Jesus and Mary Chain, ze moet wel steeds gepaard gaan met ijzersterke songs, anders dreigt er enkel gezapigheid over te blijven.

Zo is Nature Noir een wisselvallig album geworden dat heel wat vuur mist. Crystal Stilts blijft ongetwijfeld een klasseband en de hoop blijft bestaan dat ze ooit een underground klassieker zullen afleveren, maar deze wordt dat alleszins niet. Hopelijk vertrouwt de band op volgende releases minder op de automatische piloot en wordt er langer aan sterke songs gewerkt.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

negen + zeventien =