The Drowning Men + The Airborne Toxic Event :: 16 oktober 2013, Het Depot

Voor de laatste avond on the road mag het altijd net iets meer zijn. In Leuven spoelde The Airborne Toxic Event de bittere smaak van hun laatste plaat uit de mond met champagne en mooie beloftes.

Tatoeages en volle baarden, dat lijkt zowat de makkelijkste manier om het uiterlijk van The Drowning Men te omschrijven. De gezichtsbeharing van de zanger bleef echter beperkt tot een dun, gestileerd pornosnorretje; maar toch paste ook hij moeiteloos in het kader van de band. De groep heeft wat weg van een troep dronken matrozen die je liever niet tegenkomt in de lokale rosse buurt; ruig, borstelig en haast onbeschaafd. In tegenstelling tot het ongewassen uitzicht van de groep, zijn de nummers een stuk zachter. Nato Bardeen, de zanger van het collectief, profileerde zich als de Amerikaanse versie van Marcus Mumford: beide mannen dragen een verbeten blik op het gezicht wanneer ze zich verliezen in semiverhalende teksten en bovendien lijken ze het allebei wat moeilijk te hebben met hun rol als frontman.

De parallel met meneer Mumford is niet het enige raakvlak dat de band heeft met andere muzikale hoogvliegers. De songs van The Drowning Men klinken dan ook van begin tot einde als gestolen ideeën. De rauwe gitaren en stevige drumpartijen vonden hun oorsprong in de southern rock van Kings of Leon, zonder ook maar een poging om iets nieuws toe te voegen aan het geheel. Daarnaast schemerde de invloed van Fleet Foxes net iets te sterk door in de songstructuur en de algemene folky sfeer die de band probeerde te verkopen. De groep kreeg hun halfuurtje wel probleemloos opgevuld met aangename nummers en voor het aanwezige publiek bleek dat gelukkig ook genoeg. Onder het motto “beter goed gestolen dan slecht bedacht”, geen al te verkeerde start van een erg speciale avond.

Het optreden in Leuven was de laatste show van een korte maar slopende Europese tour. Wanneer The Airborne Toxic Event op het podium verschijnt, straalt de vermoeidheid van de band af. Zanger Mikel Jollet ziet eruit alsof hij in geen weken geslapen heeft, de blik van violiste Anna Bulbrook verraadt een absolute nood aan vakantie en zelfs bij de immer vrolijke Stephen Chen kan er geen kleine glimlach af. Tijdens het laatste nummer van het voorprogramma, trakteerde de band nog op schuimende champagne en werd het publiek een fantastische avond beloofd; maar de gelaten eerste indruk van de groep doet vermoeden dat een kop kamillethee en een strip Valium eerder van toepassing zijn. De vorige shows van The Airborne Toxic Event lieten zich steeds kenmerken als een opzwepend gebeuren op gang getrokken door het charisma van de hele groep, een niet onbelangrijk feit dat zich na het eerste nummer toch lijkt te manifesteren. Zoals gewoonlijk bijt “Wishing Well” de spits af; een eenzame viool en snelle keyboardaanslagen worden dadelijk aangesterkt door het diepgaande karakter van Jollets stem. Jollet is een van de weinige zangers die er met zoveel verve in slaagt om diepdroeve nummers on stage te doen klinken als bombastische meezingers. Meer dan een nummer is er dan ook niet nodig om duidelijk te maken dat het inderdaad een speciale avond zou worden.

De band koos voor een setlist waarin Such Hot Blood , de laatste plaat, bijna volledig werd genegeerd. Wat werd er dan wel gespeeld? In sneltreinvaart volgden “Numb”, “Changing” en “Papillon” elkaar op; oudere nummers die het publiek nog steeds weet te appreciëren en die de band ook nog met evenveel plezier weet te spelen. Toch was er ook plaats voor nieuw werk. Met “Hell And Back”, een verwijzing naar de moeilijke relatie met hun platenlabel, heeft de band opnieuw een sterke song in handen. Ook “Safe”; een van de weinige sterkhouders op Such Hot Blood weet dankzij het samenspel tussen Bulbrook en Jollet te overtuigen.

De nummers van The Airborne Toxic Event zijn nooit makkelijk. Jollet zweert bij de emotionele complexiteit die iedere goede singer-songwriter weet te verweven in pakkende teksten, zonder live te vervallen in gespeelde gevoelens. In tegenstelling tot wat je op Such Hot Blood te horen kreeg, stond er in Leuven wel een band op het podium; geen individualistische schrijver die hoopt op een Nobelprijs aan de hand van narratieve songteksten. “The Graveyard Near The House” en “All I Ever Wanted”, nummers waarin Jollet zichzelf op een erg persoonlijke manier blootgeeft, krijgen zo een diepgaande gelaagdheid die het publiek zichtbaar kan raken. Met “Missy” en de belofte om in de zomer terug in het land te zijn, neemt de groep afscheid van een tevreden publiek. Kan iemand de jongens van Pukkelpop al even waarschuwen?

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

achttien − zeven =