Eindejaarslijstje 2010 van Mattias Baertsoen

  1. Jamie Lidell :: Compass          Het hield voor Jamie Lidell niet op bij de sublieme soulpop van voorgangers Multiply en Jim. Compass combineert meer stijlen dan Kanye West er bijeen kan denken en is van een — en we hadden dit woord jarenlang zorgvuldig opgespaard — magistraal niveau.
  2. Gonjasufi :: A Sufi And A Killer          Meest maffe plaat in jaren. Met Flying Lotus en The Gaslamp Killer achter de knoppen, zorgt deze krankzinnige kerel uit LA voor een unieke mix tussen Portishead, Pink Floyd en Mark Lanegan. Horen is geloven.
  3. Pantha Du Prince :: Black Noise          Hendrik Weber tekende de afgelopen jaren al voor bijzonder verfijnde maar tegelijk vrij complexloze elektronica. Op Black Noise puurt hij zijn geluid uit, met de hulp van Panda Bear en leden van LCD Soundsystem en !!!. Ook dit is techno.
  4. Flying Lotus :: Cosmogramma         Cosmogramma toont aan hoe straf 2010 was. Vrijwel ieder voorgaand jaar zou deze plaat pronken op het hoogste schavot. Dit is voor de Amerikaan alweer een serieuze stap voorwaarts ten aanzien van de voorganger Los Angeles. FlyLo is een fenomeen.
  5. Mount Kimbie :: Crooks & Lovers          Huis-tuin-en-keuken-dubstep. Verslavend plaatje dat je haast niet te veel durft draaien in de vrees dat de magie plots weg zal zijn.
  6. Four Tet :: There Is Love In You          Kieran Hebden vond het afgelopen jaar zijn kluts helemaal terug. Na enkele albums vol verstrooide freejazzexperimenten is deze er opnieuw pal op; minimaal, dansbaar en dodelijk efficiënt.
  7. Arcade Fire :: The Suburbs          Arcade Fire werd in het verleden al eens overschat, maar The Suburbs zit volgepakt met prachtige popsongs met een tijdloos karakter. Ongetwijfelde het meest complete album van dit gezelschap.
  8. Massive Attack :: Heligoland           Velen hadden te snel een negatieve mening over Heligoland klaar. Dit is weliswaar geen nieuwe Mezzanine, laat staan een nieuwe Blue Lines, maar wel een b(r)oeiend album vol bezwerende nummers die je maar moeilijk loslaten.
  9. The Roots :: How I Got Over          Voor je hiphop degelijk en fijn, moet je nog steeds bij The Roots zijn. Slagen er zelfs in om Joanna Newsom hip te doen klinken. Faut le faire.
  10. José James :: Blackmagic          Gevarieerder en luchtiger dan het gedegen debuut The Dreamer, maar allesbehalve de knieval voor de commercie waar de plaat soms voor afgedaan wordt. Kwaliteit blijft bovendrijven.

Zich geen bal aantrekkend of Mumford & Sons dan wel Editors het meest over het paard getild werd, maakte Villagers (“Twenty-Seven Strangers”) het mooiste lied van het jaar, James Blake (“Limit To Your Love”) het beste, Yeasayer (“ONE”) het meest dansbare en Aloe Blacc (“I Need A Dollar”) hetgeen met de meeste cool.

Wisten ons live best te bekoren: Kruder & Dorfmeister (Gent Jazz), Prince (Werchter Boutique), Yeasayer (Pukkelpop), Trentemøller (AB), Flying Lotus (AB) en Eels (Pukkelpop).

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

1 × twee =