The Black Box Revelation :: 4 maart 2010, AB

The Black Box Revelation is groot. Zoveel is duidelijk na deze passage in de AB, de elfde volgens zanger/gitarist Jan Paternoster en de eerste waarbij het duo headliner is in de grote zaal. Daar verzilvert het tweetal het succes van de laatste plaat én wordt een voorschot genomen op de festivalzomer.

Net geen vier jaar na de Rock Rally finale van 2006 staat The Black Box Revelation opnieuw in de grote zaal van de AB. En ditmaal staan de tweeduizend toeschouwers er enkel en alleen voor Dries Van Dijck en Jan Paternoster. Het concert is een voorlopig hoogtepunt na een groeiproces van vier jaar. En dat is zelfs bij het betreden van de zaal te merken: met een publiek dat naast behoorlijk jong ook redelijk door het dolle heen is, lijkt The Black Box Revelation bijna op voorhand zeker van een zegetocht.

Nochtans lopen de –weliswaar puike- songs van het duo niet noodzakelijk over van genialiteit. Wanneer een song als “I Don’t Want It” op de radio langskomt, blinkt The Black Box Revelation zelfs uit in onopvallendheid. Maar op het podium van de AB laat de band het bijna banale nummer openbloeien tot het hoogtepunt van de avond.

En dat is de sterkte van de band: Van Dijck en Paternoster zijn perfect op elkaar ingespeeld en kunnen op het podium kneden en vervormen naar eigen goeddunken. Door de beperkte bezetting is het voor de band een koud kunstje de spanningsboog ten allen tijde onder controle te houden, waardoor het publiek zelfs de kans niet krijgt zich te vervelen, maar integendeel enkele plaagstootjes te verwerken krijgt, zoals de bluesrifs die Paternoster in de song smokkelt of de plotse oerknallen van Van Dijck, die even de indruk geven dat John Bonham terug onder ons is. Op de radio zou dergelijke uitzinnigheid waarschijnlijk geen enkele kans maken, maar het AB-publiek lust er pap van: het is veelzeggend dat net in dit nummer meisjesslipjes weg en weer gegooid worden tussen band en publiek.

Een band die zorgvuldig naar dat hoogtepunt gewerkt heeft: met “Run Wild” en “Where Has All This Mess Begun” pakt The Black Box Revelation uit met een openingsduo dat inslaat als een bom. Heel even lijkt het concert zich niet in een winterse concertzaal af te spelen, maar ontstaat het gevoel dat de festivalzomer aangebroken is en dat de komende maanden alles mogelijk is.

En dat met het soort rock dat zo primitief is dat het soms een raadsel is dat het veertig jaar geleden al niet definitief van de kaart geveegd werd. Maar toch. Wanneer “You Better Get In Toch With The Devil” met zijn zinderende gitaarpartij en met de hand bespeelde drums op de uitverkochte zaal losgelaten wordt, lijkt een vingerknip te volstaan om de aanwezige zieltjes aan Lucifer over te leveren.

De kracht van The Black Box Revelation schuilt echter niet alleen in hun capaciteit om schijnbaar vanuit het niets vonken te doen ontstaan, het duo heeft enkele songs van wereldklasse achter de hand waarmee het voor het publiek onmogelijk is niet overstag te gaan. In “Love Licks” komen al de kwaliteiten van het tweetal naar boven. Het nummer is niet alleen zowat het knapste dat ze tot nu toe opnamen, live zorgt “Love Licks” voor een paringsdans met het publiek, dat vakkundig verleid wordt, overrompeld met gitaarpartijen die heel zorgvuldig opbouwen zodat de band je ongemerkt kan overrompelen en platslaan, zonder dat het typische sloopwerk van de doorsnee rockband er aan te pas komt.

Hoewel The Black Box Revelation al betere concerten gegeven heeft, is dit er eentje om in te lijsten. The Black Box Revelation heeft met recente plaat Silver Threats recent bewezen dat het een band is die niet ter plaatse blijft trappelen. Ook live werd dat nogmaals duidelijk. Misschien was The Black Box niet zo explosief als op vroegere concerten, de vrijgekomen energie was er daarom niet minder om.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

10 − 6 =