Walter Hus :: De Marollenopera

Soundwizard Walter Hus, die eerder al met Rosas, Ultima Vez, Jan Decorte en Needcompany in zee ging, heeft gedurende twee jaar met de mensen uit de Brusselse Marollenwijk samengewerkt. Op BRXLBRAVO! — de ultieme ontmoetingsplek tussen Brussel, haar inwoners, kunstenaars en het publiek — werd het resultaat opgevoerd in de box van de KVS. Of dit de gepaste plaats was, blijft zeer de vraag.

De twee jaar durende samenwerking heeft volgend resultaat opgeleverd: een twintigtal mensen worden omringd door een houten Decap-orgelinstallatie die is verbonden met grote plastic luchtbuizen. Een meer gediversifieerd gezelschap is zelden gezien. Hoewel de Marokkanen van de Vossenmarkt zijn thuisgebleven, lijkt het een goede dwarsdoorsnede van de Marolliens: bevallige dames van de derde leeftijd, een twintigjarig in vodden gehuld zangeresje, door seks bezeten grootvaders, een als The Cure verklede goth en — hilariteit, want door haar werk als keukenhulp arriveerde ze tien minuten te laat op scène — een triestige Congolese. Een olijke bende, zonder de minste podiumprésence. In een groot aantal scènes wordt al reciterend geïmproviseerd rond een thema dat Hus hen op voorhand heeft gegeven. De elektronisch gestuurde orgelinstallatie begeleidt hun schrille zangstukken die ergens flaneren op de grens van popmusical en schlagerfestival. Ze doen dit vol schaamteloze overgave. Soms beschamend schaamteloos.

Als bezoeker van de KVS verwacht je namelijk iets afgewerkts te zien. Na een halfuur luisteren naar deze schorre en ontstemde bende, merk je al gauw dat het nodig is je traditionele criteria aan de kant te schuiven. Het draait niet om een mooi afgewerkt resultaat. Wat je ziet zijn echte mensen, in een echte situatie, die volledig zichzelf mogen zijn. De mensen worden ingezet met de kwaliteiten en gebreken die ze hebben. De bedoeling is een zekere spontaneïteit in hen los te krijgen. Ze dragen hun eigen kleren, zingen met hun eigen stem, vertellen over wat hen het moment zelf te binnen valt. Dat lukt niet altijd even goed. Sommigen zijn zenuwachtig en staan ongedurig te schuifelen, wat zeker niet minder charmant is. Vervolgens ga je kijken alsof je op een pleintje trosjes mensen gadeslaat. Je vindt hen mooi in hun volstrekte alledaagsheid, in hun klungeligheid.

Bovendien zit de kracht van een dergelijk project niet in de eerste plaats in een resultaat. Dat die verschillende mensen met evenveel verschillende achtergronden twee jaar lang naar elkaars verhalen hebben geluisterd en een stem hebben gekregen, dat is van belang. Mensen die in de snelle Marollenstraten anders weinig kans hebben even bij elkaar te zitten. Zulke projecten zijn van belang in een buurt, in een wereld die steeds meer met zijn hoofd naar beneden loopt.

Wie een stem heeft gekregen, wil die uiteraard ook eens laten horen. De cruciale vraag hierbij is of de KVS er wel de goeie plaats voor is. Het is een omgeving waar traditionele beoordelingscriteria al te snel hun weg naar binnen vinden. Daarbij is het rode pluche van de zwarte box een al te veilige plaats voor het publiek, terwijl deze voorstelling nood heeft aan een actieve tegenspeler.

De vorige opvoering vond plaats in het Justitiepaleis. Werkelijk op de top van de Marollen. Alsof ze zichzelf in dat moment hebben gesublimeerd. De gruwelijke akoestiek daar past perfect bij het beeld van een Marollenopera. In de box klinkt het resultaat te clean voor iets wat met zo’n ruwheid en spontaneïteit is gemaakt. In het Justitiepaleis konden toevallige voorbijgangers hun oor eens te luister leggen waardoor er een meer ongedwongen sfeer hing en er meer interactie met het publiek mogelijk was. De Marollenopera is gemaakt in de straten, door de straten. Breek dus uit die box en breng het ook voor de straten.

Foto: Kurt De Ruyter

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

4 × 5 =