Domino 09 :: A Place to Bury Strangers + Amenra + Drums Are For Parades

ABClub, Brussel, 8 april 2009

Les
extrèmes se touchent
, zeker op de openingsdag van het
Dominofestival in de AB! De zaal en de Club werden geannexeerd door
twee radicaal verschillende muzikale werelden. Boven was het dwalen
door verstikkende noise- en sludgemijnen terwijl beneden de
ademnood van atmosferische neo-klassiek de plak zwaaide. Fennesz en
Jóhann Jóhannsson of Amenra en A Place To Bury Strangers?, Hemel of
hel?, Fordlandia of Vlaamse morzels metal?,… Wij trokken
onversaagd de kaart van de laatste optie en ondanks bebloede
oorschelpen hebben we daar geen spijt van!

De line-up in de Club mocht er namelijk wezen. De drie bands delen
dan wel een liefde voor tinnitusopwekkende volumes, maar toch zijn
ze behoorlijk verschillend. De Gentenaars van Drums Are For Parades
zwaaien vervaarlijk rond met een voorhamer van metal, noise en punk
terwijl de Kortrijkzanen van Amenra hun vernieling eerder
aanrichten met een log, hypnotiserend sludge-minimalisme. Het uit
Brooklyn afkomstige A Place To Bury Strangers puurt z’n stevig
gebetonneerde geluidsmuren dan weer uit talloze effectpedalen en
gestaar naar de voetpunten. Drie verschillende slooppartijen na
elkaar dus, de oordopjes zaten paraat in de achterzak!

En dat bleek al onmiddellijk nodig bij Drums Are For
Parades
! De fun, de teringherrie, geen leuze die
beter op dit gezelschap van toepassing is dan deze variatie op de
slogan van een ter ziele gegaan radiostation. Met een aanstekelijk
enthousiasme beukten twee drummers de ranzige geluidskots van punk,
noise en metal aan elkaar. Het zweet droop van de cimbalen, fluimen
vlogen in het rond en sardonische glimlachen sierden het gelaat van
de bandleden. Ondanks het geoliede, percussieve tweemansleger was
de set bijwijlen erg rommelig, maar het spelplezier werkte
niettemin enorm aanstekelijk. Op zoek naar een halfuurtje
nietsontziend headbangvoer? Met Drums Are
For Parades
zit u gebeiteld!

Amenra dan! Wie dacht dat de West-Vlaamse pletwals
aan kracht ingeboet zou hebben na een noodgedwongen pauze, mocht
nog eens raden. Nieuwe gitarist Lennart Bossu heeft zich al prima
ingewerkt en het publiek zag een feniks uit een post-apocalyptisch
niemandsland rijzen. Amenra speelde zoals vanouds met immens veel
overgave en opener ‘De Dodenakker’ bleek de perfecte stormram om de
poort naar een klein uur loodzware maar o zo hypnotiserende sludge
te openen.

Amenra veroorzaakte niet minder dan een subsonische
aardplaatverschuiving in de ABClub en Colin Van Eeckhout krijste
alweer de ziel uit z’n lijf alsof hij met kokende pek werd bewerkt.
Op ‘Terziele’ en ‘Gardien Des Rêves’ na werd ‘Mass
IIII
‘ er volledig doorgejaagd (‘Am Kreuz’ was het enige oudere
nummer) en het verwoestende exorcisme bereikt z’n ultieme catharsis
met ‘Silver Needle . Golden Nail’. Amenra live is en blijft een
gevecht op leven en dood dat je telkens leeggezogen
achterlaat.

Na Amenra smeekten onze trommelvliezen om genade, maar het New
Yorkse A Place To Bury Strangers kende geen
medelijden. Het trio wordt al eens de luidste band van Brooklyn
genoemd en dat predikaat bleek niks overdreven. Met een mix van
inktzwarte postpunk, industrial en shoegaze stuwt de band hun sound
naar pijnlijke, Spinal Tap-eske geluidsvolumes, maar tijdens de
eerste nummers bleef de mokerslag alvast uit. We hoorden vooral een
makke, psychedelische versie van Nine Inch
Nails
met een slechte geluidsmix. Gaandeweg werd de
feedbackstorm echter steeds meedogenlozer en deed de band z’n
reputatie toch nog eer aan. Knappe songs vielen niet te ontwaren,
maar het was snel duidelijk dat het A Place To Bury Strangers
eerder om de fysieke impact van de muziek te doen was dan om
popstructuren. Die broekenwapperende volumes bleken echter niet
voldoende om van een memorabel optreden te spreken.

Op die manier kreeg de openingsavond van Domino niet de
allesoverweldigende climax die ze verdiende, maar daar zal geen
traan om gelaten zijn. Het publiek kreeg immers drie varianten op
het adjectief ‘oorverdovend’ om de oren en wij keerden alvast
sufgebeukt maar gelukkig huiswaarts. Een streepje Jóhann Jóhannsson
door de iPod deed nooit zoveel deugd als toen!

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

drie × 5 =