Peaches + Psychic TV + Planning to Rock


Botanique, Brussel 8 oktober 2006

Het moet gezegd; Botanique verzorgt haar programmatie. Waar
voorprogramma’s meestal verplichte kwellingen zijn waarbij de link
met de main act ver zoek is, krijgen we hier steeds een
aangepast menu geserveerd waarbij ook de eerste gangen interesse
kunnen opwekken. Deze avond stond in het teken van eigenzinnige
vrouwmensen (hoewel dit begrip in het geval van Psychic TV wat
ruimer opgevat moet worden) – zo zijn we meteen in de niche van
ondergetekende beland – met Merill Nisker als, wel, perzik op de
taart.

Het startschot werd gegeven door Planning to Rock,
het project van Berlinette Janine Rostron, door haarzelf beschreven
als progressieve pop opera met hip hop attitude. Ze neemt plaats
voor een videoscherm dat projecties afvuurt en stoot haar lyrics
uit over een geluidsband voorzien van bombaste electronica en een
eerder opgenomen vocale basis. De eerste kennismaking is aangenaam,
mede dankzij het installatie-element met bevreemdende en soms
behoorlijk hallucinante visuals en het aangename stemgeluid van
Rostron, waarin een zweem Roisin
Murphy
te horen is. Toch is een volledige set wat te veel van
het goede en gaan de nummers op den duur wel heel sterk op elkaar
lijken, waardoor enkel nog een onderscheid gemaakt kan worden door
de vreemde hoofddeksels die opgezet worden. Als performatieve
rariteit het ontdekken waard, maar dan wel in kleinere
porties.

Opvolging werd voorzien door Psychic TV, de
voortleving van een deel van Throbbing Gristle en aldus voor velen
alleen al een reden om af te zakken naar Brussel. Met ‘Hell is
Invisible … Heaven is Her/e’ maakten ze dit jaar hun eerste album
in meer dan tien jaar tijd en aldus kon touren niet uitblijven. De
cultgroep, aangevoerd door de androgyne Genesis P-Orridge, staat
nog steeds garant voor waanzinnige psychedelische punkrock en
brengt een chaotische, maar verzorgde set ten berde. Er wordt
duidelijk met plezier en goed gemoed gespeeld, wat ook muzikaal
blijkt: interactie met de fans in het publiek, uitgesponnen
gitaarsolo’s en vlijmscherpe steken onder water kleuren de avond
(“Come to daddy, well that’s mommy to you boy“). Tegenover
dit prettig gestoorde materiaal worden opnames van hardcore
spanking, oogoperaties, face-lifts en seventies porno geplaatst.
“Te gek om los te lopen” zou nonkel Jos zeggen, en net daarom
houden we van hen. Een uur podiumopwarming is nog nooit zo vlug
voorbij gevlogen, maar na afloop begint het natuurlijk wel serieus
te kriebelen om naar de hoofdschotel over te gaan.

Na de change-over doven de zaallichten voor de laatste
keer en door de boxen weerklinkt Petula Clark’s ‘Downtown’. De
perfecte voorzet om als opener het gelijknamige nummer in te zetten
wordt spijtig genoeg niet binnengekopt, maar dit zou wel de enige
misser van de set worden. Op de tonen van ‘Tent in your Pants’
verschijnt Peaches, bengelend aan de zijbalustrade, voorzien van
protserige discozotskap in de stijl van de glitterburka die we van
de hoes van haar jongste albumworp kennen. Met ‘Fuck or Kill’ zoekt
ze het podium op om het voor een uur en een kwart helemaal het hare
te maken. Vanaf de eerste noten heeft Peaches het publiek in haar
binnenzak en deze uitzinnige sfeer raakt alleen nog verhitter door
een sterk uitgekiende set di e perfect balanceert tussen nieuw
materiaal en oude favorieten. De nadruk ligt doorheen de hele set
op lekker harde rock: onder meer ‘Rock Show’, ‘Do Ya’ en een
zinderend ‘Hit it Hard’ worden voorzien van het nodige
gitaargeweld. Hier en daar is nog even tijd voor minimalistische
electro met onder meer ‘AA XXX’, maar voor het grootste deel van
het concert wordt naar een voller geluid dan op de plaat gestreefd.
Naarmate de set vordert, vliegen ook de overtollige kledingstukken
er af en zoals gewoonlijk voelt Peaches zich het best op het podium
in een eenvoudig lingeriesetje, maar dit je m’en foûtisme
is natuurlijk de charme van het concept. In het geheel worden
natuurlijk ook weer de nodige gimmicks opgenomen. ‘Shake yer Dix’
is voorzien van een choreografie die zo uit de Fame-bloopers zou
kunnen komen, voor ‘Lovertits’ maakt Nisker een entree op een
knalroze ghetto-bike en natuurlijk wordt er meermaals naar het
kruis gegrepen, over de borsten gestreken en zelfs een gitaar
gebeft. Een opblaasbare penis mag plaats nemen achter de drum en
wordt borsten voorgebonden, maar blijkt uiteindelijk ziek te zijn
en wordt dus op de ode ‘Slippery Dick’ met een brancard afgevoerd
door de roadies, die meermaals figurantenrollen toebedeeld krijgen.
Op papier lijkt het ronduit belachelijk, maar live werkt het.

Peaches kreeg de gelegenheid om zich van haar beste kant te tonen:
een groot bakkes, de nodige show maar ditmaal ook een opvallende
toename van muzikaal talent. De raps kletterden vlotjes door de
mic, het gitaarwerk bleef mooi in toon en zelfs de hoge noten van
‘Downtown’ werden bereikt. De show werd ook afgewerkt voor een
dankbaar publiek, dat uit de bol ging en duidelijk maakte dat
nummers als ‘Fuck the Pain Away’ stilaan klassiekers geworden zijn.
You love it when I’m bad“: reken maar van yes!

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

3 × 4 =