Outfoxed :: Rupert Murdoch’s War On Journalism




Toen Michael Moore ‘Fahrenheit 9/11’
uitbracht, probeerden de tegenstanders van de controversiële
filmmaker de prent te banaliseren door Moore te verwijten dat hij
“niets nieuws te vertellen had” – ‘Fahrenheit’ zou hooguit kunnen dienen als
een recapitulatie van feiten die al lang bekend waren. Ook toen al
stelde ik me de vraag in welke mate die veronderstelling klopte,
aangezien het nieuws zoals wij dat hier kennen, en het nieuws in de
VS twee verschillende concepten zijn. Hier draait het journaal rond
informatie, te weten komen wat er in de wereld gebeurd is en dan
proberen om dat in de context te plaatsen van onze eigen blik op de
wereld, onze eigen overtuigingen. In de VS, daarentegen, gaat het
over entertainment, ook al een onderwerp dat werd aangehaald in
‘Bowling For Columbine’ en ‘Fahrenheit 9/11’. Ook nieuwsuitzendingen
moeten overleven van reclamegeld, dus hebben ze kijkcijfers nodig,
dus moeten ze de mensen lokken met dezelfde dingen die
fictieprogramma’s populair maken – seks en geweld. En aangezien
seks in Amerika als immoreler wordt beschouwd dan geweld, komt het
meestal op het laatste neer.

‘Outfoxed’, geregisseerd door Robert Greenwald, biedt een meer
uitgebreide verhandeling over dat éne hoofdstuk dat Michael Moore
kort aanraakt in zijn eigen documentaires: hoe worden de media
gemanipuleerd door de politiek, waarom gaan zij hierin mee en wat
zijn de resultaten? Greenwald gaat de geschiedenis na van het Fox
News Network en vooral de manier waarop de zender na de
gebeurtenissen van elf september 2001 een radicaal rechts standpunt
innam en weinig meer werd dan een spreekgestoelde van waarop George
Bush zijn boodschap de wereld in kon sturen. De slogan van de
zender is “Fair and balanced – we report, you decide”,
waarmee ze zich een air van neutraliteit aanmeten die niets met de
werkelijkheid te maken heeft. Onder de dekmantel van die mooie
woorden streeft Fox al van het begin van z’n bestaan een
conservatieve agenda na, op een manier die voor ons vaak
nachtmerrieachtige vormen aanneemt.

Neem nu zo’n figuur als Bill O’Reilly, die aan het begin van de
oorlog in Irak in z’n praatprogramma zonder omwegen aankondigt dat
iedereen die protesteert tegen de Amerikaanse betrokkenheid in het
land, beschouwd zal worden als een vijand van de staat en met hem
af te rekenen zal hebben. ‘Eens een land ten oorlog is getrokken,
is het onze plicht als burgers om onze koppen dicht te houden,’
horen we hem zeggen. En dat in een land dat ontstaan is uit protest
tegen de toenmalige overheid. Tijdens één van z’n uitzendingen
heeft O’Reilly een zekere Jeremy Glick te gast, de zoon van een man
die stierf bij de aanslagen op de Twin Towers. Glick had zijn
protest tegen de oorlog geuit, en wordt door O’Reilly bijgevolg
uitgescholden als een verrader van zijn land en de herinnering van
zijn vader. ‘Uit respect voor je vader ga ik niet zeggen wat ik
denk,’ zegt O’Reilly, waarna hij Glicks microfoon laat afzetten en
hem uit de studio laat verwijderen. De morele overwinning lag
echter bij Glick, die z’n standpunt snel en duidelijk uiteen had
kunnen zetten – iets dat O’Reilly niet had verwacht, en waar hij
ook geen antwoord op had.

Het meest fascinerende is echter wat erop volgt: zes maanden later
komt O’Reilly terug op zijn gesprek met Glick en legt hij de jongen
woorden in de mond die hij nooit gezegd heeft: ‘Glick stelde
president Bush verantwoordelijk voor de aanslagen op elf
september,’ beweert O’Reilly, wat simpelweg een leugen is. Maar
ondertussen zijn we natuurlijk een half jaar verder en wie weet dat
nog? Het hele ding krijgt iets Orwelliaans: het nieuws van gisteren
is in een geheugengat gevallen (althans, dat hopen ze) en vandaag
verzinnen we weer iets anders dat beter in ons kraam past.

O’Reilly is het meest irritante voorbeeld, maar er zijn nog anderen
– nieuwsankers die aan het einde van hun uitzendingen de dagen
aftellen tot Bush herverkozen wordt, die John Kerry ridiculiseren
als “de eerste Franse president van de VS” en die haast kwijlen van
bewondering wanneer ze een soldaat interviewen. Constant zie je dat
er een agenda wordt gepusht om de mensen in een bepaalde politieke
richting te duwen. En niet alleen doen ze dat, maar ze verkopen het
ook nog eens als objectieve journalistiek, fair and
balanced.

Om de invloed van Fox’ politiek van desinformatie te begrijpen,
biedt ‘Outfoxed’ een aantal statistieken: 33 % van de Fox-kijkers
was ervan overtuigd dat de VS massavernietigingswapens hadden
gevonden in Irak. 35% van hen dacht dat de wereldopinie positief
tegenover de Amerikaanse invasie van het land stond. En maar liefst
67% geloofde dat er een verband was gevonden tussen Irak en Al
Qaida. Dat zijn serieuze cijfers, zeker als je weet dat Fox de
meest bekeken nieuwszender in Amerika is. Voor veel mensen is die
zender de voornaamste, indien niet de enige bron van informatie die
ze hebben over de wereld. In dat geval kan een film als deze, of
‘Fahrenheit 9/11’, voor veel mensen
nog behoorlijk wat nieuwswaarde hebben.

De stijl van ‘Outfoxed’ is klassieker dan die van Michael Moore –
er is geen sarcastische voice-over, geen stunts, geen ironisch
gebruik van muziek. Enkel de archiefbeelden, afgewisseld met
getuigenissen van ex-werknemers van Fox, mediaexperten en mensen
die een gastoptreden in één van de programma’s hebben overleefd.
Het is een klassieke documentaire, die strikt genomen beter
gestructureerd is dan de films van Moore: we krijgen een duidelijke
thesis, die vervolgens overtuigend ondersteund wordt door de
beelden. Moore is passioneler, een meer bevlogen filmmaker, die er
consequent in slaagt om opwindende cinema af te leveren – hij is
even bevooroordeeld en subjectief als de verslaggevers van Fox,
maar presenteert zijn films dan ook niet als objectieve
journalistiek. ‘Outfoxed’ daarentegen, is low-key en stilletjes
overtuigend. Geen film die ooit een palm zal winnen in Cannes, maar
informatief en, helaas, broodnodig.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

11 + een =