Nobody Knows




Niets zou cultureel correcter zijn dan deze film de hemel in te
prijzen: hij werd gemaakt in Japan, door de regisseur van het zeer
fijne ‘After Life’, hij behandelt een zwaar thema en hij duurt lang
(141 minuten). Geef er vijf sterren aan, noem het een meesterwerk
et voilà, je geloofwaardigheid als cinefiel wordt weer een
end vooruit geholpen. Dat is ongetwijfeld ook wat veel van m’n
gewaardeerde collega’s zullen doen – ik voorspel het regelmatig
gebruik van termen als “kabbelend” en “meditatief”, twee
bijvoeglijke naamwoorden die voldoende zouden moeten zijn om elke
geoefende filmliefhebber op de vlucht te doen slaan, aangezien ze
steevast het politiek correcte eufemisme voor “saai” en
“slaapverwekkend” zijn.

‘Nobody Knows’ draait rond een moeder (gespeeld door een actrice
met de eigenaardige naam You), die samen met haar vier kinderen een
miezerig flatje in Tokio betrekt. Vanaf het begin is het duidelijk
dat er iets fundamenteels verkeerd zit – haar oudste zoon Akira
(Yûya Yagira), neemt ze mee om aan de buren voor te stellen, de
drie anderen worden achteraf in het grootste geheim
binnengesmokkeld, en krijgen een streng verbod om buiten te komen
of zich op het balkon te wagen.

De vier kinderen (buiten Akira nog een jongen en twee meisjes),
worden door hun moeder vervolgens voor lange periodes aan hun lot
overgelaten, soms een maand aan een stuk, waarbij Akira de
verantwoordelijkheid over z’n broer en zusjes op zich moet nemen.
Af en toe stuurt de moeder wat geld op, maar doorgaans is het aan
Akira om te gaan werken, bedelen of stelen om de rest van het gezin
te kunnen voeden. Dan, op een dag, verdwijnt moederlief om nooit
meer iets van zich te laten horen.

Wat dan volgt, is een lang – ontzettend lang – verhaal over het
dagelijkse leven van vier in de steek gelaten kinderen. Akira durft
niet naar de politie of andere volwassenen te gaan, omdat hij bang
is dat hij dan van de anderen gescheiden zal worden. En wat meer
is, hij houdt van z’n moeder – de laatste keer dat zij terug naar
huis komt, neemt ze Akira mee naar een hamburgerrestaurant en
speelt ze de voorspelbare rol van slachtoffer: ‘Heb ik misschien
niet het recht op een beetje geluk, Akira?’ En haar plichtsbewuste
zoon knikt maar van ja. Wat moet hij anders doen? Waar ‘Nobody
Knows’ voor een groot deel over gaat, is de manier waarop ouders
emotionele chantage kunnen plegen op hun kinderen om gehoorzaamheid
af te dwingen. Wanneer Akira vraagt of hij binnenkort eindelijk
eens naar school zal mogen, reageert de moeder gekwetst: ‘Wat voor
nut zou dat nu hebben?’ Alsof zijn vraag op zichzelf al een
belediging voor haar is. Op die manier weet ze haar kinderen lange
tijd wijs te maken dat haar afwezigheden de normaalste zaak ter
wereld zijn, iets waarover ze niet te zeuren hebben. En dus doen ze
dat ook maar niet – het duurt meer dan een maand voordat Akira
voorzichtig durft te opperen dat mama deze keer misschien gewoon
wegblijft.

Regisseur Kirokazu Koreeda doet een aantal mooie dingen in ‘Nobody
Knows’. Hij neemt een cast die haast uitsluitend uit kinderen
bestaat en krijgt hen allemaal, zonder uitzondering, zover om een
volstrekt naturalistische acteerprestatie te leveren. Vooral Yagira
als Akira is indrukwekkend – in tegenstelling tot Amerikaanse
kindacteurtjes, hoeft hij niét donzig-schattig te zijn om het
publiek in te palmen en worden zijn motivaties niét op een
plat-sentimentele manier uit de doeken gedaan. Hij houdt van z’n
broer en zusjes, hij wil hen beschermen, het is daarom dat hij het
éne plannetje na het andere bedenkt om hen in leven te houden. Maar
dat punt hoeft niet duidelijk gemaakt te worden met stroperige
monologen of vioolmuziek, goddank. Er zit een scène in de film
waarin Akira moet besluiten of hij iets uit ‘n winkel zal stelen of
niet. We krijgen een close-up van z’n vastberaden, maar
hypernerveuze gezicht, dan van z’n tot vuisten gebalde handen,
waarop twee druppels zweet langzaam naar beneden kruipen. Die scène
is bijzonder krachtig, niet alleen door de montage ervan, maar
bovenal door de manier waarop het gespeeld wordt: Yagira houdt
àlles binnenin zich, alle frustratie en angst van z’n personage
smeult achter z’n ogen.

Dat zit dus wel goed, maar helaas is ‘Nobody Knows’ vooral ook een
film die 140 minuten uitrekt voor een verhaaltje dat hooguit een
film van de helft van die lengte had kunnen ondersteunen. Indien u
over de loop van de prent een half uur lang een dutje doet, of even
buiten een praatje gaat maken met dat mooie meisje aan de
snoepbalie, is dat geen enkel probleem – u zult nog altijd perfect
kunnen volgen eens u weer begint te kijken. Scènes lijken continu
in herhaling te vallen, zelfs bepaalde shots keren steeds opnieuw
terug (nóg een wide shot van de kinderen die de trap op en af gaan,
nóg een shot van Akira die water gaat pompen!), tot je zin krijgt
om naar het scherm te schreeuwen: ‘Ik héb ‘m al lang, kunnen we
verdergaan, alstublieft?!’ Op het moment waarop elk redelijk
regisseur ‘cut’ had geroepen, laat Koreeda z’n camera gemiddeld nog
eens 30 à 45 seconden lang verderdraaien, schijnbaar in de ijdele
hoop om iéts te vinden, een spontaan moment, het echte leven dat
zich aandient. Maar het echte leven wil maar niet komen.

Dat laatste wordt trouwens vooral duidelijk in een finale
plotwending (nuja, finaal – ongeveer een half uur voor het einde,
maar gezien de schier eindeloze lengte van deze film, mag dat
rustig finaal heten), die schaamteloos manipulatief is. Die wending
(u kunt ‘m niet missen) gaat voorbij aan de hele hyperrealistische
set-up van de film, en geeft de prent aldus en alsnog het air van
een goedkoop melodrama. Ik zit er niet mee in dat een film probeert
om me te manipuleren, daar dient het medium immers voor, maar aan
het einde van dit soort prent slaat dat echt nergens op.

‘Nobody Knows’ voelt aan als een rough cut van een film, een
ruwe montage waar ongeveer drie kwartier nog uit geknipt dient te
worden voordat hij definitief klaar is. Er zullen mensen zijn die
dit een meesterwerk noemen, maar geloof me: tegen de tijd dat de
prent aan z’n derde valse einde toe was (er zijn niet minder dan
vier gelegenheden waarop je denkt dat het gedaan is, maar no
such luck
), kon je het publiek letterlijk horen zuchten van
frustratie. ‘Nobody Knows’ wat? Waarom deze film zo lang moest
duren, dàt weet niemand.

http://www.daremoshiranai.com/

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

18 − tien =