Woodstar :: Life Sparks

Ontneem de ballast van Mercury Rev, dwing Elbow in het keurslijf van de popsong, denk aan Pink Floyd in een intimistische bui. Koppel psychedelische rock aan breekbare popsongs en u hebt een idee over hoe Life Sparks van Woodstar klinkt. Verbaast het u dat wij er wild van zijn?

Het Ierse Woodstar debuteert knap met een album dat teruggrijpt naar de ingetogenere psychedelische rock. Geen breed uitgestreken vioolpartijen, bombastische drumslagen of zware uithalen maar zacht aangeslagen toetsen, ingehouden songs en verstoorde zangpartijen.

"Sorry skin" opent met een harmonium dat sterk refereert aan Elbow maar ontplooit zichzelf langzaam tot een knappe popsong met weerhaken. De half versmoorde zang en nauwelijks hoorbare theremin verraden het niet alledaagse karakter van het nummer. "Dumb Punk Song" is allesbehalve punk te noemen maar heeft wel een levendiger ritme dan voorganger "Sorry Skin". Het refrein scheurt zich los — in zoverre dit mogelijk is natuurlijk — en wordt zowaar up-tempo om daarna terug weg te zakken in een heerlijk lethargie. We zijn er nu al zwaar aan verslaafd.

Bij "Control" denken wij aan "Strawberry Fields" ingezongen door een op een roze wolk voortdrijvende Candy Flip. De vrouwelijke zang doorbreekt eventjes het sprookje maar vooraleer we er erg in hebben, heeft Morpheus zijn armen alweer rond ons gesloten en drijven we gewillig verder op de rustig scheurende gitaaruithaal — die paradox dient u gewoon te horen — van "Life Sparks, Red Flame". Fin Chambers zingt alsof hij op de bodem van de Atlantische oceaan zijn vaste stekje heeft. De strijkers horen we al niet meer.

Vier nummers ver hebben we Life Sparks al in ons hart gesloten en verlangen we naar een stevige dosis morfine om bij weg te drijven. In een vredige halfslaap sluiten we onze ogen gelukzalig om wakker geschud te worden door "Suicide Way" waar de zang voor de eerste maal helder genoeg klinkt om voor alternatieve rock door te gaan. De repetitieve gitaarnoise verstoort het geheel en blijft nukkig zijn ding doen terwijl de song openbarst tot het eerste rocknummer van de plaat.

Net wakker smeedt "Through Our Lives" het beste uit twee werelden samen door ingetogen te rocken. De gitaren zijn nukkig, de drums potig maar boven alles hangt een waas van verdwaasdheid die ongewenste geluiden smoort. "Can’t Let Go Of Anything" is de tweede maal dat het rockbeest grommend maar getekend uit zijn hok gelaten wordt. De gitaren spelen leentje-buur bij het betere progrockwerk maar de song zelf zweert bij een popgevoel. "Koest! Terug je hok in!" want daar sleept "These Scars" de wonden van de eeuwigheid met zich mee in een door strijkers gedragen melancholie.

Life Sparks van Woodstar baadt in een bad van melancholie en tristesse. Songteksten verzinken in een duisternis waar hoop zich wentelt in een schaduwwereld: "someone burst in a bubble and floated down onto the ground and died" klinkt het in "The Sky" en toch is die lucky bastard er nog goedkoop van afgekomen want "we’ve gone cold and I don’t know why like a cancer so old it’s pointless to try" zijn de openingszinnen van "These Scars". Vrolijker worden we niet van Woodstar, maar droevig? Neen.

Woodstar knipoogt doorheen dit album sterk naar de psychedelische rock die gedurende een korte tijd geschiedenis maakte en nu terug te horen is groepen zoals Mercury Rev en Elbow. Maar net als beide andere groepen weet ze een eigen geluid te vinden. Life Sparks laat ons terug verlangen naar dagen waar LSD bij het ontbijt geserveerd werd en Weltschmerz nog geen reden was om je in je keuken te verhangen.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

14 − 1 =