Protestsongs anno 2003 :: ”Een kruisbeeld is geen baseballbat” en andere statements

Neen, van Jackson Browne is nog geen nieuw anti-oorlogsstatement gekomen, maar we vonden zijn "Lives In The Balance" uit 1986 nog zo actueel dat we er onze afschuw over de oorlog mee wilden uitdrukken. Andere artiesten vonden de inval in Irak echter wel een reden om de studio in te trekken. Tal van protestsongs vonden de afgelopen weken hun weg naar het internet, maar wij vroegen ons af: levert heilige verontwaardiging ook heilige inspiratie op?

In het Nederlands taalgebied werd de moeder aller anti-oorlogssongs opnieuw afgestoft door de Heideroosjes. "Welterusten, meneer de President" werd door de Heideroosjes naar de jaren nul geüpdate. Verwacht geen plotse stijlwending van de Hollandse punkers. Boudewijn De Groots klassieker klinkt in hun versie zoals al hun andere songs klinken: snel, hard, en ongenuanceerd. Een beetje gemakkelijk vinden wij dat, maar toegegeven: Lennart Nijghs tekst is moeilijk te evenaren.

Dat bewijzen de buitenlandse collega’s die allen weinig poëtisch uit de hoek komen. Usual suspects, de Beasty Boys willen zich in "In A World Gone Mad" bij voorbaat indekken tegen kritiek, en dus krijg je zinnen als"Now don’t get us wrong ’cause we love America/But that’s no reason to get hysterica". Muzikaal is het weinig geïnspireerd, tekstueel klinkt het als een opiniestuk uit De Standaard, al houden wij wel nog van de uitdrukking "your midlife crisis war".

Live kon natuurlijk niet ontbreken. Eerder slaagden ze er al in hun "Overcome" tot soundtrack bij Elf September te bombarderen, nu vragen ze zich op hun gekende subtiele manier af "What Are We Fighting For?" De tekst staat bol van de platitudes genre "The crucifix is no baseballbat"; en "what will you tell your daughter?" en is daarenboven belachelijk pompeus gezongen.

Ook met gezwollen nekaderen gezongen is "March Of Death"; van Zack de la Rocha en DJ Shadow. Zoals gewoonlijk levert de la Rocha een volledig traktaat af, waar hij dan nog een Beatles-citaat in slaagt te smokkelen ook. Beste zin: "Who let the cowboy in the saddle/he don’t know a missile from a gavel".

Michael Stipe van R.E.M. — zelfs hij! — houdt tekstueel voor één keer steek, maar optimistisch is hij niet "There’s a voice in me that says you will not win", stelt hij onomwonden in "The Final Straw". Bij Al-Jazeera overwegen ze het als begintune van hun Gulfwar-show te nemen, en wij beloven dan wat vaker in te tunen, want het is een ingetogen ballad van de betere soort.

Bijna folky is de bijdrage tot het debat van Greenday: "Life During War"; is een ver neefje van Good Riddance". Het is een aangepaste versie van een nummer van Billy-Joe Armstrongs eerste groepje Pinhead Gunpowder.

Dat countryster John Mellencamp niet opgezet is met de jongste Bush en zijn politiek mag blijken uit "To Washington". "So a new man in the White House/With a familiar name/Said he had some fresh ideas/But it’s worse now since he came", luidt het verontwaardigd. En dat na "Eight years of peace and prosperity".

Het meest aanstekelijk is Lenny Kravitz simpele boodschap "We Want Peace": gemakkelijk mee te zingen, ondanks de duistere tijden erg zonnig en door een politiek-correcte formatie ingespeeld. Iraaks superster Kazem Al Sahir mag meezingen en de band wordt vervolledigd door een Palestijn en een Libanees. Op het forum van Kravitz’; website is overigens al een heet debat over het nummer losgebarsten.

Voor één keer niet zonnig zijn Michael Franti &Spearhead in "Bomb The World", een nummer dat ze al schreven naar aanleiding van de oorlog in Afghanistan. De kernboodschap blijft evenwel staan als een huis: "you can bomb the world to pieces, but you can’t bomb it into peace".

De woede mag dus al oprecht zijn, de muze hield zich in de meeste gevallen ver van het strijdgewoel. Het lijkt er op dat de kige protestrijmelarij van de jaren zestig terug is, maar als dat ook de sfeer van die dagen meebrengt, is het misschien net voldoende om op termijn de Amerikanen terug naar huis te krijgen. Vooralsnog geldt echter wat Jari Demeulemeester zei nadat hij Miek en Roel’s "We maken revolutie, de grote revolutie"; aan een studentenpubliek liet horen:"ze hadden misschien eerst deftige songs moeten leren maken".

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

twee × vijf =