tg Stan/Rosas :: In Real Time

Tweeëntwintig mensen in een imaginaire en scènische ruimte. Ze dragen elk een
geschiedenis met zich mee, zowel ‘persoonlijk’ als wat betreft ‘creatief medium’:
de dansers van Rosas, de acteurs van Stan, de muzikanten van Aka Moon, Gerardjan Rijnders als auteur
en Anke Loh, die de kostuums mocht verzorgen. Voor de rest is er niets. Tabula rasa. En dan: een
potentieel spanningsveld dat gebouwd, verbouwd, gebroken wordt.

Rosas is ontstaan met choreografe en architecte van bewegingen Anne Teresa De Keersmaeker, die
onlangs nog een riddertitel verkreeg op de Franse ambassade. Ze werkt nu reeds een twintigtal jaar
met Rosas, momenteel dertien dansers tellend, waarvan er een aantal gerecruteerd werden op haar eigen
school Performing Arts Research and Training Studios (P.A.R.T.S)

Toneelspelersgezelschap Stan, waar momenteel de Parijse kranten van overlopen, is sinds meer dan
tien jaar actief in het theatercircuit. Door sommigen worden zij verweten epigonen te zijn van
Maatschappij Discordia, maar toch hebben ze een hoogst eigen stijl en werkwijze, zonder het superego
van een regisseur. De ‘vaste kern’ van Stan bestaat uit Jolente De Keersmaeker, Sara De Roo,
Damiaan De Schrijver en Frank Vercruyssen.

Het Brusselse Aka Moon is geen ‘gewone jazzband’. Met Fabrizio Cassol aan de altsax,
Michel Hatzigeorgiou op de basgitaar, Stéphane Galland voor de percussie, Fabian Fiorini op
de keyboards tokkelend en Benoît Delbecq voor de ‘electronics’ overstijgen ze
‘jazz’ in hun eclectische mix. Ook zijn het improvisatoren tot en met.

De ongeveer éénenvijftigjarige Gerardjan Rijnders is artistiek leider van het
RO-theater, regisseur, acteur én doctor in de rechten. De acteurs van Stan voerden reeds
verschillende teksten van hem op.

Samen zitten ze rond de tafel en er ontstaan vragen & verhalen. Gerardjan Rijders schrijft
deze verhalen neer. Er ontstaat een breekbare rode draad: He and She, gespeeld door Frank Vercruyssen
en Taka Shamoto. De akteurs van Stan krijgen improvisatieles van David Zambrano en worden ingewijd in
de wereld van het lichaam en de beweging. Er ontstaan patronen tegelijk met de tekst die zich
ontplooit, er ontspinnen zich patronen, ideeën en vooral energie, een samenzijn en een eenzaam
zijn. In het universum van de scène wordt de String Theory ingeschreven.

In 1997 begon Rosas aan een vierluik over de relatie tussen het woord en de beweging. Hiervoor
deed Anne Teresa De Keersmaeker een beroep op haar zus Jolente als co-regisseur. Just Before
was hun eerste creatie. De teksten werden door de dansers zelf geleverd, waarbij de herinnering het
centrale thema vormde. De muziek van onder andere John Cage, Steve Reich, Claude Debussy en Thierry
De Mey werd live uitgevoerd door het Ictus Ensemble. Dit leverde prachtige scènes op, zoals
die waarbij vier drummers, centraal op het podium, omringd worden door dansers. Deze beweging gaf
datzelfde najaar de aanleiding tot Drumming, een ‘pure’ dansvoorstelling, die vorig
najaar nog in Leuven te gast was.

Het tweede deel, Quartett, was gebaseerd op Heiner Müllers bewerking van Les
liaisons dangereuses
. De gezusters De Keersmaeker regisseerden, Cynthia Loemij en Frank
Vercruyssen speelden. Loemij wist woord en dans perfect te combineren, terwijl Vercruyssen vooral in
het begin ‘acteur’ bleef. Aan het einde van de voorstelling begon ook hij echter verlegen,
aarzelend en houterig zijn tekst te begeleiden met dans. De eerste grens was verlegd en het begin van
een grotere samenwerking, met participatie van beide gezelschappen, was geboren.

In het derde deel, I Said I uit 1999, werkten Anne Teresa en Jolente samen met Fabrizio
Cassol, Ictus Ensemble en DJ Grazzhoppa. De leidraad was de tekst Zelfbeschuldiging van Peter
Handke. Ook hier werd er duchtig live geïmproviseerd en speelden de muzikanten, naast stukken
van onder meer Brahms en Zimmerman, eigen composities. In I said I streefde men naar een
simultaneïteit tussen tekst en beweging. Wat bijblijft, is vooral de drukte en chaos.

In 2000 wordt dit vierluik afgesloten door In Real Time. In de huidige voorstelling liggen
alle mogelijke verhoudingen en combinaties van tekst, muziek en beweging open. Het creatieve proces
heeft veel weg van de werkwijze van Stan: er wordt vooral veel gesproken en gediscussiëerd. Zo
ontstaan er bepaalde structuren waarbinnen men gaat improviseren. Naast het schrijven van Gerardjan
Rijnders worden er enkele tekstfragmenten gebruikt van onder andere Tchekov, Multatuli, Paul Eluard,
Don Delillo&#146s Underworld en anderen.

Nu zien we de drie ‘voltallige’, artistieke entiteiten samen in deze productie. Een
ontmoeting van tweeëntwintig mensen. Dansers die acteren en acteurs die dansen. Dit levert mooie
en sterke improvisaties op, waarbij vooral opvalt dat Frank Vercruyssen zelf danst, en niet zoals de
andere acteurs geleid moet worden. De voorstelling verloopt met een zekere vaart, totdat er ongeveer
in de helft een rustmoment komt, waarbij het hele gezelschap aan tafel gaat. Deze scène werpt
de indruk van een familiediner, ook al omdat de discussies hoog oplopen.

Niet evident met zo velen en met zoveel ‘disciplines’ op een podium te staan. Anderzijds
is ‘interdisciplinariteit’ wel in. Grenzen worden afgetast en ontgrensd. Een afspiegeling
van de trends in onze maatschappij. Ook met de invloed van de technologie, het
‘technotainment’, krijg je meer en meer mixen van genres, stijlen, entiteiten,
categorieën, collages, improvisaties, recycling.

Met een intense energie zie je de lichamen bewegen, trio’s, duo’s en veel meer vormen en
opnieuw afbreken. Blikken wisselen en houden elkaar vast. De opzwepende en toch fragiele muziek van
de virtuozen uit Aka Moon neemt er zijn plaats is. Iedereen neemt zijn kleine en grote plekjes in,
heeft zijn opflakkeringen of zijn gebrokenheid.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

11 + drie =