De tocht van album twee naar album drie liep door een woestijn, de pijn van Jente Pironets herstel echoot in de titel van die nieuwe: Champain, want geen rozen zonder doornen. In de nieuwe songs klinkt Portland dan ook steviger en meer poppy dan ooit. ‘Ik was een beetje klaar met die droompop.’
enola: Is Rock Herk een thuismatch voor je?
Pironet: “Herk is het festival waar ik misschien wel het hardst naar uitkijk. Ik heb er al enkele keren mogen spelen, en ja, misschien voelt het wel wat als een thuismatch. Het is ook gewoon een erg fijn festival. Ik ken de organisatoren goed, de sfeer in de backstage is goed, … ”
“Festivals zijn anders dan clubconcerten, misschien vind ik ze zelfs toffer. Je helpt mee aan wat een leuke dag moet worden voor mensen, je ziet verschillende andere artiesten, je bent een deeltje van het geheel. Dat zorgt ook voor een ontspannen gevoel. Zie het als een kwestie van verandering van spijs doet eten. In de herfst en winter focus je op je indoorshows, maar de zomer moet je gewoon ook meemaken, één keer per jaar.
enola: En dan neem je het rumoer tijdens de rustigere nummers er maar bij?
Pironet: “Zo is een festival nu eenmaal. Mensen zien verschillende bands, lopen heen en weer om eten of drinken te halen, … je bent daar maar een deel van de algehele sfeer, dus dat maakt niet zoveel uit. Op een festival is rumoer normaal.
enola: Niettemin heb je op Champain meer dan ooit de kaart van de pop getrokken. Het mocht wat energieker?
Pironet: “Die keuze heb ik niet bewust gemaakt, maar soms veranderen de dingen. Ik was een beetje klaar met die hele droompop en wilde iets pittiger maken, dat misschien ook gepaster is voor de grote podia. Ik heb op de eerste festivals van het seizoen al gevoeld hoe leuk ik het vond om een set ook fysiek wat meer te voelen.”
enola: Weet je nog hoe je aan Champain begonnen bent?
Pironet: “Ik heb de songs geschreven in wat best een moeilijke tijd was en zag het schrijven als een vorm van therapie. Soms werkt het beter om alles van je af te schrijven, dan bij een psycholoog te gaan praten. Zo leer je ook om je gevoelens een plaats te geven. Het was dus een verwerkingsproces. Ik heb het allemaal heel impulsief uit me laten komen zoals het kwam. Er was geen plan om zo of zo te klinken, een bepaalde muzikale richting uit te gaan, het was gewoon waar ik toen nood aan had om te maken. De kans is dus groot dat de volgende plaat weer iets helemaal anders wordt.
enola: In een openbare brief aan Frank Vander linden in Het Laatste Nieuws schreef je dat het schrijven je tegenwoordig moeilijk afging. Het voelde allemaal machinaal aan, zei je.
Pironet: “Dat was de tweede fase. Het schrijven vloeide, maar als ik ze daarna met producer Tobie Speleman ging afwerken, moest ik er natuurlijk wel bij stilstaan. Het punt is dat muziek maken mijn beroep is, en dus moet ik het goed aanpakken. Dat vroege denkwerk lag me minder. Maar om eerlijk te zijn, denk ik ook dat ik misschien een wat mindere dag had toen ik die brief aan Frank schreef. Ik maak op zich nog altijd met plezier muziek. Dat is ondertussen zeker terug.”
“Na die moeilijke laatste jaren heb ik mezelf teruggevonden. Na de albumrelease heb ik mezelf een maand laten opnemen om ook een gezonde levensstijl te vinden: elke ochtend de dag beginnen met yoga, bijvoorbeeld. Dat heeft me veel deugd gedaan, ook de hypnosesessies die erbij hoorden.”
enola: Door die lastige jaren, waarin je streed tegen tumoren in je brein, werd de titel van de plaat Champain, met de bijklank van pijn. Dat moest?
Pironet: “Dat is het verhaal van mijn medisch parcours nu eenmaal. Nu dat achter de rug is, voelt het alsof ik een fles bubbels kon opentrekken met iedereen die ik graag zie, maar de pijn en de zwaarte zijn daarmee niet weg. Vandaar dat ik voor die combinatie ben gegaan. Noem het gerust een soort posttraumatische stress. Ik zal nooit vergeten hoe zwaar het is geweest”
enola: Ben je nu volledig genezen?
Pironet: “Ik vind het eerlijk gezegd moeilijk om erover te praten. Want kankervrij zal ik nooit kunnen zijn. Er is immers een tumor achtergebleven in mijn hoofd. Maar ik ben ondertussen zo vaak op controle geweest waarna goed nieuws volgde, dat ik er vertrouwen in heb. Hoe vaker je in het ziekenhuis goed nieuws krijgt, hoe kleiner de kans dat je hervalt. Ik beschouw mezelf dus als genezend en probeer het voor de rest zo hard mogelijk te negeren. Voor mij bestaat die ziekte niet meer.”
enola: Champain is de eerste plaat die je volledig alleen hebt geschreven. Ik kan me voorstellen dat er dan iets meer druk op ligt.
Pironet: “Toegegeven: eigenlijk niet. Muziek maken is nu al een tijdje mijn beroep en ook onze eerste twee platen heb ik grotendeels geschreven. En dat doe ik ook graag. Ik laat de stress links liggen en probeer er vooral van te genieten. Het is pas als een album op uitkomen staat dat ik spanning voel. Want je wil natuurlijk dat het goed ontvangen wordt, dat wat je bedoelde ook is overgekomen. Maar verder? Ik schrijf nummers en probeer dingen te maken waar ik zelf blij van word. Het is elke keer weer op een bus stappen en genieten van de rit.”
enola: Hoe staat het ondertussen met Portland in het buitenland? Mik je daar nog op?
Pironet: “Op dat vlak zit ik nog tjokvol ambitie en plannen. Ik ben net terug van een Europese solotour als voorprogramma van The Great Lake Swimmers. Het was heel fijn om zo mijn eerste steentjes in buitenlandse rivieren te mogen verleggen. We hebben gespeeld in Wenen, Zurich, het Verenigd Koninkrijk, … en dat waren heel fijne ervaringen. In Nederland merkte ik dat ze me best al kenden. Het voelt dus wel alsof er dingen mogelijk zijn.”
Portland staat op zaterdag 18 juli op Rock Herk.



