Beatrice De Graaf :: Radicale verlossing

In Radicale Verlossing schuift Beatrice De Graaf een (aanvullende) verklaring voor terrorisme naar voor waarbij ze vanuit een theoretisch kader haar gesprekken met daders kadert. Die opzet helpt in zekere zin ook om ook hedendaagse complotdenkers beter te plaatsen.

In het derde seizoen van de legendarische comedyreeks Blackadder zegt het titelpersonage in de aflevering Duel and duality de volgende legendarische woorden: “A man may fight for many things: his country, his principles, his friends, the glistening tear on the cheek of a golden child. But personally I’d mud wrestle my own mother for a ton of cash, an amusing clock, and a sack of French porn”. De grap schuilt uiteraard in het cynisme van Blackadder zelf die louter materiële redenen geeft maar tezelfdertijd legt het ook bloot hoezeer valse idealen en gefabriceerde verhalen evengoed aanleiding geven tot doodslag en geweld.

Is het al moeilijk leugen en realiteit, geloof en illusie van elkaar te onderscheiden in oorlog en strijd, dan wordt het helemaal gissen wanneer het zelfmoordterroristen/strijders betreft. De voorbije jaren zijn naar aanleiding van IS(IS)/DAESH nieuwe reflecties en verklaringen opgedoken die op papier weliswaar overtuigen maar niet noodzakelijk ook overeenstemmen met de realiteit. De Nederlandse historica en terrorisme-expert Beatrice De Graaf ging in gesprek met verschillende terroristen in een poging te achterhalen of een gemeenschappelijk idee, visie of overtuiging de (potentiële) daders ondanks hun verschillende achtergrond, cultuur of levenswijze met elkaar verbindt. Zonder daarbij meteen de bestaande theorieën aan de kant te schuiven, vertrekt De Graaf van een ander perspectief. Wat waren voor de daders de persoonlijke reden om hun daden te stellen of daar op zijn minst actief stappen toe te zetten?

In Radicale verlossing vertrekt De Graaf om die reden vanuit de ‘levensverhalen’-benadering. Hoewel die microanalyse in de eerste plaats daders zelf aan het woord laat, houdt het hier niet op. Onderzoekers als De Graaf leggen die getuigenissen naast andere getuigenissen, verslagen en biografische gegevens. Op die manier wordt nog steeds het verhaal verteld vanuit het perspectief van de ‘hoofdrolspeler’ maar wordt dit ook gekaderd en waar nodig weerlegd. Het is geen zaligmakende aanpak, maar het heeft wel het voordeel op de meer universele theorieën dat het ook naar de realiteit en praktijk kijkt. Uiteraard behoudt De Graaf ook een academische blik en kiest ze in dit werk voor de zogenaamde narratieve psychologische theorie van Dan McAdams.

McAdams werkte zijn theorie uit in onder andere The Redemptive Self, wat De Graaf vertaalt naar de notie van radicale verlossing. In het tweede hoofdstuk van het boek gaat ze uitgebreider in op deze visie en waarom ze hiervoor gekozen heeft. Het basisprincipe van McAdams is dat sommige mensen willen bijdragen tot een hoger goed of ideaal vanuit een eigen negatieve situatie zonder daarbij onmiddellijk zelf te profiteren. De waarde ligt in de mate waarin ze deel worden van een positief verhaal en hoe het roer radicaal omgegooid werd ten goede. De Graaf koppelt aan deze aanpak het beeld van een religieuze roeping en verlossingsideaal die het leven hier en nu overstijgt en binnen een nog groter kader plaatst.

Gewapend met die inzichten en academisch kader past ze dit eerst toe bij twintigste eeuwse terroristische bewegingen en toetst ze haar denkbeelden af aan wat bekend is over de aanslagplegers en hun overtuigingen. Naast de vroege anarchisten bekijkt ze hier voornamelijk het RAF maar ook de IRA en Una Bomber Ted Kaczynski. Hoewel het hier om uiteenlopende personen, organisaties en ideologieën/doelstellingen gaat, ziet De Graaf opnieuw enkele terugkerende patronen en denkbeelden die ze net als in het vorige hoofdstuk handig samenvat in een puntsgewijze opsomming. Na dit meer theoretische en historische luik besteedt ze in de volgende drie hoofdstukken aandacht aan het moderne islamterrorisme zoals dit zich wereldwijd uit(te).

De hoofdstukken zijn steevast volgens eenzelfde stramien opgebouwd waarbij delen van de getuigenissen en gesprekken de hoofdmoot voeren. De Graaf brengt geen pure transcriptie maar onderbreekt de verhalen om ze ook binnen haar theoretisch kader een plaats te geven en aan de hand van de ‘anekdotiek’ helder te maken. Niet elke geïnterviewde krijgt overigens evenveel plaats toegemeten, het doel is vooral aan te tonen hoezeer bepaalde patronen terugkeren en hoe vanuit een vermeend gevoel van onrecht langzaam maar zeker het idee ontstaat dat de dader een uitverkorene is die aan een hoger doel moet beantwoorden en daarbij geen beperkingen in de middelen kent. Niet geheel onverwacht keren veel van deze daders gedesillusioneerd terug. De droom van verlossing en een hoger doel te dienen wordt vaker niet dan wel gerealiseerd en de realiteit is harder dan men dacht. Dat bovendien ook andere, niet altijd gerealiseerde persoonlijke motieven al dan niet uitgesproken, eveneens een rol speelden in de ontnuchtering, spreekt voor zich.

Vooraleer conclusies te trekken blikt De Graaf nog een laatste maal terug op andere hedendaagse terroristische bewegingen (inclusief extreem-rechts) om te bekijken of deze vanuit eenzelfde perspectief handelen dan wel een heel andere visie voor ogen hebben. Niet verbazingwekkend blijkt hier eenzelfde kluwen van persoonlijke roeping, het gevoel van onrecht maar ook reële maatschappelijke evoluties een rol te spelen. De vraag die ook De Graaf zich stelt, is hoe hier een antwoord op te bieden en radicalisatie in de toekomst te vermijden. In de laatste hoofdstukken legt ze de getuigenissen opnieuw naast de theoretische uitgangspunten in een poging een aantal patronen te ontwaren en mogelijke oplossingen te vinden. Daarbij erkent ze ten volle de valkuilen en beperkingen die haar aanpak, net als elke andere met zich meebrengt.

Hoewel het gevaar van terroristische aanslagen vanuit religieuze hoek de laatste jaren verminderd lijkt te zijn, zijn de oorzaken voor radicalisering nog steeds aanwezig in de maatschappij. Vandaag de dag lijkt het actieterrein zich eerder verlegd te hebben naar ‘wappies’ en ‘preppers’ waarbij een wantrouwen tegen een controlerende staat en het gevoel hier actie tegen te moeten voeren vooral op sociale media een klankbord vindt. Net als bij elke andere ideologische ontsporing blijft het gelukkig beperkt tot een kleine groep die tot daden overgaat, al kan de schade en het leed aanzienlijk zijn. De Graafs visie is niet de ultieme of zaligmakende analyse maar een intrigerende aanvulling op de bestaande theorieën rond het hoe en waarom van terrorisme. Radicale verlossing vormt een mooie en toegankelijke aanvulling op de bestaande literatuur rond het fenomeen terrorisme.

7.5
DWDD

recent

aanraders

Claire-Louise Bennett :: Dikke kus, Dag-Dag

Schrijf wat je kent, is een tip die zowat...

Seán Hewitt :: In donker weids alom

Een debuut van een meervoudig met zijn poëzie bekroonde...

Merethe Lindstrøm :: Dagen in de geschiedenis van stilte

Een vrouw leeft met een langzaam dementerende echtgenoot. Diezelfde...

verwant

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in