Mary Austin :: Het land van weinig regen

Ruim honderd jaar geleden pende Mary Austin haar impressies en gedachten neer over de streek rond de Mojave woestijn en Austin Valley. Als geen ander weet ze het gebied en haar bewoners leven in te blazen en voert ze de lezer terug naar haar geliefde streek.

Wie aan het landschap van de Verenigde Staten denkt, zal grotendeels teruggrijpen naar de volgende twee beelden: grootsteden tjokvol wolkenkrabbers en weidse landschappen met indrukwekkende gebergtes afgewisseld met majestueuze wouden. Het land heeft beide meer dan in overvloed en heeft voor een deel zijn mythe gebouwd op het beeld van de ongetemde natuur. Geen western is immers compleet zonder niet minstens enkele adembenemende beelden van desolate gebieden met indrukwekkende bergketens.

Tot de bekendste trekpleisters behoren het in Californië gelegen Yosemite Park en Death Valley. De streek/staat kent een lange geschiedenis van oude en nieuwe inwoners en was/is onder meer het thuisgebied van verschillende `Indiaanse` stammen. In de jaren 1848-1855 kende het met de California gold rush een tijdelijke instroom van gelukzoekers, maar ook erna wist het gebied (dat een grote ecologische rijkdom en diversiteit kent) nog nieuwe inwijkelingen aan te trekken. Zo ook de familie van Mary Hunter (1868-1934), die kort na haar geboorte uit Carlinville (Illinois) wegtrok. Hunter zelf zou haar leven in de staat wonen en er in 1891 huwen met Stafford Wallace Austin, een advocaat en leerkracht die niet alleen betrokken was in de Potash wars (1910-’15), maar ook een (kleinere) rol speelde in de California Water Wars, twee conflicten die draaiden om de rijkdom die het land te bieden.

Mary Hunter, na haar huwelijk Mary Austin, zou niet minder dan zeventien jaar lang impressies en indrukken over de streek rond de Mojave woestijn en Owens vallei verzamelen vooraleer ze die als een aantal stukken zou publiceren onder de titel The Land Of Little Rain (1903). In dat werk beschrijft ze niet alleen de lokale fauna en flora, maar ook haar menselijke bewoners. Haar schrijfstijl en manier van beschrijven is daarbij zowel prozaïsch als gespeend van elke romantische insteek of een dominerend narratieve aanpak. Haar afstandelijke, waarnemende stijl heeft iets analytisch wetenschappelijk zonder meteen als dusdanig gekwalificeerd te worden. Het land van weinig regen wordt dan ook gerekend tot de zogenaamde natural writing, zoals eerst beoefend door onder meer de Engelse Gilbert White (1720-1793) en de Amerikaanse William Bartram (1739-1823).

Tot de bekendste namen van deze stroming behoren Charles Darwin (1809-1882) en Henry David Thoreau (1817-1862). Schrijvers die, in al hun verscheidenheid, een geoefend oog voor de natuur delen en het talent om hun observaties tot leven te brengen zonder daarbij in sentiment te vallen. Dat is ook de kracht van Austin, die in haar debuut weliswaar persoonlijke mijmeringen afwisselt met loutere observaties, maar nooit in de val van een verhaal op zich trapt en vooral de beschrijving vooropstelt zonder een oordeel te vellen. In de veertien verhalen/essays die het boek rijk is, staat ze stil bij uiteenlopende thema’s die net zozeer het leven van enkele (woestijn)dieren centraal kan stellen als dat van de menselijke bewoners van de streek. En of het nu mensen, dieren of natuurfenomenen betreft, Austin verraadt nooit meer dan een oppervlakkige relatie met haar onderwerp. Dat is in het bijzonder opvallend wanneer ze kennissen beschrijft en daarbij een antropologische blik hanteert die in een aantal lijnen de essentie van hun bestaan en verhoudingen weet te portretteren.

In ‘De mandenmaakster’ is dit bijvoorbeeld dat van Seyavi, een oudere Paiuti vrouw, aan de hand van wiens leven Austin ook iets vertelt over de gebruiken van de stam. Maar ook het leven van een goudzoeker wordt universeel gemaakt, net als dat van de inwoners van ‘Het dorp van de wijnstokken’. De sympathie die Austin voelt voor deze mensen die in harmonie met de natuur lijken te leven, verraadt ook (ten dele) haar afkeer van een doorgedreven modernisering. In ‘Het veld van mijn buurman’ komt dit het meest uitgesproken naar voren in de manier waarop ze beschrijft hoe het stuk land gecontesteerd en gebruikt wordt door verschillende partijen. Doordat het een tijdje grotendeels braak ligt, komen oude en nieuwe bewoners terug en vormt het een microkosmos die, zo laat ze weten, slechts van korte duur zal zijn want het veld zal opgedeeld worden in stadspercelen. In niet mis te verstane woorden laat ze weten hoezeer ze dit betreurt, al kan de lezer al zoveel afleiden uit de vorige pagina’s. Net als in tal van haar andere stukken toont ze zich hier immers de begenadigde beschrijver van de natuur en haar diverse bewoners.

Er spreekt zonder meer een liefde en fascinatie voor de natuur uit haar werk – de manier waarop ze in niet meer dan enkele zinnen een hele soort weet te vatten of met een terughoudend respect schrijft over hoe alles elkaar in evenwicht houdt en natuurfenomenen evenzeer deel uitmaken van het geheel spreekt boekdelen. Als een voorloper van het huidige klimaatdenken is Austin zelfs meermaals kritisch over hoe mensen, inclusief de Paiute, zich meester maken van de omgeving en hun invloed laten gelden waarbij hun doortocht sporen en littekens vormen. Het respect dat ze voor de natuur koestert, muteert gelukkig nooit naar een sacralisering, veeleer is het een nuchtere kijk op hoe de mens en de door hem gedomesticeerde dieren hoe dan ook een precair evenwicht verstoren met hun aanwezigheid.

De persoonlijke terzijdes en opmerkingen verlenen aan de essays van Austin een persoonlijke toets die wonderwel samengaat met haar meer objectieve beschrijvingen. Dat ze in de eerste plaats voor de stedelijke bevolking schreef die niet vertrouwd was met het landelijke leven en er vaak zelfs verkeerde opvattingen over koesterde, is daar niet vreemd aan. Het zorgt er ook voor dat haar reflecties ruim honderd jaar later nog even modern lezen en de lezer uitnodigen om zelf ter plekke de wonderen van de natuur te ondergaan. Om die reden vraagt Het land van weinig regen ook zijn tijd om te lezen, met niet meer dan een stuk per dag. Net als de natuur en mensen die haar onderwerp zijn, verzoeken haar stukjes om stil te staan bij het moment en alle indrukken ten volle op te nemen. In de Verenigde Staten geldt haar boek als een klassieker. Zelfs voor wie nooit voet in de VS heeft gezet, is perfect te begrijpen waarom.

8.5

recent

aanraders

Claire-Louise Bennett :: Dikke kus, Dag-Dag

Schrijf wat je kent, is een tip die zowat...

Seán Hewitt :: In donker weids alom

Een debuut van een meervoudig met zijn poëzie bekroonde...

Merethe Lindstrøm :: Dagen in de geschiedenis van stilte

Een vrouw leeft met een langzaam dementerende echtgenoot. Diezelfde...

verwant

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in