Whispering Sons + Newmoon :: 10 december 2016, AB Club

De Belgische ondergrondse zendt zijn zonen (en dochter) uit, en bewijst daarmee zelfs de club van de AB te kunnen vullen en van zijn sokken te blazen.

De nichegebieden van onze vaderlandse rock bloeien als nooit tevoren, en zaterdagavond mochten twee recentelijk aan de oppervlakte gekomen groepen de respectievelijke new wave- en shoegazetak daarvan vertegenwoordigen. Met Whispering Sons en Newmoon wordt mooi aan de pols gevoeld van wat er aan interessants in ons land te vinden is; de bands stonden dan ook heel dankbaar op het podium van een bemoedigend uitverkochte club. Newmoon-frontman Bert Cannaerts kon dan ook bijna niets anders uitbrengen dan uitgebreide maar oprechte dankwoorden voor en na elke song.

Die oprechtheid is ook wat beide groepen kenmerkt. Hier geen emotieloos gebracht verplicht nummertje, wel een frontvrouw en een frontman die zich gaven, maar wel elk op hun manier. Fenne Kuppens, zangeres van Whispering Sons dat hier mag openen, doet het eerder mysterieus: voorovergebogen, knieën plooiend en armen zwiepend wanneer het moet, en met een door rondzwierend haar verholen gelaat. Daaronder hameren de drums en bas van opener “Shadow”. Meteen wordt de zaal nog donkerder dan hij al was. De frontale gitaarlijn van “Midlife” schiet daarna als een kogel uit de loop en splitst de Club in twee, opgejaagd door jakkerende percussie. Die gitaar komt trouwens vaak ruiziger uit de hoek dan op plaat, wat voor een opentrekken van het geluid zorgt. Maar uiteindelijk blijft deze groep toch vooral het diepst geworteld in de zwarte jaren 80.

De groep weet echter te goed waar hij mee bezig is, en is passioneel genoeg om niet als doordeweekse copycats te worden neergezet. Ze gaan wel degelijk een eigen weg met het genre. De nieuwe nummers die hier in de AB gebracht worden, beloven bovendien veel goeds voor de toekomst. De groep blijft de zaal overspoelen met donkere pletwalsen als singles “Performance” en “Strange Identities” en hun ondertussen gekende, maar nog steeds beklijvende cover van “Break On Through” van The Doors. Een song die ze uitgebeend en volledig naar hun hand gezet hebben maar waarbij ondanks de andere interpretatie de unheimliche sfeer van het origineel zorgvuldig behouden blijft. Helaas leek het publiek nogal apathisch te blijven. Iedereen zat vooral wat in zijn eigen wereldje, wat jammer is wanneer een groep, en in dit geval zeker de frontvrouw, zo intensief haar muziek beleeft.

Bij Newmoon komt het publiek wat meer uit zijn schulp, mogelijk omdat de groep een stevige achterban mee had. Van bij het begin van het optreden was duidelijk dat wie zijn oren het liefst zo intact mogelijk wou houden tot het einde van de rit, hier een beetje aan het foute adres was. Opener “Head Of Stone” doet meteen een gigantische geluidsmuur, stevig aan elkaar gemetst door de drie gitaren van de groep, doorheen de AB golven. Het leek wel alsof Mogwai net zijn bom had laat vallen. “Life In The Sun” toont daarna de iets meer songgerichte kant van de groep. Ondertussen stuitert Cannaerts over het podium. Het spelplezier spat ervan af. Klein minpuntje hierbij: de groep speelt wel heel hard op volume, wat ervoor zorgt dat de subtielere details die soms te vinden zijn op Space, hier wat verloren gingen. Maar wie maalt daar echt om als je als luisteraar je ogen maar moet sluiten om weidse panorama’s te zien passeren.

Heel aangenaam waren ook de momenten waarop Newmoon teruggreep naar de alweer enkele jaren oude EP Invitation To Hold. Zo word je helemaal gevloerd door de emotionele kopstoot “Mask” met zijn lawine van gitaren en de tegenstelling tussen het verlangen van Cannaerts in de rustige passage tegenover de woede van de gitaaruithalen. Alle frustraties over dat ene meisje dat u nooit zag staan kon u hier met veel gemak afreageren. “Aria” daarentegen is in een parallel universum, waarin de sterren feller schijnen en de lucht ijler is, ongetwijfeld de perfecte popsong. Jammer dat de radio dat universum nog moet ontdekken. Hier hoor je ook dat Newmoon onder de shoegazewolken verdomd goed weet hoe het aanstekelijke – je zou zelfs bijna catchy kunnen schrijven, bijna – nummers moeten schrijven. Dat hebben ze gemeen met andere naar de jaren 90 lonkende groepen als The Pains Of Being Pure At Heart van hun debuut of Yuck (luister maar eens naar hun “Get Away”).

Voor “Skin” haalt de band zangeres Bab Buelens op het podium om het nummer van een mooie tweede stem te voorzien en iedereen te betoveren met haar verschijning. Ook single “Helium”, nog zo’n nummer dat uren airplay verdient, wordt enthousiast onthaald. Afsluiten doen ze met “Liberate The World”, dat ook op debuutplaat Space de deur toeslaat. Nog een laatste keer overdonderd worden door hun stormram, waarna de oren nog een hele nacht kunnen nazinderen. Het enige dat als puntje van kritiek aangestipt kan worden, is dat zowel Whispering Sons als Newmoon nog maar een beperkte hoeveelheid songs in hun bezit hebben en allebei nogal leunen op één heel kenmerkend geluid, wat ervoor zorgt dat deze concerten allebei niet langer hadden moeten duren. Anders had de verveling misschien wel wat kunnen toeslaan. Maar afgaande op de nieuwe nummers die Whispering Sons bracht, zal dit in de toekomst geen al te groot euvel meer zijn, en dat zal ongetwijfeld ook voor Newmoon gelden. Deze sterke avond bracht vooral twee veelbelovende debutanten die met passie op een podium staan en ongetwijfeld nog een mooie toekomst voor zich hebben.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

twee × 1 =