Eindejaarslijstje 2010 van Joke Langens

2010 werd het jaar waarin grootheden opnieuw rechtstonden en youngsters een gooi naar erkenning deden. Een jaar van bevestiging en verrassing, uitstekende doortochten op festivals, Belgische bands die het goed deden en eendagsvliegen gewapend met sterke songs. In zijn geheel een potpourri om in te kaderen.

  1. Beach House :: Teen Dream          Teen Dream maakte van Beach House in 2010, na twee geruisloze voorgangers, eindelijk een van de stake holders in de indiescene. Een plaat die meteen bij de keel grijpt, euforisch maakt en uw cd-speler wekenlang verboden terrein maakt voor alternatieven en dan plots in fases van plotse en aanhoudende onzichtbaarheid en herontdekkingen weet over te slaan. Maar we vroegen het ons al af in januari, waar Teen Dream zich op het eind van het jaar zou bevinden. Wat blijkt? Het album sluipt nog steeds rond in ons hoofd en weet ons, wanneer het inslaat, nog steeds evenzeer van de kaart te brengen.
  2. The Tallest Man On Earth :: The Wild Hunt           Even eenzaam als positief, even naakt als eerlijk en even fragiel als ijzersterk. En op hetzelfde moment gedragen door de buitengewone stem van de Zweed. Rots in de branding, in vier seizoenen.
  3. The Bear That Wasn’t :: And So It Is Morning Dew           De eerste langspeler van The Bear That Wasn’t was meteen een parel. De gezongen poëzie in sprookjesvorm met zijn kinderlijk naïeve waarheden komt met dit Iberisch weertje weer helemaal tot zijn recht en spoort vlotjes aan tot hele dagen wegkruipen onder uw deken en crème brûlée eten. Belgische klasse.
  4. Arcade Fire :: The Suburbs           Deze derde plaat van de Canadezen symboliseert het volwassen worden van een wereldband, met een wereldplaat en de wereldhit “We Used To Wait”. Stevige vlagen melancholie en nostalgie, die tegelijk even nuchter klinken als een vlaag sneeuw in uw gezicht bij het verlaten van uw stamcafé in een gat in de nacht. The Suburbs slaat een half jaar later nog steeds in als een bom.
  5. The National :: High Violet          
  6. Heel wat critici verloren zich bij High Violet met vergelijkingen over en weer tussen Boxer en deze nieuwe. Vergelijkingen die totaal overbodig bleken te zijn: High Violet is even groots als onvatbaar. Een dijk van een plaat.

  7. The Middle East :: The Recordings Of The Middle East          De Australiërs van The Middle East brachten met hun Recordings Of The Middle East aanstekelijke melodietjes. Parel “Blood” was het perfecte uithangbord.
  8. Gayngs :: Relayted           Een uit drieëntwintig personen bestaande groep — waaronder Justin Vernon en Andrew Bird — die een plaat uitbrengt geïnspireerd op 10CC’s “I’m Not In Love”. Relayted kan dus alleen maar klinken zoals hij ook werkelijk is: groots.
  9. Wolf Parade :: Expo 86           Origineel, cool, stevig, punky en vernieuwend op hetzelfde moment: knap.
  10. Kleurden 2010 mee in:
    9. Efterklang :: Magic Chairs
    10. Jónsi :: Go
    11. Marble Sounds :: Nice Is Good
    12. Local Natives :: Gorilla Manor
    13. Vampire Weekend :: Contra
    14. Dum Dum Girls :: I Will Be
    15. Flying Lotus :: Cosmogramma

    Nummers van het jaar: De meest infectueuze microbe van het jaar is ongetwijfeld “New Kids In Town” van kersverse Belgische revelatie School Is Cool, en dan nog bij voorkeur op die eigenste finale van Humo’s Rock Rally. Zelden zo’n aanstekelijke song gehoord die daarenboven ook nog eens niet snel op de heupen gaat werken. Verder werd het jaar getypeerd door frisse songs van de indielichting van 2010, songs als Avi Buffalo’s “What’s In It For”, “Let’s Go Surfing” van The Drums en Fanfarlo’s “Harald T. Wilins, Or How To Wait For A Very Long Time”, geflankeerd door “Radar Detector” van die malloot van een Darwin Deez en natuurlijk het meesterwerk “We Used To Wait” van Arcade Fire.

    In tegenstelling tot vorig jaar, dit jaar minder memorabele avonden in onze concertzalen, maar des te meer op de festivalweides. Het optreden van de iconen van Pavement op Les Ardentes wordt bij deze met stip aangeduid, omwille van de euforie. Ook School Is Cool (Pukkelpop) blijft in het geheugen gegrift, omwille van het onstuimige enthousiasme. Voeg hier de passage van Jónsi in de Marquee op Pukkelpop aan toe, omdat de soloplaat van het Sigur Rósboegbeeld live wél van de sokken weet te blazen. Verder verdienen ook Phosphorescent (STUK), omwille van de degelijkheid, The Antlers (Dour) omwille van de pijnlijke schoonheid en The Tallest Man On Earth (Pukkelpop) omwille van de krop in onze keel een plaatsje in de deze lijst.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

17 − drie =