Triggerfinger :: ”Schudden met uw gat, daar draait het om”

Goddeau werd verwacht in Trix, Antwerpen voor dit interview. Geen toeval: de kelder van Trix was maandenlang het repetitiekot van Triggerfinger in de embryonale fase van het even geweldige, geile als gevaarlijke All This Dancin’ Around, waarna ze naar de befaamde Sound City Studios in Los Angeles trokken. Maar voor deze plaat begon het dus aan de Singel in ’t Stad.

De heren van Triggerfinger zijn dat niet vergeten en geven er vanavond een feestje voor vrienden en wie nauw betrokken was bij de plaat. Later op de avond zullen ze de plaat, op vinyl, knalhard door de boxen van het Trixcafé jagen. Voor het interview wil Ruben Block toch al eens horen wat dat geeft. Wanneer hij het vinyl pas in handen heeft gekregen, legt hij de plaat op, trekt de schuif van de installatie volledig open en staat al gauw samen met drummer Mario Goossens in het midden van het café om te checken hoe All This Dancin’ Around vollenbak klinkt. De grijns naar Goossens wanneer het alles verzengende “My Baby’s Gotta Gun” losbarst, spreekt boekdelen. Veel te weinig bands zijn zo verrukt met hun recentste plaat als Triggerfinger met hun demonische derde. Na een half uur luisteren naar deze plaat zoals er altijd geluisterd zou moeten worden — als naar een liveconcert dat in uw keuken plaatsvindt — is het tijd voor een half uur luisteren naar het hoe, wat en waarom van Triggerfingers beste plaat tot dusver.

“De roll in de rock”

Mario Goossens (drums): “Het is gemakkelijk om luid te spelen, maar het is veel moeilijker om iets swingends te maken, om de seks erin te houden. We zijn daar wel altijd mee bezig geweest. Het heeft vooral te maken met de groove. Zoals James Brown: die man is pure seks, dat is groove, dat is shaken. Hij moet het ook niet hebben van om ter luidst krijsen. Nee, dat schudden met uw gat, dat is een van de belangrijkste aspecten binnen de rock-’n-roll, het is de roll in de rock houden, eigenlijk. Daar hebben we voor deze plaat ook stevig aan gewerkt. Ik denk dat naar ginder gaan, met producer Greg Gordon werken, de vibe van LA beleven, ons heeft geholpen.”
Block (zang/gitaar): “Naar die groove zijn we ook op zoek als we nieuwe muziek beluisteren. Daar zijn we zelf fan van. En we zijn ook lang live aan het spelen. Met elke plaat zijn we vier jaar onderweg. Het is de bedoeling dat je onderweg spelenderwijs bijleert, dat is een job die nooit gedaan is.”

Op de radio klinkt plots hun single “All This Dancin’ Around”. Block schrikt op: “Amai, dat is de eerste keer dat ik dat hoor op de radio. (luistert) Het is wel ok precies. Dat klinkt anders, omdat er nog een soort eindcompressie op de radio zit. Maar bon, het moet op kleine speakers ook goed klinken.”
Goossens: “Ze zeggen: “‘de radio is tegenwoordig gemaakt om niet meer te storen’.” En wij storen daar te hard op. Gelukkig maar dat je de plaat kunt meenemen en bijvoorbeeld loeihard in je auto kunt opzetten. Dat is destijds ook met Nirvana gebeurd, toen je dat op de radio hoorde. Dat was ook een knal. Niet dat ik ons daarmee wil vergelijken, maar als ik onze plaat zelf hoor denk ik ‘Fuck yeah, ik krijg zin om te dansen’.”

“Die meneren gaan mij pijn doen”

Toen Triggerfinger ruim een jaar geleden een stukje “First Taste” in de talkshow “De Wereld Draait Door” speelde, deinsde tv-presentator Paul Witteman in het publiek geschrokken achteruit. Genieten jullie daar zo mogelijk nog meer van dan voor een uitgelaten bende te spelen?
Block: “Weet je, er gaat niks boven dat podium van de AB opstappen en horen hoe een volle zaal z’n keel openzet. Ik zweer het u, de haren in uw nek komen recht. Maar langs de andere kant is het ook fijn om op een festival te spelen waar geen hond u kent, daar van wal te steken, en tijdens de eerste drie nummers verschrikte gezichtjes op de eerste rij te zien: die meneren gaan mij pijn doen. Da’s ook graaf (lacht).”

Over live spelen gesproken: die minuut van “First Taste” volstond voor de grote doorbraak in Nederland. Hoe zit dat voor de rest in Europa? Want deze plaat straalt veel ambitie uit.
Block: “Je pakt de stappen zoals die komen. En we zijn in Europa al wel een tijd bezig. In Zwitserland, Frankrijk en Duitsland draaien wij nu ongeveer break even, en dat is al veel. Je maakt een plaat naar je beste vermogen, je brengt die uit en je begint te spelen wat je kunt krijgen, wat de markt u aanbiedt — nu stel ik het iets zakelijker voor dan het bedoeld is — en daar probeer je aan te werken en dat op te bouwen. Weet je, je probeert gewoon mooie dingen te maken en concerten te spelen die spannend genoeg zijn voor jezelf, en dat is het enige uitgangspunt dat je in onze ogen kunt hebben. We hadden begot niet gedacht dat we nu drie keer in de AB zouden spelen. Er is veel gebeurd de afgelopen drie jaar — en dat is waanzinnig fijn om dat mee te maken — maar niets zegt ons dat dat de volgende keer ook zo zal zijn. We zitten nu in een waanzinnig fijne periode, we zitten met een plaat waar we on-ge-loof-lijk blij mee zijn, we hebben fantastisch coole vooruitzichten doordat we onder andere in grote zalen kunnen gaan spelen… Laat ons ervan genieten en laat ons die fijne energie gebruiken.”

Triggerfinger moet een van de hardst werkende bands van het moment zijn, veel tijd voor vakantie is er blijkbaar niet.
Goossens: “Ik heb er momenteel ook totaal geen behoefte aan. Ik kijk er echt naar uit om dit nieuwe materiaal te spelen, met frisse moed. Zeker nu we ook twee keer Paradiso uitverkopen in Nederland. Echt gek wat zo’n minuut in De Wereld Draait Door teweeg kan brengen. Een half jaar later spelen we op alle festivals en zie je steeds meer volk dat speciaal naar u komt kijken. Dat is fantastisch. En nu dus: weer spelen, terug naar het buitenland en dan opnieuw een plaat maken!”

One hand yoga

Triggerfinger is er altijd in geslaagd geen pastische of louter een stijloefening te worden op rock-’n-roll van de jaren zeventig, zoals een band als Wolfmother (ook geproducet door Greg Gordon) dat bijvoorbeeld wel is.
Block: “Wij opereren binnen een bepaalde esthetiek, en die limiteert zich niet tot heel uitgesproken stijloefeningen, en die stijlen verweven we ook vaak aan elkaar in één nummer. Het is niet zo dat wij bv. één uitgesproken Mick Jaggernummer hebben; sommige nummers hebben ook een blues of een rockabillyslag. Wij willen er vooral een vibe insteken die eigen is aan onze groep. Dat merken we meestal snel: als we met z’n drieën content zijn, weten we direct dat het goed zit, en als we aarzelen gaan we op zoek naar wat er nog ontbreekt om er echt een Triggerfingernummer van te maken.”

De lichtjes legendarische Sound City Studios in Los Angeles (waar Nirvana, Queens Of The Stone Age en Rage Against The Machine, maar ook Neil Young (After The Gold Rush) en Johnny Cash (American Recordings I) hun beste platen hebben opgenomen) hebben ook een ontzettend belangrijke rol gespeeld in het tot stand komen van deze plaat.
Block: “Die studio heeft de goede basis: goede ruimte, goede mengtafel, goede mensen, goede randapparatuur maar niet te veel, goede microfoons en dan een gast als Gordon die in het verlengde ligt van waar je naartoe wilt. Daar hangt magie in de lucht, maar je mag dat niet overdrijven.”

In zulke omstandigheden ontstaan er al snel speciale rituelen, zoals ochtendlijke jogsessies, yoga… Niet zo bij Triggerfinger.
Block: “Ons ritueel was: ’s morgens opstaan, tien minuten later met ons kloten in het zwembad liggen, nog een kwartier later in onze grote, gehuurde, witte Ford SUV stappen, loaded with coffee, naar Milly’s rijden, alwaar we van een fantastisch ontbijt genoten bestaande uit een full stack of pancakes of Milly’s tasty spicy tacco’s — echt keilekker (lacht). Dan, hop, een dagje studio, terug naar huis, en de volgende dag hetzelfde recept. En dat een maand aan een stuk. Fantastisch gewoon. En lachen, gieren, brullen.”
Van Bruystegem: “En yoga ook een beetje hoor. One hand yoga” (hilariteit).

“Hey maat, zeg het maar”

En dan was er nog producer Greg Gordon, die Mario Goossens kende van werken met The Black Box Revelation. De man die met Slayer, LL Cool J en Oasis werkte. En nog 1001 anderen. Ook voor hem bleek werken met Triggerfinger verrassingen in te houden.

Block: “Gordon heeft niet echt iets van ons geleerd, alleen merkten we wel dat hij zó live opnemen zoals bij ons het geval was, nog niet vaak had gedaan. Maar toch is het altijd de vraag bij het begin van de opnames: ‘Hoe werkt die gast?’ Met zijn palmares moet je niet binnenkomen en zeggen: ‘Hey maat, het zal zus en zo zijn’. Nee dat is eerder: ‘Hey maat, zeg het maar. Waar wil je ons hebben?’”

“Toen we aan het soundchecken waren, kwam hij de ruimte binnen en zei hij al: ‘Zoals jullie dat nummer spelen, dat is in balans. Jullie groep is in balans. Laten we dat in één take opnemen.’ Het was echt: zo klinken wij. Waarom moeten we het de komende tijd moeilijker gaan maken? En dan valt er plots zo’n last van je schouders. Hij wist al snel perfect hoe wij moeten klinken. En wij moesten alleen nog maar een motherfucker van een take spelen. Het was vaak echt niet meer dan dat. Er zijn effectief twee nummers die wij volledig live gespeeld hebben. Er zijn natuurlijk wel wat overdubs geweest op sommige nummers, maar de basis was: live spelen en dat geluid op tape krijgen.”

Goossens: “Van taalbarrières hebben we ook geen last gehad. Muziek is universeel hé. Je spreekt dat, je speelt dat, je voelt dat. Gordon danst achter zijn tafel als hij aan het mixen is, speelt luchtgitaar… Ondanks zijn palmares blijft hij dat kleine kind, dat ontzettend graag doet wat hij doet. Als je een idee hebt, zegt hij bijna gevaarlijk enthousiast: ‘Ja, dat gaan we proberen!’ (lacht) Hier daarentegen wordt er al sneller gezucht dat zoiets al gedaan is, er heerst al snel een down sfeertje. In België mag je precies niet fier zijn op jezelf. Alleen daarom al moet je als groep je grenzen kunnen verleggen. Wel, wij zijn fier op deze plaat. Mag dat even? Maar goed ook, zou ik zeggen.”

In geen enkel interview of recensie tot dusver na All This Dancin’ Around duikt de vraag op hoe het komt dat Triggerfinger zijn legendarische livereputatie niet gemakkelijk op plaat krijgt. Dat was de vorige jaren wel even anders. Block knikt.
Block: “Nu is het er bonk op. Je moet dat ook leren, wij hebben dat althans moeten leren. Misschien waren we er nu klaar voor om deze plaat te maken.”
Van Bruystegem: “De vorige keren deden we ook alles zelf, speelden we zelf studiooke. Daar kwam dan ook een hoop zever bij kijken waar je achteraf gezien misschien veel van leert, maar het moment zelf vooral veel tijd mee verliest. Nu hebben we met die mannen van de studio ontzettend hard gelachen, maar die waren ook superprofessioneel. Ik herinner me dat er op een bepaald moment iets niet werkte, vraag me niet meer wat, en de assistent werd ter orde geroepen: ‘Wel gast, dat moet binnen de vijftien minuten weer werken.’ Die kerel begon daar te zweten (lacht), maar het werkte wel snel terug. The show must go on.

Onnozele zot

Block: “Er is geen remedie of recept om een perfecte plaat te maken. Dat wil niet zeggen dat je uit een conflictsituatie geen goede plaat kunt maken. Het kan best wel louterend zijn dat je muziek in vraag wordt gesteld, dat je moet strijden voor je ideeën, maar in ons geval was dit een fantastische ervaring en dat heeft geloond.”

En hoe zit dat ten slotte met de teksten? Naar een Triggerfingerconcert ga je bezwaarlijk om teksten woord voor woord mee te lippen, en veel over de teksten wordt er ook niet gepraat in interviews. Zoals nu ook weer niet.
Block: “Versta me niet verkeerd: de tekst moet kloppen. Dat wil niet zeggen dat het allemaal zwaarmoedig en diepzinnig moet zijn — absoluut niet — een goede tekst is een goede tekst. “Beebabalooba, she’s my baby” is een waanzinnig goede tekst. Het mag soms echter ook wat gecompliceerder zijn, ik denk dat ik ook daarin op deze plaat de perfecte balans gevonden heb tussen dingen die dieper snijden en wat lichtvoetiger zijn. Die teksten dienen ook niet om heel mijn leven in uit te smeren. Daar heb ik absoluut geen behoefte aan, en daar gaat het bij ons ook niet om.”
Van Bruystegem: “En ik vind het heel comfortabel dat dat gescheiden blijft.”
Block: “Als de buitenwereld mij ziet als een onnozele zot die met zijn gitaar staat te wapperen op het podium, heb ik daar vrede mee.” (lacht)

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

5 × 2 =